Op woensdagavond kan heel Nederland genieten van Heel Nederland bakt.
Het is een programma van Max en het is slow tv optima forma. De
amateurbakkers krijgen iedere week twee nieuwe opdrachten. En dan wordt
er schaamteloos langdurig ingezoomd op de keukenmachine. De machine
klopt en kneedt en kneedt en klopt. Alhoewel het een wedstrijd is, is
het bijzonder kalme televisie. Heerlijk vind ik het.
Vandaag
krijg ik een tip van een van mijn facebookvrienden. Haar man vond bij
de Groninger Archieven een filmpje over mijn geboortedorp Woltersum uit
het jaar 1966. 20 minuten van mijn jeugd in beeld. Mijn opa en oma met
zijn aap Bavvi komen vanaf 6.04 in fragment 22, 23 en 24 voorbij. Hij wordt ten onrechte neergezet als speelman- dat zal ik nog even rechtzetten bij de GAVA. Okee, het is natuurlijk ongebruikelijk om een baviaan als huisdier te hebben, maar mijn opa was geen speelman. Hij was slager en hij trad niet op met zijn aap Bavvi.
Zelf kwam ik ook nog even in beeld als een van de kleuters en het hysterisch dansende meisje in fragment 48 op 14.42, dat ben ik.
De film duurt maar 20 minuten, maar het lijkt veel langer. Er gebeurt namelijk amper iets, maar het had nog veel langer mogen duren. Het is in het tempo van Heel Nederland bakt. Geen wonder dat ik daar dol op ben. Ik ben een kind van de sixties!
Als je op de foto klikt, kom je op het filmpje.
Posts tonen met het label baviaan. Alle posts tonen
Posts tonen met het label baviaan. Alle posts tonen
donderdag 27 juni 2013
Kind van de sixties
donderdag 8 mei 2008
Mijn opa had een baviaan
Dit weekend las ik een interview met de vrouw die door de gorilla Bokito is
gegrepen. Het blijft een opmerkelijk verhaal. Zij heeft voortdurend met de aap
staan flirten en heeft daarbij de verkeerde signalen afgegeven. Ze had haar
ogen neer moeten slaan. En niet haar tanden bloot moeten geven. Dan had ze zich
onderdanig betoond. Zij dacht dat ze gewoon tegen elkaar lachten.
Ik weet al vanaf dat ik een klein meisje ben, dat je een aap die zijn tanden laat zien, het best kan negeren. Mijn opa had namelijk een baviaan. Dat zou tegenwoordig niet meer kunnen, maar ook toen was het al apart.
Samen met mijn oom, die op een vrachtwagen reed, haalde hij de aap uit Schagen. Het was de bedoeling om een ezeltje aan te schaffen, maar het werd een baviaan. Hij noemde hem Bavvi. Bavvi werd een niet over het hoofd te zien deel van de familie.
Ik was niet dol op Bavvi. Als wij kinderen langs zijn hok liepen om naar de appelhof te gaan, hing Bavvi altijd met een ontbloot gebit aan het gaas te schreeuwen. Wij vonden dat eng en dat had hij heel goed in de gaten. Hij deed het alleen bij kinderen en degenen die een hekel aan hem hadden.
Bavvi zorgde wel voor leven in de brouwerij. Hij ontsnapte regelmatig. Gewoon om de jampot in de keuken leeg te snoepen, of om in het dorp in een lantaarnpaal te klimmen. En daar ging hij dan de aap uithangen. Alhoewel mijn opa heer en meester was, was die niet meer in staat om een baviaan te vangen. Mijn vader moest dat doen. Die baalde daar wel eens van en dat wist Bavvi ook. Nadat pa ‘m dan uiteindelijk gevangen had, grijnslachte bavvi altijd even achterom als hij met mijn opa aan de hand weer vertrok. Een spottend lachje leek het wel.
Mijn opa ging graag met Bavvi op stap. Hij nam ‘m wel mee op de fiets. Mijn vader moet nog altijd heel hard lachen om het incident op de fiets waarbij Bavvi zijn voet in het wiel kreeg. Bavvi werd boos op mijn jongste oom die met mijn opa meefietste. Die kreeg er de schuld van, omdat Bavvi niet in de gaten had dat het zijn eigen poot was geweest. Ook ging mijn opa graag met Bavvi naar het voetbalveld. Mijn oma naaide voor dit soort gelegenheden diverse outfits voor Bavvi. Zo had hij als hij met mijn opa naar het voetballen ging het voetbaltenue van onze plaatselijke SC Woltersum aan. Met zijn zwarte broekje en witte shirt zag hij er strak uit. Maar hij had ook andere pakjes. Daarin poseerde hij dan gewillig met mijn opa voor de camera. En dan zag het er altijd schattig uit.
Bavvi is al heel lang dood. Hij overleed iets eerder dan mijn opa. Zijn schedel is er nog. Die staat bij mijn oom op de schoorsteenmantel.
De foto bij deze blog komt uit een artikel van het Nieuwsblad van het Noorden. Het hele artikel vind je hier of hier.
Ik weet al vanaf dat ik een klein meisje ben, dat je een aap die zijn tanden laat zien, het best kan negeren. Mijn opa had namelijk een baviaan. Dat zou tegenwoordig niet meer kunnen, maar ook toen was het al apart.
Samen met mijn oom, die op een vrachtwagen reed, haalde hij de aap uit Schagen. Het was de bedoeling om een ezeltje aan te schaffen, maar het werd een baviaan. Hij noemde hem Bavvi. Bavvi werd een niet over het hoofd te zien deel van de familie.
Ik was niet dol op Bavvi. Als wij kinderen langs zijn hok liepen om naar de appelhof te gaan, hing Bavvi altijd met een ontbloot gebit aan het gaas te schreeuwen. Wij vonden dat eng en dat had hij heel goed in de gaten. Hij deed het alleen bij kinderen en degenen die een hekel aan hem hadden.
Bavvi zorgde wel voor leven in de brouwerij. Hij ontsnapte regelmatig. Gewoon om de jampot in de keuken leeg te snoepen, of om in het dorp in een lantaarnpaal te klimmen. En daar ging hij dan de aap uithangen. Alhoewel mijn opa heer en meester was, was die niet meer in staat om een baviaan te vangen. Mijn vader moest dat doen. Die baalde daar wel eens van en dat wist Bavvi ook. Nadat pa ‘m dan uiteindelijk gevangen had, grijnslachte bavvi altijd even achterom als hij met mijn opa aan de hand weer vertrok. Een spottend lachje leek het wel.
Mijn opa ging graag met Bavvi op stap. Hij nam ‘m wel mee op de fiets. Mijn vader moet nog altijd heel hard lachen om het incident op de fiets waarbij Bavvi zijn voet in het wiel kreeg. Bavvi werd boos op mijn jongste oom die met mijn opa meefietste. Die kreeg er de schuld van, omdat Bavvi niet in de gaten had dat het zijn eigen poot was geweest. Ook ging mijn opa graag met Bavvi naar het voetbalveld. Mijn oma naaide voor dit soort gelegenheden diverse outfits voor Bavvi. Zo had hij als hij met mijn opa naar het voetballen ging het voetbaltenue van onze plaatselijke SC Woltersum aan. Met zijn zwarte broekje en witte shirt zag hij er strak uit. Maar hij had ook andere pakjes. Daarin poseerde hij dan gewillig met mijn opa voor de camera. En dan zag het er altijd schattig uit.
Bavvi is al heel lang dood. Hij overleed iets eerder dan mijn opa. Zijn schedel is er nog. Die staat bij mijn oom op de schoorsteenmantel.
De foto bij deze blog komt uit een artikel van het Nieuwsblad van het Noorden. Het hele artikel vind je hier of hier.
Abonneren op:
Posts (Atom)
