dinsdag 4 februari 2014

De finale

Let op de ballonnenboog! Echt een aanrader.
Vrijdag hadden we een feestelijke dag. We organiseerden een open huis om het eind van een periode te markeren. In de vroege ochtend van 26 mei 2012 stonden we abrupt op straat. Samen met een grote groep Sappemeersters zagen we ons huis afbranden. Dat was het begin van een lange weg. Vrijdag bereikten we gevoelsmatig de eindbestemming. Dat hebben we gedeeld met meer dan 100 mensen die allemaal langskwamen om ons huis te bekijken. Dat deed ons goed.

In de voorbereiding maakte ik een fotoshow met foto's van het hele proces. Natuurlijk had ik de foto's al eerder gezien, maar zo levensgroot op de televisie is het toch een ander verhaal. Confronterend. Samen met mijn zus, onmisbaar in dit hele proces - en ook bij deze finale, bekijk ik de beelden. Ik wist natuurlijk wel dat het erg was. Maar nu zie ik het ook. "Daar zijn we allemaal doorheen gegaan", zeg ik. "Verschrikkelijk eigenlijk." Alsof ik het nu- nu ik het met enige afstand beschouw- pas goed besef. Maar het is goed afgelopen. In alle opzichten.

Het huis is af. We zitten weer in de kleren. We koken, slapen, wassen, kijken televisie, maken weer tosti's, zijn weer in het bezit van een mixer en we hebben zelfs alweer een kniepertjesijzer. Dat is toch pure luxe. In onze basisbehoeften is dus inmiddels meer dan voorzien.

Iets waar ik na bijna twee jaar nog niet aan gewend ben is de verwarring die onherroepelijk deel uitmaakt van de nasleep van een brand. Vorige week nog stond ik in de la te zoeken naar de rood met witte pizzasnijder. Ik zoek de laden grondig door, mopperend: "Waar is die pizzasnijder toch?" "Die hebben we niet meer", zegt de jongste. Ze heeft gelijk. Die hadden we voor de brand. Het gebeurt regelmatig. Het lijkt alsof je geheugen een spelletje met je speelt.

Vanmorgen word ik wakker uit een akelige droom. Uit het niets schiet ineens mijn aardappelbak me te binnen. Dat was zo'n handige bak, denk ik. En dat krukje dat E. zelf maakte voor de kinderen. Allang niet meer als krukje in gebruik, maar als bijzettafeltje niet weg te denken uit onze inventaris. Of die metalen verhogers die mijn schoonvader maakte. Die gebruikte E. om zijn beeldschermen op  te zetten, maar die kon je voor allerlei dingen gebruiken. Ik heb ze niet dagelijks, deze flashbacks van spullen, maar wel vaak. Het overvalt je op het moment dat je er niet op verdacht bent. 's Avonds als je bijna in slaap valt of 's ochtends als je nog niet helemaal wakker bent. Op weerloze momenten. Het zijn niet de grote dingen die je te binnen schieten, niet de zaken waarvan je het gemis direct voelt. Het zijn juist de dingen die heel vanzelfsprekend waren.

Het zal op den duur minder worden. Ooit komt het moment dat alle dingen die je kwijt bent door je gedachten zijn gegaan. Maar dat zal nog wel even duren. Ondertussen verheug ik me enorm over de  vrije tijd die ik weer terugkrijg. Het is heerlijk om niet meer voortdurend op pad te zijn om zaken aan te schaffen of uit te zoeken. Het is een enorme luxe om gewoon lekker op de bank van ons mooie nieuwe huis te zitten.






Geen opmerkingen:

Een reactie posten