donderdag 28 februari 2013

Atmosferisch perspectief

Het zijn drukke tijden voor ons. Woensdag is mijn vrije dag, dus dan plannen we zoveel mogelijk zaken rondom de bouw. Gisteren begonnen we met een rondgang door ons nieuwe huis. De installateur kwam om samen met ons de stopcontacten en schakelaars af te tekenen. Dinsdagmiddag hadden E. en ik al een voorbereidingsrondje gedaan. Je moet daarvoor namelijk toch wel enig idee hebben van hoe je je huis in wilt richten. Na deze ronde waren we tot op het bot verkleumd.

Na de middag reisden we af naar Friesland om onze trap te kiezen. Omdat het op de route ligt, rijden we de terugreis over Grootegast om te kijken naar trapspijlen, Groningse schoorsteenborden, deurroosters en levensbomen. In de trappenfabriek slagen we. We zijn het eens over de houtsoort en de afwerking. Ook het Groningse schoorsteenbord levert geen problemen op. De deurroosters leveren meer problemen op. De roosters die we mooi vinden worden niet geleverd in de lengtemaat die we nodig hebben. En de roosters die we wel in de lengtemaat kunnen krijgen, vinden we minder mooi. Daar moeten we ons dus nog even verder in verdiepen.

Op de heenreis schijnt de zon. Vanaf de snelweg hebben we een weids uitzicht over het Friese land. Het Friese land is weids, maar niet Gronings weids. In de verte tekenen zich houtwallen en dorpjes af. Het is zonovergoten en een beetje heiig daar waar de horizon het land raakt. "Kijk, een atmosferisch perspectief", zegt E. Zo heet dat dus. Mooi.

Vandaag weer een goed gevulde werkdag met steeds een lichte hoofdpijn. Nu lonkt vooral het perspectief van het bed: ik ben bekaf.

dinsdag 26 februari 2013

Het betere knovvelwaark

Vanmorgen maakte onze zoon kennis met de gezondheidszorg. Veel ervaring heeft hij gelukkig nog niet. Maar vanmorgen kwam het er dan toch even van. Het schoot hem namelijk in de rug. Bewegen was direct schier onmogelijk. Tja, wat doe je dan? Je belt de huisarts, de poortwachter van de gezondheidszorg. Na een kwartier wachten krijgt hij de assistente aan de lijn. Hij hoeft niet te komen, zegt ze. "Rusten en de gebruikelijke dosis pijnstillers nemen" is het devies. Onze zoon is helemaal niet bekend met gebruikelijke doses pijnstillers. Hij heeft dus meer toelichting nodig en verneemt dan dat 3 maal daags twee paracetamol de toegestane dosis is. Maar gewoon maar een beetje afwachten tot het over is met behulp van pijnstillers, dat lijkt hem toch niets. Dat is niet zijn stijl. Dus belt hij de fysiotherapeute van zijn sportschool en daar kan hij binnen anderhalf uur terecht. Ook met fysiotherapie heeft hij niet veel ervaring. Hij ziet het dan ook met de nodige scepsis tegemoet.

Om de tijd even te overbruggen belt hij met twee ervaringsdeskundigen: zijn opa en oma. En zo maakt hij dan ook kennis met het Gronings jargon voor rugklachten. "Is die t in n kloet schoten?", vraagt mijn moeder hem. En ja, zo geeft hij toe, zo voelt het wel 'n beetje. Ook mijn vader deelt zijn ervaringen. Hij vindt het een prima idee dat onze zoon naar de fysiotherapeut gaat. "Dat beknovveln helpt goud", zegt hij. "Gain zaalfstriekerij, dat is gain cent weerd".

En inderdaad, het 'beknovveln' heeft geholpen: het was het betere knovvelwaark. Als ik vanavond thuiskom, zijn de scherpste randjes er weer af. Gelukkig maar.  


maandag 25 februari 2013

Steiger ontmanteld

Hier lag alles nog op zijn plek
De bouw raakt nu echt in een stroomversnelling. Het dak zit erop, de schoorstenen staan en nu kunnen de pannen er dus op. Nog even en de steiger kan worden afgebroken. Maar zover is het nog niet. Des te vervelender dat de bouwers vanmorgen een steiger ontdaan van alle steigerplanken aantroffen. Die zijn dit weekend gestolen. Alleen aan de voorkant lagen de planken er nog op.

Met aftrek van de voorzijde van het huis hebben we het dan over maar liefst 31 meter steiger. Niet iets wat je ongemerkt even meeneemt zou je zo zeggen. Maar het lijkt erop dat de dieven ermee weg zijn gekomen.

Het schijnt schering en inslag te zijn: diefstal op bouwplaatsen. Vooral bouwmaterialen en machines zijn populair. Onze aannemer ziet erop toe dat de bouwplaats netjes is en dat er geen spullen rondslingeren. Bij de aanvoer van bouwmaterialen houdt hij er rekening mee dat ze snel worden verwerkt. Maar wie verzint het nou dat je een steiger ontmantelt? Ik had het in ieder geval niet kunnen bedenken.

zaterdag 23 februari 2013

Vind woorden voor wat je wel bent

Denk niet aan een roze olifant. Dik kans dat je nu aan een roze olifant denkt. Het lijkt alsof ons brein een ontkenning niet goed kan verwerken. Ik lees dit vandaag nog weer eens in Tekstblad, een leuk blad waarop ik ben geabonneerd. Als je een fout beeld ontkent, dan blijft juist het foute beeld hangen en niet de ontkenning ervan. Het is een fascinerend fenomeen. 

Ons brein kan de ontkenning wel verwerken, zo lees ik in het artikel, de specifieke formulering vervaagt alleen. Wat dan blijft hangen is juist het verband dat je niet wilt. Als Wouter Bos zich verdedigt en zegt: "Ik ben geen draaikont", dan blijft uiteindelijk de link tussen Wouter Bos en draaikont hangen. Dat heeft ermee te maken dat er in je hersenen een netwerk aan associaties wordt aangeboord bij het belangrijkste woord in de zin: draaikont. Het woord niet valt letterlijk in het niet.

Het is dan ook een van de grondregels als je omgaat met de pers: herhaal nooit een ongewenst beeld. Door het te herhalen, ook als je het ontkent, versterk je het beeld alleen maar. Des te onbegrijpelijker is het dan ook dat bijvoorbeeld de Rijksvoorlichtingsdienst ooit verklaarde dat prins Johan Friso niet homoseksueel was. Dat is de beste manier om de koppeling tussen Johan Friso en homoseksualiteit in stand te houden. Op het werk was er ooit iemand die in een interview zei dat hij God niet was... Is taal niet prachtig?

Hoe je ongewenste beelden dan kunt voorkomen? Het advies in Tekstblad is even eenvoudig als ingewikkeld: vind woorden voor wat je wel bent (en wat je wel wilt).  

donderdag 21 februari 2013

Een goed gevulde onderlip

Vanmorgen reizen E. en ik naar de natuursteenhandelaar. We zoeken een blad voor in de badkamer. Ik ging al eerder op vooronderzoek uit. Deze keer worden we door iemand anders geholpen. Het verloopt prettig en we komen vooruit tijdens deze sessie.

Op de terugweg in de auto zeg ik tegen E."Is het je wel opgevallen dat deze man een zeer goed gevulde onderlip had?" Nee, dat was E. niet opgevallen. Mij wel natuurlijk, ik werd er zelfs erg door afgeleid. Hij leek namelijk heel erg op de onderlip van een tante. Haar dochter heeft 'm ook, haar broer en zus ook, net als haar vader. "Zou het familie zijn?", vraag ik hardop denkend aan E. "Het is wel een heel kenmerkend detail." Net als kuiltjes in je wang en een billenkin. Die zitten meestal ook in de familie. Meestal gaat een goed gevulde onderlip samen met een dunne bovenlip, maar dat was bij hem niet het geval. Dat geeft een heel ander effect. Door mannen wordt dit vaak met een snor gecamoufleerd. Combineer je een goed gevulde onderlip met een goed gevulde bovenlip, dan heb je smoklippen. Dat was bij hem ook niet het geval: hij had een normale bovenlip in combinatie met een goed gevulde onderlip met een kuiltje. Dat zie je niet zo vaak. Fascinerend gewoon. 

Ik heb geprobeerd om het met een foto te illustreren, maar ik vond geen foto die paste. Zo bijzonder is het!

woensdag 20 februari 2013

Lost in Hassen

Ander favoriet tijdverdrijf
Vandaag ging ik shoppen met de jongste. Het is een van haar favoriete bezigheden. Ze heeft een uitgesproken smaak en weet precies wat ze wel en niet wil. Mooi is dat ze meer wel dan niet wil. Dit in tegenstelling tot mijn andere twee kinderen. Die weten ook precies wat ze wel en niet willen, maar die willen meer niet dan wel.

Wat de jongste wil is niet doorsnee. En ik stimuleer dat, waarom ook niet? Vandaag mocht ze kiezen waar ze graag wilde shoppen- mits het niet al te ver van huis was. Zelf ga ik graag naar Winschoten -liever dan naar de stad Groningen, alhoewel we ook daar wel eens gaan shoppen. Vandaag koos ze voor Assen, of zoals wij als echte Groningers zeggen: Hassen (en niet Oogeveen). We hebben ons uitstekend vermaakt in deze voor ons niet zo heel bekende stad.
We parkeerden de auto onder het theater De Kolk. Toen het na een schier eindeloze shopsessie tijd werd om weer naar huis te gaan, waren we dusdanig gedesoriënteerd, dat we geen idee meer hadden waar De Kolk stond. Als ik met de auto de weg kwijt ben, rij ik gewoon iemand klem. En dan vraag ik de weg (je moet wat zonder Tomtom). In dit geval was dat niet mogelijk, want ik was zonder auto. Dus vragen we maar even bij de drogist. De beide dames vinden het zeer vermakelijk. Lost in Hassen, dat gebeurt blijkbaar niet zo vaak.

dinsdag 19 februari 2013

Verschil maken

Jaren geleden raakte ik als student Nederlandse taal- en letterkunde verzeild in de geestelijke gezondheidszorg. Ze zochten iemand die begrijpelijke folders kon schrijven en ik voldeed aan die eis. Heel vooruitstrevend was dat destijds van de voorganger van mijn huidige werkgever. Ik had nog helemaal niet echt nagedacht over mijn verdere toekomst: eerst maar eens mijn scriptie afronden. Ik had een eerstegraads onderwijsbevoegdheid en een lonkend perspectief in de vorm van een onderzoeksbaantje. Dus ik dacht een heel andere kant op te gaan. Maar toen ik werd benaderd, dacht ik: waarom niet? Dat ik uiteindelijk gekozen werd was mooi meegenomen.

Het mag dan toeval zijn dat ik verzeild raakte in de ggz, dat ik er bleef was geen toeval. Dat was een keuze. Een keuze die ik vol overtuiging heb gemaakt en nog iedere dag weer zou maken. Vanuit mijn vakgebied zou ik immers ook een andere kant op kunnen gaan. Ik had ook communicatie-adviseur bij een koekjesfabriek kunnen worden. Die mogelijkheid deed zich niet voor, maar ik had wel in een groot ziekenhuis in de regio kunnen werken, of bij de universiteit bijvoorbeeld. Maar daar koos ik niet voor.

Waarom dan die keuze voor de ggz? Een koekje is misschien lekker, dat geeft je even een goed gevoel, maar dat is niet blijvend. In de ggz is dat anders. Het geeft een blijvend goed gevoel om onderdeel uit te maken van een sector die verschil kan maken in het leven van mensen. Want dat doen we namelijk, iedere dag weer.

zondag 17 februari 2013

Sport kijken

Zondagavond kijkt E. Studio Sport. Hij is gelukkig geen dwangmatige sportkijker, maar op zondagavond kijkt hij graag. En als zijn partner in een langdurige sterke relatie met veel intimiteit en wederzijdse waardering, gun ik hem dat graag. (Heb je het idee dat de tekst hiervoor geleende tekst is? Dat klopt! Vrijdag kocht ik het voor mij nieuwe blad de Liefde en uit dat blad haal ik dit soort mooie teksten.)

Het hoogtepunt van iedere uitzending van Studio Sport is natuurlijk de wedstrijd van FC Groningen. Deze keer was de tegenstander Vitesse. E. hecht eraan dat hij de uitslag van de wedstrijd niet kent. Ooit was dat anders. Toen woonden we aan de rand van het Oosterpark en hoorden we het wel als Groningen scoorde. En als ons dat was ontgaan, dan zagen we wel aan de voorbijtrekkende supporters of de uitslag gunstig of ongunstig voor Groningen was.

Maar als het even kan wil hij het dus niet weten. Op die manier houdt hij de spanning er nog even in. Ik heb daar zelf geen behoefte aan, dus soms check ik het even. Vooral nu we het niet zo goed doen: iedere keer verwacht ik de kentering en de opmars naar boven. "Wil je het weten?", vraagt de jongste aan mij. Ik knik. Ze zoekt het op en fluistert me de uitslag in het oor. "Balen hè?", zegt ze dan hardop. "Nou bedankt", zegt E. "Nou het kan toch ook zijn dat ik dat zeg omdat Vitesse verliest?", zegt ze. Maar we weten beter: een 2-0 nederlaag.

vrijdag 15 februari 2013

Kaascriminaliteit

"Weet je wel dat papa bij jouw kaas heeft gezeten? Hij is een echte kaasdief.", zegt de jongste. Ik wist het niet, maar het verbaast me niets. Als het om kaas gaat is E. tot alles in staat, desnoods tot  kaascriminaliteit.

Een tijdje geleden ben ik overgestapt op 30+ kaas. Dat neem ik 's morgens op mijn roggebroodje of op rijstwafels. Heerlijk. Ik ben een bescheiden kaasverbruiker. E. is daarentegen een grootverbruiker. Naar eigen zeggen zou zijn leven geen cent meer waard zijn als hij geen kaas kon eten.

Dus gaan E. en ik iedere vrijdag naar het kaaswinkeltje in het winkelcentrum. Daar halen we onze pittige belegen 30+ kaas. Voor een echte kaasliefhebber is het een walhalla: de 'kezige' luchten komen je al van ver tegemoet. Als vaste klanten hebben we inmiddels ook een klantenkaart.

Vorige week misten we het vrijdagritueel en dus kochten we niet onze vaste voorraad pittige belegen 30+ kaas. In plaats daarvan nam ik een doosje 30+ plakken mee voor mezelf en voor de rest van de familie een volvette kaas. Eerlijk is eerlijk: ze konden niet tippen aan de kaas van het kaaswinkeltje. En zo kwam E. tot zijn kaascriminaliteit. "Papa zei: dat is dus kiezen tussen kaas zonder smaak mèt of  zonder vet. Nou dan maar zonder vet." En daarmee was het een feit: kaascriminaliteit.

woensdag 13 februari 2013

Een keiharde opvoeding

Onze kinderen vinden dat ze een keiharde opvoeding hebben gehad - en nog krijgen. Alhoewel onze zoon vindt dat we bij de jongste verslappen. "Daarom moet je op oudere leeftijd ook geen kinderen meer krijgen", zeg ik tegen hem. "Als ik nu kinderen zou krijgen, zou ik ze tot op het bot verwennen." Dan hadden ze die keiharde opvoeding moeten missen.

Hoe keihard die opvoeding was? Nou, ze mochten bijvoorbeeld niet voortdurend televisie kijken. En bij ons in huis had je niet overal televisies. Zeker niet voor elk een op de kamer. Veel van hun klasgenoten keken -als we ze moeten geloven- 24/7 televisie. En nee, dat vonden wij niet goed. Keihard maar waar. "Papa zei dan altijd zet m mor eevm op drij*", zegt onze zoon om de ongekende hardheid van  onze opvoeding te onderstrepen.

Nog een voorbeeld van onze keiharde opvoeding? Ze kregen altijd een appel mee naar school. Ja, een appel! Als we onze kinderen moeten geloven waren zij de enigen die een appel meekregen. Gevulde koeken, zakjes chips, dat was gewoon en natuurlijk het betere werk. 

We zijn bezig met de laatste opvoedingslootjes. De oudste is uit huis, zij komt hooguit nog een consult bij ons vragen. En de andere twee zijn 18 en 15. Ik zou liegen als ik zou zeggen dat er niets meer bij te sturen valt, maar de keiharde basis is gelegd.

*Nederland 3

dinsdag 12 februari 2013

Angst overwinnen

Vandaag heb ik een angst overwonnen. De bouw van ons huis is nu zover gevorderd, dat we via een steiger rondom de bovenverdieping kunnen bekijken. En vandaag heb ik die steiger beklommen. Ik heb zelfs rondgewandeld! Zonder me krampachtig ergens aan vast te houden!! Gewoon met de handen in de zak!!! Dat is een enorme overwinning omdat ik hoogtevrees heb. Ik denk dat ik val of naar beneden gezogen word. Ik kan zelfs niet goed kijken naar beelden van anderen die op grote hoogte werken. Maar vandaag heb ik het gedaan. Als je een brand hebt overleefd kun je een wandeling over een steiger ook wel aan.

Een aantal jaren geleden was dat nog heel anders. Toen hadden de buren een steiger naast het huis staan. Ik dacht dat dat een mooie gelegenheid was om de bovenkant van de muren van ons witte huis af te boenen. Eerst maar eens even kijken, dacht ik. Het was niet zo'n probleem om boven te komen. Maar toen ik daar eenmaal was bleek er een gat in de steiger te zitten. Een tijdlang heb ik me vastgehouden aan de goot van de buren. Bevroren hing ik daar: vastgeplakt tegen de muur. Na een tijdje vatte ik het plan op om E. te roepen. Eerst probeerde ik het nog discreet, maar er was meer volume nodig om E. uit het huis te krijgen. "Haal me van die steiger af", zeg ik tegen E. "Wat doe je daar eigenlijk op die steiger?", vraagt E. Ik leg uit dat ik het huis af wilde boenen. "Nou, nu je daar toch bent, dan moet je dat ook maar doen.", was zijn antwoord en hij bracht me een emmer. Het was duidelijk: E. ging me niet helpen, ik had geen mobiele telefoon bij me en kon de brandweer dus niet inschakelen. Uiteindelijk ben ik zelf de steiger weer afgeklommen. E. onderaan de trap om me eventueel op te vangen.

Zo zie je maar weer. Dat was toen, nu is alles anders. Alles waar je niet dood aan gaat, maakt je sterker.

Foto's heb ik niet gemaakt. Ik heb er niet eens aan gedacht. Zo ontspannen was ik nou ook weer niet. 

maandag 11 februari 2013

The higher the hair...

Ik had vandaag een bad hairday. Het zat gewoon niet: een graadje vorst en het hangt lusteloos om mijn hoofd. Dat heeft misschien ook te maken met het feit dat ik verder geen toevoegingen gebruik. Geen mousse, geen haarlak, geen enkele vorm van versteviging. Vandaag was een haarlakje op zijn plaats geweest. Beetje touperen misschien voor een beetje volume. Ik ga natuurlijk niet voor echt big hair.

Dat is wel anders bij de serie Toddlers and Tiaras. Kleine meisjes worden daar door hun moeders als levende poppen aangekleed. Compleet met make up, valse wimpers en big hair gaan ze met elkaar de competitie aan wie de mooiste is. Ik heb er even met open mond naar zitten kijken. Een moeder snoerde haar toch al ranke dochter flink in en een ander toupeerde het haar tot indrukwekkende hoogte. Waarom big hair? Een Texaanse moeder liet daar geen misverstand over bestaan: the higher the hair, the closer to the Lord

zondag 10 februari 2013

Even voorstellen: Rainbow Crescent Dancer

"Weet jij wel wat je yoginaam is?", vraagt de oudste me. Ik weet natuurlijk niet wat mijn yoginaam is en ik heb natuurlijk ook helemaal geen yoginaam nodig. "Ik stuur het wel even door", zegt ze en even later heb ik een yoginaamgenerator in mijn postvak zitten.

25 jaar geleden heb ik ooit eens een periode aan yoga gedaan. Ik ging mee met de bovenbuurvrouw, de aanstichtster van ons yoga-avontuur. Al snel bleek dat ik niet echt in de wieg gelegd was voor yoga. Het enige wat ik me herinner van de les is dat we ons moesten concentreren op onze anus. Dat had op mij -heel kinderachtig natuurlijk- een slappe-lach-effect. Ik moest me de hele yogales tot het uiterste inspannen om niet in lachen uit te barsten. Dat zou de serene sfeer pas goed om zeep helpen. Dus van ontspanning was niet echt sprake. Ik werd er enorm druk van en kwam vaak gierend van de lach bij E. thuis. Daar gaf ik dan demonstraties van de yogales en imitaties van de yogaleraar. Als ik boezemvriendin moet geloven, dan ebde dat effect ook op het werk nog flink na.

Op een gegeven moment zei E. vertwijfeld: "Kun je niet gewoon iets gaan doen waarbij je je energie kwijt kunt. Hardlopen of zo?" En zo kwam er dan een eind aan mijn yoga-avontuur. Ik ben dus nooit een yogi geworden. Dat is de enige conclusie die ik kan trekken als ik de omschrijving in Wikipedia lees: Een yogi is iemand die zijn lichaam en geest onder volledige controle tracht te brengen. Het na te streven doel is tot volledig geluk en kennis te komen. Een yogi wordt pas een yogi als yoga in al zijn aspecten gedurende de gehele dag en nacht zijn wezen beïnvloedt.

Hoe anders had het allemaal kunnen lopen als ik wel was doorgegaan met de yoga. Dan was ik nu na 25 jaar een geoefende yogi met de naam Rainbow Crescent Dancer geweest.


 

zaterdag 9 februari 2013

Ik vind je lekker

Wij hebben nu een weekendrelatie met onze oudste. Door de week zit ze in Enschede. Daar heeft ze een bijzonder druk leven. Ze studeert, vergadert en feest wat af. Soms heeft ze het zo druk, dat ze even een nachtrustje overslaat. Zoals donderdag. Na een lezing en een etentje feestte ze tot in de kleine uurtjes. En aan dat feestje heeft ze iets overgehouden. Geen kater, maar een liedje. En dat liedje zingt ze nu voortdurend. Inmiddels zingen we dat liedje allemaal, want het blijft enorm hangen. De video is te erg, dus die plaats ik niet, maar ze zong het even in voor Talking Tom:




donderdag 7 februari 2013

Stuik en Puik

Beetje reclame voor onze aannemer
De bouw van ons huis vordert gestaag. Iedere dag zie je dat het verder komt, ook al hebben we nu weer winter. Voor ons is het dan ook zaak om besluiten over de inrichting te nemen. Overal zit namelijk levertijd op. De keuken is al een tijdje besteld; de badkamer is uitgezocht. Daar ontbreekt alleen nog een natuurstenen blad. Gisteren verrichtte ik veldwerk, maar voor de finale beslissing moet E. natuurlijk mee. Hij heeft namelijk uitgesproken meningen. Daar hou ik doorgaans erg van, maar soms niet, zoals gisteren.

Ook zijn we al een tijdje bezig ons op de vloeren te oriënteren. We willen namelijk een bamboe vloer in de kamers. Omdat we een beslissing voor zo'n groot oppervlak niet wilden baseren op een stukje van 60 bij 60 centimeter, reisden we in de kerstvakantie al af naar Friesland. Daar had onze potentiële leverancier namelijk een bamboe vloer in drie kleuren gelegd in een verzorgingshuis. Dat bood ons de gelegenheid om een vloer op een groot oppervlak te zien en dan ook nog eens in drie kleurnuances.

Over de bamboe vloeren correspondeer ik al een tijdje met de leverancier. Deze week stuurde ik hem weer een berichtje uit onze gezamenlijke mailbox. "Heeft de bamboeman nog gereageerd?", vraag ik vanavond aan E. "Ja hoor, Stuik en Puik hebben weer een bericht gekregen", zegt hij. In alle correspondentie (zelfs in de offerte!) spreekt de bamboeman ons namelijk aan als Stuik en Puik, ook al ondertekenen we gewoon met onze eigen namen. "Misschien moeten we hem even laten weten dat we geen zaken met hem doen als het niet lukt om onze echte namen in zijn administratie vast te leggen", zegt E. Het is vreemd, dat geef ik toe, maar ik vind het ook zeer vermakelijk.


dinsdag 5 februari 2013

Geheugentrucs

Het is alweer ruim acht maanden geleden dat ons huis is afgebrand. Dat is onvoorstelbaar. Het hele gegeven is onvoorstelbaar. Natuurlijk weet je het: we zijn immers druk bezig met de herbouw van ons huis. Maar er zijn momenten dat het even weg is, dat je geheugen trucs met je uithaalt. En dan slaat het je weer recht in het gezicht.
Vorige week bijvoorbeeld. Onze wc was verstopt. Gedachtenloos loop ik naar de keuken om de soda en de ontstopper onderuit het keukenkastje te halen. Alleen ligt daar geen soda. Dat lag in ons vorige huis op die plek. Net als de ontstopper. Ik kijk nog eens goed onderin het kastje: ik kan me niet voorstellen dat het er niet is. "Hadden we geen soda?", zeg ik tegen E. "Ik denk het niet hè?", zegt hij. Nee, dat was in ons oude huis.

Als je lang in een huis woont, zit je huis vol met spullen die je op enig moment van pas kunnen komen. Dingen waarvan je helemaal niet weet dat je ze in huis hebt, totdat je het nodig hebt. Zoals soda en een ontstopper. Maar in dit geval had soda en een ontstopper ook niet geholpen. Hier was een professional voor nodig.  

zaterdag 2 februari 2013

Zuigzoenen

Ik heb het er nooit zo op gehad: zuigzoenen. Jongens lieten ze achter als een soort brandmerk.  'Van mij' schreeuwde zo'n zuigzoen. Sommigen liepen ermee rond alsof het een trofee was. Dat was lang geleden natuurlijk, op de middelbare school.

Het is een onderwerp waar ik me dan ook al jaren niet meer mee bezig hou, tot ik vanmorgen in de spiegel kijk. Een stuk of acht blauwrode kringen tekenen zich af op mijn huid. Niet veroorzaakt door de lipafdruk van E, maar door zuignapjes. Gisteren was ik namelijk in het ziekenhuis voor een fietstest met een hartfilmpje. En daarvoor werden acht zuignappen op mijn bovenlichaam gezet.

Vijf jaar geleden was ik ook al eens in het ziekenhuis voor een galopperend hart en een ruisje. De fietstest is voor mij nieuw, maar het gaat goed. Mijn conditie is goed, het hart klopt rustig door, ik krijg het niet benauwd, kan zelfs nog een praatje aanknopen en de bloeddruk is ook goed. Prima dus.

Als ik de test heb afgelegd mag ik uitfietsen. De zuignapjes hangen dan nog op hun plek, maar ze hebben hun werk gedaan. Dus komt de verpleegkundige -ze is nog bezig met een opleiding verneem ik onder het fietsen - en ze rukt me alle zuignapjes ineens van het lijf. Ik had het zelf exact zo kunnen doen, dat is namelijk ook helemaal mijn stijl. Maar het is geloof ik niet helemaal de bedoeling. De verpleegkundige achter de monitor reageert enigszins geschrokken dat de zuignapjes me flink hebben toegetakeld. Ik denk dan nog dat het wel weer wegzakt. Maar nee dus, vanmorgen zitten ze er nog: zuigzoenen, maar net niet helemaal. Dan had ik toch de voorkeur gegeven aan de lipafdruk van E.

vrijdag 1 februari 2013

Scherper zien

Ik meldde het al eerder in mijn blog: ik probeer dagelijks te tekenen. Dat lukt nog niet helemaal, maar ik begin erin te komen. Regelmatig leg ik mijn tekeningen voor aan E., die ik als expert beschouw. Zelf vindt hij dit een overtrokken voorstelling van zaken, maar tot nu toe maakt hij mijn verwachtingen waar en meer dan dat. En is dat niet waar het bij expertise om draait?

Zo had ik laatst een portret van een man nagetekend. Ik zie dat het wel een beetje lijkt, maar net niet helemaal. "Waar ligt dat aan?", vraag ik aan E. "Je tekent wat je verwacht te zien", zegt E. Ik schrijf het onmiddellijk in mijn boekje, want dat vind ik een hele mooie opmerking. Natuurlijk! Dat is hetzelfde fenomeen waardoor getuigenverklaringen zo onbetrouwbaar zijn. Als ik op de millimeter zit te kijken naar een plaatje en dan al teken wat ik verwacht te zien, hoe zal dat dan gaan als je snel aan iemand voorbij loopt? Wat zie je dan nog en wat vul je zelf in of aan?

E. onderbreekt mijn gedachtenstroom met een praktische tip. "Je moet tussen je oogharen doorkijken, dan zie je het contrast scherper." Hij heeft gelijk. Misschien moet ik vaker tussen mijn oogharen doorkijken. Als je me dus ooit tegenkomt met half dichtgeknepen ogen, weet dan dat ik de dingen scherp probeer te zien.