![]() |
| streven naar roze |
Posts tonen met het label leefstijl. Alle posts tonen
Posts tonen met het label leefstijl. Alle posts tonen
woensdag 26 februari 2020
Diep donkerblauw
's Avonds wordt de stip overtuigend donkerblauw. Ik ben ontspannen. Natuurlijk ga ik voor roze en dat deel ik met mijn gezin. "Als jij gaat zitten kijken of die stip roze wordt, dan gaat dat niet gebeuren", zegt zoon. "En ben je al roze?", vraagt mijn dochter als ze terugkomt van haar sport. "Nog niet", zeg ik. Ik ben lichtelijk teleurgesteld. "Misschien ook maar goed," zeg ik om mezelf te troosten. "dan ben je misschien wel zo ontspannen dat je geen spierspanning meer hebt en alles laat lopen." En dat willen we natuurlijk niet. Afijn, na 24 uur biodot (met kleine onderbrekingen voor handen wassen, douchen en sporten), kan ik maar tot een conclusie komen: donkerblauw is voor mij het hoogst haalbare.
maandag 5 januari 2009
Baas in eigen tijd
In hoeverre mag je baas binnendringen in je persoonlijke levenssfeer? We hadden het er vanmorgen over op het werk. Aanleiding was een uitspraak van een van onze bazen over aanspreken op gezond leefgedrag. Als iemand rookt of veel te zwaar is, kun je dan als baas zeggen: "Zeg laat jij dat kroketje nou maar even staan?" Of mogen ze zeggen: "Zeg, jij hebt toch altijd last van de rug, zou je niet eens andere schoenen aan gaan doen?" Voor mij gaat dat een brug te ver. Het brengt het slechtste in mij boven. Ik heb nog nooit een sigaret gerookt, maar na die uitspraak had ik bijna een sigaretje opgestoken. Het had maar een haartje gescheeld of ik was naar de dichtstbijzijnde snackbar gereden voor een overdosis bitterballen met patat.
Mijn leven
Of stel ik me aan en is het mijn autoriteitsconflict dat opspeelt? Ik denk het niet. Ik denk dat het echt te ver gaat. Mag je een dikke sollicitant afwijzen bij een gezondheidscentrum? Maar wie zegt dan dat die dunne die je aanneemt niet snuivend en spuitend door het leven gaat? Wordt zo'n oordeel niet al te gemakkelijk geveld? In het nog niet eens zo verre verleden van onze instelling, bepaalde de werkgever alles. Die bepaalde dat je werk je leven was. Wonen en werken liepen in elkaar over. Er werd je verteld hoe vaak je naar de kerk moest en wat je wel en vooral niet hoorde te doen.
Maar die tijd is voorbij. Mijn werk maakt een belangrijk onderdeel uit van mijn leven, maar het is niet mijn leven. Mijn werkgever mag me aanspreken op mijn functioneren. Maar wat ik in mijn vrije tijd doe gaat mijn werkgever geen donder aan. Dat is een zwaar bevochten recht en daar ben ik zeer op gesteld.
Maar die tijd is voorbij. Mijn werk maakt een belangrijk onderdeel uit van mijn leven, maar het is niet mijn leven. Mijn werkgever mag me aanspreken op mijn functioneren. Maar wat ik in mijn vrije tijd doe gaat mijn werkgever geen donder aan. Dat is een zwaar bevochten recht en daar ben ik zeer op gesteld.
Abonneren op:
Reacties (Atom)

