Posts tonen met het label taal. Alle posts tonen
Posts tonen met het label taal. Alle posts tonen

woensdag 27 november 2024

Jitlik is niet likker


Ik ben in de ban van het Nieuw-Zeelandse accent. We kijken naar de serie Brokenwood Mysteries. En daar viel me op dat ze de e uitspreken als een i. Brokenwood Mysteries is zoals de naam al doet vermoeden een ditictivesirie. De e vervangen door de i blijkt ook in het Nederlands goed te werken.* Ik pas het te pas en te onpas toe.

Hersteldagen 

Laatst zag ik ergens dat mensen die in het weekend veel langer uitslapen dezelfde verschijnselen krijgen als wanneer je jetlag hebt. Voor ieder uur dat je langer slaapt, moet je een hersteldag rekenen. Dus als je normaal om 6 uur opstaat en je slaapt in het weekend uit tot 10 uur, dan ben je bijna de hele week bezig om weer in je ritme te komen. "Weet je dat je dan jitlik krijgt?" vraag ik aan E. Hij snapt onmiddellijk wat ik bedoel, maar hij wist het niet. Het overkomt ons trouwens ook niet. Daar zorgen we wel voor. In het weekend staan we -om maximaal van het weekend te genieten- ook vroeg op. Want zoals wij het hier nu zeggen: Jitlik is niet likker.

De illustraties op mijn blog zijn afkomstig van Boomerang Cards.  Hier vind je deze.

De soundtrack bij de blog is:


* In het Gronings overigens ook. 'Ik wor der bikòf van', zegt E. Van mij natuurlijk.

woensdag 26 juni 2024

Klein maar fijn

 

"Als je veel verkleinwoorden gebruikt, ben je een trut." Mijn docent Taalkunde aan de universiteit zei het zonder met zijn ogen te knipperen. En verder knipperde ook niemand met haar of zijn ogen. Dat soort dingen kon je destijds gewoon zeggen. Het heeft wel indruk gemaakt, want ik ben het nooit vergeten. Volgens die maatstaf is enige truttigheid mij niet vreemd. Als ik het over een bloes heb, praat ik graag over een bloesje. Terwijl het feitelijk geen bloesje is: om mijn bovenlichaam netjes te bedekken heb ik echt de volwassen versie van een bloes nodig. Maar ik ben de enige niet. In het uitgaansleven wordt het veel gebruikt: je bestelt een biertje of neemt een wijntje, pakt een terrasje of een bioscoopje. Verkleinwoorden zijn bedoeld om iets wat kleiner is aan te duiden, maar worden ook gebruikt om dingen kleiner te laten lijken (vandaar het bloesje). 

Helemaal los

De afgelopen week waren we in Vlaanderen. Daar viert het verkleinwoord pas echt hoogtij. Ze gaan er helemaal op los: in het dagelijkse taalgebruik, maar ook op schrift en bij officiële instanties. Op een menukaart: Een hongertje? Daarvoor hebben ze dan een kleine kaart. Op een officiële website om even te checken of het kraanwater in België zo gedronken kan worden: kraantjewater. (Je kunt het gewoon drinken, maar ze voegen chloor toe om te zuiveren). En in het gewone taalgebruik: Koffietje?, of als je een gesprek beëindigt: Nou saluutjes! En ook bij de naamgeving van bedrijven wordt het vaak gebruikt. Frituur 't Zeetje, café 't Zeekotje en de uitgever van een krant: 't Gazetje. 

Naar de maatstaven van mijn docent zou Vlaanderen dus bol staan van de truttigheid. Maar voor wie daar niet tegenop ziet: Vlaanderen, van harte aanbevolen! 

De illustraties op mijn blog zijn afkomstig van Boomerang Cards.  Hier vind je deze.

De soundtrack bij de blog is:

woensdag 29 november 2023

Karaktertaal

Je mouten joe waiten te redden. E. en ik brengen het in de praktijk. De fineerranden van de deurtjes van onze (in onze ogen nog bijna nieuwe) keuken van 10 jaar oud laten één voor één los. Gewapend met dubbelzijdig plakband, een strijkijzer en bakpapier repareren we ze weer. Omdat je joe nou ainmoal mouten waiten te redden. Voluit is het eigenlijk Je mouten joe waiten te redden aans bin je t nait weerd dat je aarmou lieden. Ik kende dit gezegde niet, maar bij E. thuis was het een lijfspreuk. 

Verdraagzaam en eigenzinnig

Zo lang ik bij E. thuis over de vloer kwam hingen er in de kamer twee bordjes met spreuken. Aander lu binnen ook lu en Elk het wel ais n gat in hoos. Spreuken van verdraagzaamheid. Bij ons thuis waren we niet van de tegeltjes, bordjes of spreuken aan de muur. En als er al spreuken werden doorgegeven, dan draaide dat eerder om eigenzinnigheid. Mijn opa schreef deze graag in onze poesiealbums: Luister niet naar andermans gefluit, want dan kom je bedrogen uit*.

De beer 

Hij stond niet op een tegeltje, maar ook E's oma tekende voor een eigenzinnige klassieker. Het is er eentje die we nog graag gebruiken. E's oma werd bijna een eeuw geleden jong weduwe. Met drie jonge jongens had ze het in die tijd niet breed. Op een dag kwam de dominee aan de deur met een mooi aanbod. De kerk zou haar steunen als zij en de jongens trouw naar de kerk zouden komen. Ze wees het af met de historische woorden: Ik heb nog laiver dat de beer mie opvret. 

De illustraties op mijn blog zijn afkomstig van Boomerang CardsHier vind je deze.

*Omdat ik me afvraag of dit een officieel Nederlands spreekwoord is of een familiegezegde, voer ik het even in op Bing (de door Microsoft opgedrongen zoekmachine). Tegenwoordig is er ook een chat gpt met kunstmatige intelligentie aan Bing gekoppeld. Omdat het gezegde niet gevonden wordt, reageert de chat met: Bedankt voor je bericht. Ik begrijp dat je een Nederlands spreekwoord hebt gedeeld. Het betekent dat je niet moet luisteren naar de meningen van anderen, omdat je dan bedrogen uit kunt komen. Het is een goede herinnering om je eigen pad te volgen en je eigen beslissingen te nemen. Als je nog vragen hebt of als ik je ergens anders mee kan helpen, laat het me dan gerust weten!😂

woensdag 26 juli 2023

Ruimte aan de mannelijke energie


Ik kijk naar B&B vol liefde. De vorige seizoenen heb ik gemist. Volgens mijn collega's kon dat echt niet. En ze hebben gelijk: B&B vol liefde is een echte must see. Ik geniet volop. Het zijn echt welbestede uren. E. vindt het niks. Maar omdat hij ook in de kamer zit als ik kijk en hardop geniet, wordt hij er toch vaak vies bij ingetrokken. Volgens hem heb ik een zeldzaam talent om enorme k**programma's uit te kiezen. Ik kijk daar heel anders tegenaan. Ik pik de parels uit het aanbod. Het zijn stuk voor stuk programma's die ons perspectief en onze woordenschat enorm verruimen. Onze tafelconversatie van vandaag bewijst mijn gelijk. 

Tafelconversatie 

Vanmiddag eten we een broodje. Ik ben aan het werk geweest en heb hem nog niet heel goed bekeken. "Dat overhemd is veel te groot", zeg ik. "Dat kan echt niet meer." "Daar hebben we een goed Engels woord voor", zegt E. "oversized." "Ja, maar wat is de purpose daarvan?", vraag ik - ik praat Joy uit de uitzending van gisteravond na. E. put voor zijn antwoord uit het repertoire van Joy en Walter.: "Dat mijn mannelijke energie de ruimte heeft", zegt hij. Tja, daar kan ik natuurlijk niks op tegen hebben. Laat maar lekker stromen. 

Voor wie -net als ik de vorige seizoenen- geen idee heeft wat B&B vol liefde is: B&B-eigenaren in het buitenland zijn op zoek naar de liefde van een Nederlandse man of vrouw. Een stroom mannen en vrouwen bezoekt de B&B's op zoek naar ware liefde. De kans dat dat gaat lukken is bijzonder klein, maar voor de kijker gaat het natuurlijk meer om de reis dan om het resultaat. Het is een onwaarschijnlijke groep mensen, Ik zou totaal niet verrast zijn als ooit boven water komt dat er ook acteurs zijn ingehuurd. Maar dat mag de pret totaal niet drukken. Hier vind je een profiel van de verschillende B&B-eigenaren en meer over het programma.

De illustraties op mijn blog zijn afkomstig van Boomerang CardsHier vind je deze.

zondag 5 juni 2022

Aardige kreten


We hebben in de kamer een tafel met vakken. Dat leek ons handig, omdat er dan niet zoveel rommel rondslingert. Tot de rommel zich in de vakken dusdanig ophoopt dat het naar buiten uitsteekt. Dan is het tijd om op te ruimen.

Een tasje

Vanmorgen stoorde het me ineens. Ik ruim 'mijn vak' even uit. Er komt van alles uit: gelzooltjes, een massageroller, uitgeprinte wandelingen, kaartjes, visitekaartjes, een paar sokken, folders van de mijnbouwschade et cetera. Teveel om op te noemen. Er komt ook een geel plastic tasje van de Zeeman tevoorschijn. Het blijkt een tasje te zijn met zelfgemaakte boekjes. De meeste daarvan dateren van voor de brand. Ze hebben het overleefd, omdat de oudste ze destijds op haar kamer in Enschede had.

Aardige kreten

Een van de boekjes is een boekje met Aardige Kreten van onze oudste. Zij was in de puberteit de koningin verbaal terugkaatsen. Ze kreeg de Aardige Kreten destijds in de vorm van een mini-woordenboekje van E. voor Sinterklaas. 

Een aantal veel gebezigde voorbeelden zoals door E. vastgelegd: 

Ammehoela - of zoals zij het toen zei: Ame(n) - hoela! 

{Uitroep van verontwaardiging. Vaak gebruikt om uitdrukking te geven aan verbazing over het gedrag van derden. (Oorspronkelijke uitroep uit de jaren twintig: "Nooit van mijn leven!" eventueel gepaard met een klap op de eigen even naar achteren gedrukte bil. Hierbij wordt gespeeld met de naam van de koning van Afghanistan: Amanoellah)}

Hoezo?

{Tegenvraag bedoeld om het geven van antwoord zoveel mogelijk uit te stellen of te vermijden.} 

Ja ... en?

{Tegenvraag bedoeld om verwarring te zaaien. Met 'ja' wordt bevestigend geantwoord, maar door de toevoeging van 'en' schiet je er niets mee op. De vraag wordt teruggekaatst. Ook bedoeld om inmenging in de persoonlijke levenssfeer te ontmoedigen. Vaak uitdagend bedoeld.} 

Wee-dik-veel!

{Uitspraak van onmacht, bedoeld om aan te geven dat je zelfs als briljante puber niet alles kunt weten. (Oorspronkelijk uit de populaire tv-serie Sponge Bob Squarepants:

Wat ga jij doen vandaag Patrick?

Wee-dik-veel!

Wat ga jij doen vandaag Sponge Bob?

Wee-dik-veel!

Wat ga jij doen vandaag Patrick?

Wee-dik-veel!

etcetera ad infinitum)} 

Zeg jij het maar...

{Uitspraak bedoeld om het maken van keuzen te vermijden. Vergelijkbaar met het populairdere 'Wat jij wil...'}  

Ze zijn met het verdwijnen van de puberteit in onbruik geraakt. Maar wel erg leuk om even terug te lezen. 

 


woensdag 31 maart 2021

Bierzonder


"Dat is wel heel bierzonder"
, denk ik. Ik lig in de tandartsstoel. De tandarts is met zijn assistente bezig om twee aan slijtage onderhevige kronen te repareren. Hij gebruikt een lapje spandex, een kiesklem en een mondklem. Het klinkt allemaal een beetje sm, maar het is slechts bedoeld om de vulling droog in de kies te krijgen. Het is een nieuwe methode voor mij en dus best bierzonder. De tandarts propt het lapje spandex in de kiesklem, die wordt vastgezet en dan komt de mondklem erop. Dat zal me leren. 

Creatief bezig met taal

Ondertussen laat ik mijn gedachten maar een beetje afdwalen. Het woord bierzonder is terloops in onze vocabulaire geslopen. Ooit werd het geïntroduceerd door de jongste. Ze was toen nog een kleuter met veel taalgevoel. En ook nu ze volwassen is, is ze nog zeer creatief in haar taalgebruik. Ze had toen de neiging om een r toe te voegen aan allerlei woorden. Zo werd bijzonder bierzonder en patat werd partat. Het beviel ons: die r gaf er net iets meer pit aan. Dus bierzonder en partat zijn gebleven. 

De tandarts is ondertussen klaar. De klem kan eraf, nog even happen op een stukje carbonpapier, de slijptol erover en ik kan er weer tegenaan.

zondag 31 januari 2021

Buiten de doos denken


Geen zuivel in een cake gebruiken. Het is een sterk staaltje van buiten de doos denken lees ik. Dit taaljuweeltje popt zomaar op op mijn tijdlijn van facebook. Ooit heb ik een knop ingedrukt om Engelse teksten automatisch te vertalen en dan krijg je dit. Dan wordt het uitgesleten 'out of the box' denken ineens buiten de doos denken. Hoeveel origineler. Ik ben erg enthousiast. Dat zouden we meer moeten doen.

Geleend

In het Nederlands gebruiken we veel leenwoorden, woorden uit andere talen. Sommige woorden zijn zo gewoon, dat we helemaal niet meer in de gaten hebben dat ze geleend zijn. Matras komt bijvoorbeeld uit het Arabisch, thee uit het Chinees, piano uit het Italiaans en alfabet is Grieks. Dat zijn allemaal oudere leenwoorden. Daarom voelen ze voor ons niet geleend aan. Misschien zijn daar wel nooit Nederlandse woorden voor geweest. Andere woorden zijn verdrongen door leenwoorden. Daarvan kennen we de oorspronkelijke Nederlandse woorden helemaal niet meer. We gebruiken champignon in plaats van kampernoelje, bibliotheek voor boekerij, astrologie voor sterrenwichelarij, akoestiek voor klankvoortplanting (mijn favoriet) en bouillon voor vleesnat.  

Klankvoortplanting

Hoeveel oorspronkelijker (in plaats van origineler) zou het zijn om af en toe een leenwoord in te leveren voor het origineel (oorspronkelijke)? Ik ga het doen: ik gebruik het woord akoestiek bijna nooit, maar voor klankvoortplanting zoek ik ruimte. Maar kampernoelje voor champignon en vleesnat voor bouillon? Dat is misschien net iets te ver buiten de doos gedacht.

Naschrift: de leenwoorden en hun vertaling heb ik gevonden op de site van de Taalunie/ Taalhelden.  
 

dinsdag 19 mei 2020

Nice

Lang voordat het nice werd
Ik weet nog precies wanneer ik het voor het eerst hoorde. Het was in het programma First Dates en het was niet de Engelse serie. In dat geval zou het me namelijk niet opgevallen zijn. Nee, het was in de Nederlandse versie van First Dates. Twee jonge mensen wisselen hun verhaal uit en over en weer bestempelen ze dat als 'nice'. Leuk dus. Maar dat zeggen ze niet. Ze kiezen voor 'nice'. Als zoiets je opvalt, dan hoor je het ineens overal. De volgende avond hoor ik het Matthijs van Nieuwkerk zeggen bij DWDD. Dat had je toen nog. 'Nice', zegt Matthijs. Hij bedoelde ook weer 'leuk' of  'mooi'. Maar op de een of andere manier lijken die woorden ineens niet meer dezelfde zeggingskracht te hebben.

Afschuwelijk vooruitzicht

Gisteren staat mijn jongste dochter naast me. 'Nice', zegt ze. Er is al flink wat tijd verlopen tussen het moment dat ik het voor het eerst hoorde bij First Dates en gisteren. Mijn jongste is dus geen vroege volger. 'Nice' is heel gewoon geworden. En dan dringt het afgrijselijke besef tot me door: ergens in de toekomst zal ik het mij op een onbewaakt ogenblik ook laten ontvallen. Dan zal ik - zonder dat ik er erg in heb- in plaats van leuk of mooi 'nice' zeggen. Wat een afschuwelijk vooruitzicht.

zaterdag 29 februari 2020

Fronsland en dampende dijen

en verrafelde teksten
Deze week gingen E.en ik naar een concert van het Rosa Ensemble. Het Rosa Ensemble speelt stukken van en geïnspireerd op Captain Beefheart. E. is fan van de Captain. Ik vind het sinds jaar en dag hysterische ***muziek. Maar goed. E. was nieuwsgierig en hij kocht twee kaartjes. Dus ging ik mee. Dat noem je dan echte liefde.

n Apaarte

Ik had al snel in de gaten dat ook de interpretatie van de Captain van het Rosa Ensemble mij niet kon bekoren. Maar ik had van tevoren al geen hoge verwachtingen. In de aankondiging stond het volgende: Rosa is The Magic Band met eerbetoon aan Captain Beefheart. Hans Dagelet is de Captain. Hij gromt, sist, spuugt en verrafelt de vertaalde teksten. En daar ging het wat mij betreft mis. Ik ben geen fan van Captain Beefheart, maar hij is wel authentiek, een beetje gek. n Apaarte zou je in het Gronings zeggen. Hans Dagelet speelt Captain Beefheart en dan wordt het gek doen in plaats van gek zijn. En dat is niet hetzelfde.

Vertaalde teksten

We blijven niet het hele concert. In de pauze zegt E: "Ik heb wel een indruk". Dat is het sein om op te stappen. "Herkende je de teksten?", vraag ik later aan E."Fronsland - dat was letterlijk vertaald", aldus E. Dat heb ik niet gehoord. "Dampende dijen", zeg ik. Daar heeft E. dan weer niet van terug.



donderdag 3 maart 2016

Schaamgroen

Voor de liefhebbers: RGB, R51, G102, B0
Eskimo's hebben oneindig veel omschrijvingen voor de kleur wit. Dat is geen wonder: ze zijn omgeven door wit en dan zie je veel nuances. Hoogezand-Sappemeer is misschien niet de plek waar je genuanceerde omschrijvingen voor de kleur groen zou verwachten. Dan denk je toch eerder aan Drenthe dan aan de prachtige Veenkoloniale door industrie gedomineerde lintbebouwing alhier.*

De rest van Nederland kent misschien termen als grasgroen, mosgroen, antiekgroen, flessengroen, lichtgroen, lindegroen, donkergroen, gifgroen, lentegroen, legergroen et cetera. Daar voegen we hier schaamgroen aan toe. Inderdaad, schaamgroen.

Wij kennen de term schaamgroen in samenhang met de HOP. HOP staat voor Herenontmoetingsplaats. Herenontmoetingsplaats is een eufemisme voor een seksplek voor mannen. Die hebben we hier namelijk bij het Zuidlaardermeer. Daar hebben we behalve een recreatief strand ook een naaktstrand. Dat naaktstrand is niet bedoeld als seksplek, maar sinds de Heren er hun ontmoetingsplaats van hebben gemaakt is het dat wel. En daarom zit het strand al een tijd in het verdomhoekje. Het trok niet veel bezoekers. Slechts twee groepen wisten het strandje te vinden: surfers en Heren. 's Winters is het geliefd bij surfers en het hele jaar door bij Heren. Het naaktstrand biedt de surfers 's winters beschutting. Voor de Heren zijn de bosschages rond het naaktstrand een ideale omgeving voor gezochte intimiteit. Zij zijn daar namelijk -en daar komt het- omgeven door schaamgroen. Er wordt wel eens geklaagd over de overlast die de expliciete seksuele handelingen in het schaamgroen opleveren. In een onlangs gehouden raadsvergadering sprak een heer zich hierover uit. Van overlast was echt geen sprake, aldus de heer. Hooguit een beetje hinder. Dankzij het schaamgroen natuurlijk.

Daar denkt de gemeente anders over. Het naakstrand wordt een gecombineerd naakt-/surfstrand.Het schaamgroen gaat er dus af, maar het woord raken we natuurlijk nooit meer kwijt. En de kleur is bij deze vastgelegd. Er kan geschilderd worden!

*Begrijp me niet verkeerd: ik verkies dit zonder enige vorm van twijfel boven een bosrijke omgeving.

vrijdag 27 november 2015

Joa of nee? Nait of geern

Wij Nederlanders zijn heel rechtstreeks. In de rest van de wereld wordt dat wel eens als onbehouwen bestempeld, maar wij vinden het fijn. In het Noorden van het land zijn mensen nog net iets rechtstreekser dan in de rest van Nederland. En in Groningen spannen we de kroon. En van alle Groningers zijn de Oost-Groningers de kampioenen.

Iedere communicatiespecialist weet dat er altijd sprake is van 'ruis' bij het communiceren. Die ruis zorgt ervoor dat we elkaar net niet goed begrijpen. Ruis is dat kleine beetje onduidelijkheid dat bijvoorbeeld kan ontstaan doordat mensen beleefd willen zijn, of omdat ze de waarheid liever in het midden houden. Nou, daar is hier geen sprake van. Niks, 0,0 ruis. Ik zal een voorbeeld geven.

Deze week bezocht ik een plaatselijke supermarkt voor een paar kleine boodschappen. Ik schuif aan bij de kassa. "Dat is dan negen euro en vijf cent", zegt de kassière tegen de vrouw voor mij in de rij. "Vief sint derbie?", vraagt de vrouw. De kassière aarzelt. Ze hoeft die vijf cent duidelijk niet, maar vanuit haar culturele achtergrond is het onbehoorlijk om dat zo rechtstreeks te zeggen. "Joa of nee?", vraagt de vrouw. Ze haalt amper adem tussen de woorden, zodat het bijna klinkt alsof het een woord is: joa-of-nee. Ik schiet in de lach, het meisje bloost - ze voelt zich duidelijk ongemakkelijk onder deze directe confrontatie, maar ze komt er niet onderuit. Ze neemt de vijf centen van de vrouw aan en bedankt haar netjes. Tussen de lippen door mompelt de vrouw nog licht verontwaardigd "Joa, wel eevm zeggen". Hier is geen plek voor twijfel. Het is nait of geern.

En op zulke momenten weet ik het weer: wat is het toch een voorrecht om hier te wonen. Wat ben ik hier toch op mijn plek.

dinsdag 3 februari 2015

De koningin van het zelfbedachte woord

kaart van Boomerang
"Wat een schijtlijer" De jongste becommentarieert vanaf de achterbank het rijgedrag van iemand die ruim beneden de maximumsnelheid voor ons rijdt. "Schijtlijster" corrigeren E. en ik gelijktijdig. "Bij ons op school zegt iedereen schijtlijer", zegt ze.

Ze is de koningin van het zelfbedachte woord hier in huis. Zo tekende ze voor de koediekoe. Aanvankelijk was dat een koosnaampje voor een huisjesslak, later werd het de benaming van een knuffel. Hoe het van een glibberig beestje een warme omhelzing werd weet ik niet meer, maar het zit inmiddels in ons actieve vocabulaire. Een andere topper is de beverdook, een duik met een bibbertje.

En natuurlijk dik dunneree, een aanduiding van de textuur van de ontlasting. Voorafgaand aan dik dunneree bedacht ze  dunneree. Dunneree is een verbastering van diarree. Dik dunneree is dunne ontlasting met stukjes, geen diarree en geen vaste ontlasting dus. Het mag duidelijk zijn: hier in huis ligt geen taboe op praten over poep. (Daarmee horen we bij een kleine minderheid in Nederland, blijkt uit recente berichtgeving van de Maag Lever Darm Stichting.)

En nu dus schijtlijer. "Het klopt wel wat ze zegt hoor.", zegt haar oudste zus. "Veel jongeren zeggen schijtlijer" Niet zelfbedacht dus deze keer, maar voor ons wel nieuw.

zondag 11 januari 2015

Zwaitstift en poedielok

Het zat allang niet meer in mijn actieve vocabulaire: het woord zwaitstift. Maar ooit was dat wel het geval. Ik weet niet wanneer ik overgestapt ben van zwaitstift naar deo. Deo klinkt natuurlijk frisser, maar zwaitstift komt dichter bij de waarheid. Het woord is hier weer in zwang geraakt na 5 december. Mijn moeder bracht het woord toen ter sprake. Zij had namelijk een verlanglijstje gekregen met daarop een deodorant als ultieme wens. Dat vond mijn moeder amusant: "n Zwaitstift?" Met name onze zoon werd geïnspireerd door deze reactie van zijn geliefde grootmoeder. Het was direct een hit: bijna dagelijks komt de zwaitstift wel even voorbij.

Zoals vanmorgen bijvoorbeeld. De afgelopen twee dagen was hij ziek en had hij niet zoveel praatjes. Vanmorgen staat hij zingend onder de douche als ik wakker word. "Hij is weer beter", zeg ik tegen E. Als ik hem even later tref in de badkamer, beaamt hij dat. "Jazeker", zegt hij. En onmiddellijk wordt het niveau van persoonlijke verzorging ook weer opgekrikt met deo en een geurtje. "Zo, eevm de zwaitstift en de poedielok* derbie", zegt hij tevreden. Hij is helemaal terug. 


Poedielok is het Groningse woord voor een mannengeurtje.

donderdag 25 december 2014

Tegeltaal

"Dat is geen echt woord", zegt E. Hij leest mijn blog Crimescene no. 1. Ik heb daar het woord aardappelen - dansen door enkel met de heupen te schudden - gebruikt. Voor mij zegt dat woord alles wat ik wil zeggen. "Is dat echt zo?", vraag ik. E. bevestigt het en de oudste valt hem bij. Ik had kunnen zweren dat het een algemeen bekende term voor het heupschuddende dansje was. En dat gebeurt wel vaker.

Vorige week lag hier het Groninger woordenboek bijvoorbeeld nog weer even op tafel. Tijdens een feestje nog wel! We zochten naar het gezegde Veur de keutel te duur, zoals in Dij is veur de keutel te duur of Dat is veur de keutel te duur. De betekenis van dit gezegde is 'geen cent waard zijn'.

Mijn zus en ik waren samen op stap toen ik het gebruikte. "Is het eigenlijk een bestaand gezegde?", vraag ik haar. Het is namelijk een gezegde dat vooral door onze zonen wordt gebruikt en die kunnen wel iets verzinnen. We komen tot de conclusie dat dit misschien geen Nederlands gezegde is, maar dan toch echt wel een Gronings gezegde. We zitten op dat moment in de auto, dus checken kunnen we het niet. Dat komt dus later - naar aanleiding van een anekdote van boezemvriendin. We zoeken op keutel - geen succes. "Körrel dan?" zeg ik. Maar ook bij körrel komen we het gezegde niet tegen. Het is dus hoogstwaarschijnlijk een gezegde dat we ons in de familie zo eigen hebben gemaakt dat het lijkt alsof het er altijd al geweest is.

Boezemvriendin vertelt op het feestje dat ze als Drentse ooit dacht goede sier te maken bij haar nieuwe buren op het Groningse platteland met haar Gronings. Bij ons thuis bezigden we vaak het gezegde Til mie der mor eevm òf als we 'laat maar even' bedoelden. Toen zij overtuigd tegen haar buurvrouw zei: "Til mie der mor eevm òf", keek die haar niet-begrijpend aan. "Woaròf?", was de reactie. Mijn moeder bedacht deze klassieker. Zij is op dit gebied dan ook een grote inspiratiebron voor onze zoon.

Taal kun je je eigen maken. Het is dynamisch en helemaal van jou. Daarom hou ik er zo van. En tja: bij sommigen is het net iets dynamischer dan bij anderen.

maandag 14 april 2014

Dat heeft zo'n jongen toch niet nodig

"Hier hest de key", zei mijn oma vroeger tegen haar Schotse bijna-schoondochter. Oma vlocht Engelse woorden met het grootste gemak door haar Gronings. Het was behelpen, maar oma redde zich ermee zolang het duurde. Destijds vonden we dat echt een giller.

Ik denk er even aan terug als ik in een vergadering zit waar Engelse woorden naar hartenlust in een Nederlandse zin worden verwerkt. Werving wordt recruitment, als iets 'in de lucht' gaat is het up and running, betrokkenheid wordt engagement, beschikbaarheid wordt availability en ga zo maar door, leidinggevenden en bestuurders worden managers. Niemand knippert met zijn ogen. Het is namelijk heel gewoon. Sterker nog: het wordt vaak gezien als het bewijs van ultieme deskundigheid. Dat is het natuurlijk niet. Laten we wel zijn: dat is het  a b s o l u u t niet. Als je je taal moet doorspekken met moeilijke of Engelse woorden om gewicht in de schaal te leggen, dan sta je niet boven de materie. Als je boven de materie staat, heb je dat namelijk helemaal niet nodig. 

Thuis vertel ik het aan E. "Ik vind dat toch zo'n aanstellerij", zeg ik. "Ik denk dan altijd: dou eevm normoal. Jammer ook, want het was verder best een aardig verhaal. Ik was eigenlijk wel enthousiast." "Hij had het dus helemaal niet nodig", zegt E. Inderdaad, dat heeft zo'n jongen toch niet nodig.

donderdag 20 maart 2014

Vaaier? Vaare!


Onze zoon is een groot liefhebber van het Oost-Groningse dialect. Hij spreekt het zelf ook, maar is natuurlijk ook beïnvloed door het Gronings van E. en mij. En dat is het Gronings van Fivelingo. Zijn kameraad en diens vader zijn twee van zijn Oost-Groningse dialectvoorbeelden. "Hoe is het mogelijk hè", zegt hij. "eerst dacht ik dat het taalbederf was." Hij doelt op het gebruik van het woord 'stokkend' door zijn kameraad. Stokkend wordt hier gebruikt voor kapot. In Fivelingo zeggen we gewoon stuk. "Maar het is gewoon puur goed. Stokkend, dat is toch een prachtig woord." E. vindt het vermakelijk: "Ja het is een echt staaltje taalpurisme", zegt hij.

Buitenstaanders horen het verschil misschien niet, maar Groningers weten precies wat wel en niet bij hun eigen dialect past. Ik zou nooit stokkend zeggen. Dat past niet in mijn dialect. Zo zeg ik ook vaaier (vier) en niet vaare zoals hier gebruikelijk is. Dat hoort niet. De kameraad van onze zoon zegt vaare. Toen hij ooit eens gedachteloos vaaier zei, zei zijn vader: "Wat zegstoe? Vaaier? Vaare!" En zo leren we allemaal onze eigen variant van het Groningse dialect. Allemaal even mooi natuurlijk.

De illustraties op mijn blog zijn afkomstig van Boomerang Cards.  Hier vind je deze.

dinsdag 7 januari 2014

Takkewijf

De dinsdagmiddag is een van de hoogtepunten in mijn werkweek. Dan komen de mannen van het werkproject namelijk langs met een kar met producten uit eigen tuin of keuken. Verschillende soorten cakes verspreiden een aangename zoete lucht in de gang. Ook jam, sap en zelfgemaakte boterkoek maken deel uit van het assortiment. Maar ook eieren, of producten uit de tuin, zoals boerenkool, aardappels of witte bonen. Vandaag hebben ze voor de verandering ook takken van de forsythia gesnoeid. Nu lijken het nog kale takken, maar ik weet wat ik ervan kan verwachten. Om misverstanden te voorkomen hebben ze er een kaartje aan vastgemaakt: Na een paar dagen huiswarmte lopen deze Forsythia-takken uit tot vrolijke gele voorjaarsbloeiers. Dat lijkt me wat: ik koop direct twee bosjes. Misschien komen er wel wortels aan. Dan heb ik direct een struikje voor in onze tuin.

Als ik naar huis ga stap ik tevreden en gewapend met twee takkenbossen de deur uit. "Hee takkewijf", zegt collega ad rem.  We schieten in de lach. Maar ja, dat kan ze nu natuurlijk wel met recht zeggen.


Dit soort educatieve filmpjes zijn voor een ambitieuze tuinier in spe zoals ik natuurlijk geweldig.  

zaterdag 26 oktober 2013

Geil!

In het kader van het huis verder op orde krijgen richtten de jongste en ik haar kamer opnieuw in. Eerder al pimpten we de eenvoudige witte kast die ze van mijn zusje heeft gekregen. Heel geslaagd! Aan de achterkant plakten we inpakpapier. Dat was minder geslaagd. Dus scheurde ze dat er deze week af en tikten we bij de Mixx een mooi behangetje voor een goede prijs op de kop. Dat plakte ik er achterop. En dat ziet er een stuk beter uit!

De jongste is tevreden over het resultaat en blij met mij. Ze staat tenminste in de badkamer Mamma, je bent de liefste van de hele wereld te zingen. Haar zus is dit weekend thuis. Die zit twee deuren verderop in haar kamer. Ik beplak ondertussen nog een Malmkastje van Ikea, zodat die ook aan de achterkant gezien mag worden. "Ze vindt het geil", zegt de jongste. Ik kijk enigszins verbaasd op. Ik ben dan wel befaamd om mijn focus en concentratievermogen, maar ik heb de oudste toch echt niet horen of zien binnenkomen. Dus ik kijk de jongste vragend aan. "Ik heb haar een fotootje gestuurd", zegt ze. En de bondige reactie van de oudste was: "Geil". Tja, zo gaat dat dus.



vrijdag 31 mei 2013

Het zit niet in me

Vanmiddag rij ik in de auto naar huis. De zon schijnt, het lijkt zowaar wel zomer. Het is zelfs nodig om mijn zonnebril op te zetten. Ik luister naar Sky Radio. Het is vrijdag: de mooiste dag van de week. Nick en Simon klinken uit de speakers van de radio. Zij zingen over Julia. Ik zing even mee. Lekker. Tot dat ene zinnetje komt.

Voel je dat ik jou terug wil en tot alles ben bereid

Een duidelijk gevalletje van verkrachting van de Nederlandse taal omwille van de rijm. Er zijn meer twijfelgevallen in dit lied, maar deze kan echt niet. Hoe kun je dat met droge ogen zingen? Ik probeer me erin te verplaatsen. Stel je voor dat je Nick en Simon bent. Je hebt dat liedje geschreven, het wordt een hit. En dan heb je net niet lang genoeg nagedacht over die ene zin. Je hebt de easy way out genomen. En omdat het een hit is moet je die zin dan voortdurend zingen.

Ik dwaal in gedachten even af als ik me voorstel dat ik Nick of Simon zou zijn. Wie zou ik dan willen zijn? Nick is leuker dan Simon natuurlijk. Maar wil ik dan Nick zijn of juist Simon? Want als je Simon bent kun je natuurlijk wel lekker samen met Nick zingen. Ik kom tot de conclusie dat ik liever Simon ben.

Maar goed, daar gaat het natuurlijk helemaal niet om. Het gaat erom dat je Nick en Simon bent en dan die kromme zin steeds weer opnieuw moet zingen. Daar gaat het om. Daar moet je toch niet aan denken. Ik zou me er niet overheen kunnen zetten. Het zit niet in me.  

 
Als je ook even een Nick en Simon-meezingmomentje wilt:


dinsdag 14 mei 2013

The last woman standing

The last woman standing. Dat ben ik. De tekst is een variant op het Engelse gezegde The last man standing, wat betekent dat het strijdtoneel of de competitie is teruggebracht tot een persoon. En die ene persoon dat ben ik dan. Ze vallen hier namelijk bij bosjes.

Los van welke griepgolf dan ook-of hij moet mij zijn ontgaan- hebben we hier in huis een minigolfje. Het begon vorige week met onze zoon. Van het ene op het andere moment trok zijn neus dicht en werd hij zwaar verkouden en grieperig. Hondsberoerd. En dat was hem aan te zien. En nog is hij niet helemaal fit. Nadat hij van school terugkomt stort hij volledig in. Een paar dagen later volgde de jongste. Ze leek er met een milde variant van af te komen, maar echt beter werd ze niet en inmiddels heeft ze een terugslag. Ook zij heeft de handdoek in de ring gegooid. Zaterdagavond was E. aan de beurt. Hij is inmiddels aan de beterende hand, maar ook de beterende hand is nog niet best. Hij ziet er nog ronduit beroerd uit. De oudste is aan de kleine golf die hier heerst ontkomen tot nu toe, maar zij bivakkeert dan ook doorgaans in Enschede. En dan ik. Ook ik ben tot nu toe de dans ontsprongen.

Vanmiddag kom ik thuis van een intensieve bijeenkomst op het werk. "Ik ben bekaf", zeg ik tegen E. "Je wilt er nog niet aan, maar jij gaat ook voor de bijl", aldus E. Ik geloof er niets van. Ik ben the last woman standing en ik blijf staan.