woensdag 31 maart 2021

Bierzonder


"Dat is wel heel bierzonder"
, denk ik. Ik lig in de tandartsstoel. De tandarts is met zijn assistente bezig om twee aan slijtage onderhevige kronen te repareren. Hij gebruikt een lapje spandex, een kiesklem en een mondklem. Het klinkt allemaal een beetje sm, maar het is slechts bedoeld om de vulling droog in de kies te krijgen. Het is een nieuwe methode voor mij en dus best bierzonder. De tandarts propt het lapje spandex in de kiesklem, die wordt vastgezet en dan komt de mondklem erop. Dat zal me leren. 

Creatief bezig met taal

Ondertussen laat ik mijn gedachten maar een beetje afdwalen. Het woord bierzonder is terloops in onze vocabulaire geslopen. Ooit werd het geïntroduceerd door de jongste. Ze was toen nog een kleuter met veel taalgevoel. En ook nu ze volwassen is, is ze nog zeer creatief in haar taalgebruik. Ze had toen de neiging om een r toe te voegen aan allerlei woorden. Zo werd bijzonder bierzonder en patat werd partat. Het beviel ons: die r gaf er net iets meer pit aan. Dus bierzonder en partat zijn gebleven. 

De tandarts is ondertussen klaar. De klem kan eraf, nog even happen op een stukje carbonpapier, de slijptol erover en ik kan er weer tegenaan.

vrijdag 5 februari 2021

Oriental delight


Deze week werd de vloer van onze kamer en keuken geschuurd. Dus alles eruit en in ieder geval 24 uur niet op de nieuwe vloer lopen. En ook 24 uur niet in de keuken. Geen ramp. We besluiten te gaan voor een afhaalmaaltijd van Oriental Delight, het Chinees restaurant even verderop. 

Echt meedoen 

Sinds kort is bij ons de Chinese afhaalmaaltijd weer in ere hersteld. Toen we hier dertig jaar geleden kwamen wonen vonden we het fantastisch dat er een Chinees op loopafstand was. Toen we opgroeiden was het namelijk echt een teken dat je meedeed als je wel eens ging Chinezen. Dat was in de tijd dat macaroni nog met Smac en maggi werd bereid. Ik weet nog goed dat ik in de periode dat ik naar de middelbare school ging mijn eerste Chinese maaltijd at. Ik koos voor Babi Pangang. 

Wellness behandeling erbij

Toen E. en ik later in de stad woonden, gingen we ook graag Chinezen als we uit eten gingen. Meestal in de Nieuwe Ebbingestraat. Na de maaltijd kreeg je een klam warm en geurig handdoekje om je handen mee schoon te maken. Deze kleine wellness behandeling was bij de prijs inbegrepen. Heerlijk. 

Kroepoek erbij

Ergens in de afgelopen dertig jaar is de Chinees uit de gratie geraakt. Een stukje kroepoek en sambal erbij was niet meer genoeg. Wokpaleizen moesten er komen. De traditionele Chinees werd overvleugeld door internationale keukens van over de hele wereld: Thais, Marokkaans, Vietnamees, Indiaas, Libanees, Grieks, Italiaans, Turks, noem maar op. En nog worstelt de traditionele Chinees.

Wij gaan ervoor

Maar wij hebben ontdekt dat we Chinees-Indisch eten nog steeds zeer waarderen. Dus wij gaan er weer voor. De Chinees hier vlakbij heeft het niet gered, maar we doen wat we kunnen om Oriental Delight in de lucht te houden. Bij deze warm aanbevolen.

dinsdag 2 februari 2021

Lang leve de oudertelefoon!


De oudertelefoon heeft nu ook een schreeuwfunctie. Sinds de eerste coronacrisis kunnen ouders en opvoeders naar de oudertelefoon bellen voor een luisterend oor. Een vrijwilliger staat ze dan te woord met een ondersteunend gesprek. Maar gefrustreerde ouders kunnen nu dus ook naar de oudertelefoon bellen en dan keihard schreeuwen tegen heavy metal muziek. Ik vind het een geweldig idee. Wat een fantastische buiten de-doos-denkers zijn het daar bij de oudertelefoon. Dat moet beloond worden met veel schreeuwers.

Namens ons allen 

Zelf kan ik het niet meer doen. Mijn kinderen zijn allemaal volwassen. Dan zou ik misbruik maken van de oudertelefoon. Maar ik heb er iets op gevonden. In de familie groepsapp heb ik mijn nichtje, die wel kleine kinderen heeft, direct opgeroepen om namens ons allemaal de coronafrustratie eruit te schreeuwen. Haar kinderen zijn natuurlijk schatjes, dus weinig aanleiding, maar zij zit tenminste in de schreeuwdoelgroep.  

Tip 

Ik heb nog een kleine tip voor de mensen bij de oudertelefoon. Spreek in het bandje vooraf nog de volgende aanbeveling in voor de ouders die gebruik willen maken van de schreeuwfunctie. Kies bij het schreeuwen voor een fantastische klankvoortplanting een kleine afgesloten ruimte zoals bijvoorbeeld het toilet.  

zondag 31 januari 2021

Buiten de doos denken


Geen zuivel in een cake gebruiken. Het is een sterk staaltje van buiten de doos denken lees ik. Dit taaljuweeltje popt zomaar op op mijn tijdlijn van facebook. Ooit heb ik een knop ingedrukt om Engelse teksten automatisch te vertalen en dan krijg je dit. Dan wordt het uitgesleten 'out of the box' denken ineens buiten de doos denken. Hoeveel origineler. Ik ben erg enthousiast. Dat zouden we meer moeten doen.

Geleend

In het Nederlands gebruiken we veel leenwoorden, woorden uit andere talen. Sommige woorden zijn zo gewoon, dat we helemaal niet meer in de gaten hebben dat ze geleend zijn. Matras komt bijvoorbeeld uit het Arabisch, thee uit het Chinees, piano uit het Italiaans en alfabet is Grieks. Dat zijn allemaal oudere leenwoorden. Daarom voelen ze voor ons niet geleend aan. Misschien zijn daar wel nooit Nederlandse woorden voor geweest. Andere woorden zijn verdrongen door leenwoorden. Daarvan kennen we de oorspronkelijke Nederlandse woorden helemaal niet meer. We gebruiken champignon in plaats van kampernoelje, bibliotheek voor boekerij, astrologie voor sterrenwichelarij, akoestiek voor klankvoortplanting (mijn favoriet) en bouillon voor vleesnat.  

Klankvoortplanting

Hoeveel oorspronkelijker (in plaats van origineler) zou het zijn om af en toe een leenwoord in te leveren voor het origineel (oorspronkelijke)? Ik ga het doen: ik gebruik het woord akoestiek bijna nooit, maar voor klankvoortplanting zoek ik ruimte. Maar kampernoelje voor champignon en vleesnat voor bouillon? Dat is misschien net iets te ver buiten de doos gedacht.

Naschrift: de leenwoorden en hun vertaling heb ik gevonden op de site van de Taalunie/ Taalhelden.  
 

woensdag 30 december 2020

Minimale inspanning - maximale smaak

Onze oudste houdt van koken. Dat heeft ze niet van mij. Mijn kookmotto is: Minimale inspanning, maximale smaak. Voor het kerstdiner heb ik als toetje Haagse bluf op het programma staan - een recept van mijn oma. Dat voldoet volledig aan het motto. Geen moeite, smaakt heerlijk. We houden een flinke portie over. "Wat moet ik daarmee?", zegt E. "Vries het maar in", zegt de oudste. Ik vind het een heel goed idee. "Misschien wordt het wel heel lekker ijs.", zeg ik. Dat roept herinneringen op.

IJs bikken

De oudste herinnert zich nog dat ik eerder ijs van yoghurt maakte. We zijn geen echte toetjeseters - dus als ik al eens een pak yoghurt meenam, dan was het voor we er erg in hadden over de datum. En als zo'n pak yoghurt dan bijna over de datum was, dan gooide ik het in een bakblik in de vriezer. Scheutje slimpie erdoor en klaar: yoghurtijs. Ik hoefde het niet weg te gooien en ijs gaat er altijd in. "We moesten het altijd met de föhn uit het bakblik halen", zegt de oudste. Het was denk ik nog voor de tijd van de siliconenbakvormen. Destijds werd onze föhn vooral gebruikt voor het losföhnen van stickers en het verwarmen van het yoghurt- of appelmoesijs (een andere specialiteit). Daarna bikte ik het yoghurtijs in stukken en dan kreeg iedereen een brok. En vervolgens probeerden we al glibberend op het bordje stukjes van het yoghurtijs af te schrapen. Dat viel nog niet mee, want het was keihard. Appelmoesijs had een iets zachtere structuur. 

Een aanrader

De Haagse bluf doet het wonderlijk wel in bevroren toestand. Het is heerlijk luchtig: ijs op zijn best zou ik zeggen. Wel snel opeten als je het uit de vriezer haalt, maar dat is vast geen probleem.

-----------------------------------------------------------

Recept Haagse bluf



Ingrediënten
2 eiwitten 
200 ml bessensap 
200 g suiker 
 
Bereiding 
Doe de eiwitten met het bessensap en de suiker in een grote vetvrije kom  en klop het geheel met een mixer tot alle suiker is opgelost en de eiwitten geheel stijf zijn geslagen. Het eiwit moet zo stijf zijn dat de kom even omgekeerd kan worden zonder dat er schuim uitvalt.

 

donderdag 24 december 2020

De eredivisie van de kerstverlichting


Als ik uit de auto stap zie ik haar. Onze kinderen zaten bij elkaar in de klas. Ze loopt een rondje. Tweemaal daags. Na de middag en 's avonds weer. Ook wij zijn -net als de rest van Nederland- in deze coronacrisis aan de wandel. "'s Avonds loop ik graag langs de lichtjes van de PB-straat", zegt ze. 

Een andere dimensie 

Wij zijn echte avondwandelaars. En in de afgelopen weken werden ook onze eigen vaste routes steeds meer verlicht. "Laten we ook eens door de PB-straat lopen", zeg ik tegen E. Direct dezelfde avond gaan we ervoor. En inderdaad: de verlichting in de PB-straat is toch even van een andere dimensie. Al van ver knippert ons de ster van Betlehem tegemoet. Ijspegels die van kleur verschieten sieren de dakgoten. Lichtsnoeren in alle kleuren zijn grillig rond kozijnen, hekken en deuren gedrapeerd. Wat dat betreft is het donker genadeloos. Iedere kleine afwijking van de rechte lijn tekent zich haarscherp af. Maar dat is niet iets waar men zich hier druk over maakt. Het geluk spat ervan af.

Grote gebaren

Op onze eigen route signaleerden we ook hier en daar wel een rendier met een arreslee. Vaak van een formaat dat in de winkel vast behoorlijk leek, maar waarvan in de tuin duidelijk wordt dat het toch eerder in de vensterbank thuishoort. Dat tref je hier niet aan. We passeren complete roedels verlichte herten. Hier is men niet bang voor een groot gebaar. "Dit zijn de betere buurten", verzucht ik. En dan komt de opmerking die E. het meest vreest: "Dat zouden wij ook meer moeten doen."

Buiten bereik

Maar ik weet nu al dat het bij ons niet zover gaat komen. Ik vind de kerstverlichting in de kerstboom namelijk al een hele toer. Eerst moet het uit de knoop en dan moet het ook nog goed verdeeld in de boom. Ik heb er geen talent voor. Sinds vorig jaar heb ik een enkel snoer. Dat maakt het een stuk makkelijker. Maar dan nog: de eredivisie van de kerstverlichting is voor mij duidelijk buiten bereik.


vrijdag 27 november 2020

Te licht bevonden

Vanmorgen ging mijn moeke naar de kapper. Ze gaat sinds kort naar dezelfde sterrenkapper als ik. Omdat ze deze keer alleen een knipbeurt hoeft, is er even tijd om ook nog andere dingen te doen. Dus op naar een van de winkelcentra om een broek te kopen. 

Warriors

Moeke is een grote vrouw - in alle opzichten. Ik lijk op haar. En dat bevalt. Ooit gaf iemand mij een compliment. Ze noemde me een 'warrior', een grote sterke vrouw. Dat is mijn moeke ook. Dat bewijst ze iedere dag weer. Als je zo groot en stevig bent als wij zijn, word je misschien ook wel een sterke vrouw. Wij zijn nooit tenger en klein genoeg geweest om schattig te worden gevonden.  

Op de verkeerde plek

We parkeren voor de deur bij moekes vaste broekenleverancier. De dame in de winkel is nieuw. Ze kent mijn moeder niet, toch een vaste klant in het klantenbestand. We kijken op ons gemak even  rond. En dan komt het. "Dames, welke maat hebt u?" We kijken haar een beetje verbaasd aan. Dat is wel heel erg direct. "Ik weet niet of u het weet," zegt ze, terwijl ze ons schattend opneemt, "maar dit is een grote matenwinkel." We schieten in de lach. Te licht bevonden voor een grote matenwinkel! Wat een hoogtepunt in ons bestaan. Moeke is inderdaad afgevallen, maar ze stelt haar gerust: we zijn toch echt wel op de goede plek zijn. Ze koopt uiteindelijk een donkerblauwe broek. Maar eerlijk is eerlijk: de rest is nu toch echt een maatje te groot voor haar.