Posts tonen met het label contact. Alle posts tonen
Posts tonen met het label contact. Alle posts tonen

vrijdag 29 november 2013

Zeg er iets van


"Oh ja", zegt E. als we de dag gisteren afsluiten. "Je moeder heeft nog gebeld, ook namens je vader." Ze belde naar aanleiding van mijn blog Join the conversation. "Ik moest er iets van zeggen dat je met ongure types aanpapt. Ik heb gezegd dat ik daar geen enkele invloed op heb."

Nou ja, ongure types. Het is waar: de jongen met wie ik maandagochtend toch een heel leuk contact had, begaf zich natuurlijk niet helemaal precies binnen de mazen van de wet. Maar dat maakt hem niet direct tot een foute jongen. Ik laat mijn intuïtie op dat gebied altijd de doorslag geven. En eerlijk is eerlijk: ik heb me wel eens onveiliger gevoeld bij mensen die zich wel aan de alom geaccepteerde normen houden. 

Op de een of andere manier vind ik niet zo snel iets vreemd. Daar ben ik me pas van bewust sinds ik naar de middelbare school ga. In mijn jaar ging ik als enige uit het dorp naar mijn middelbare school. Als het kon fietste ik met de groep uit het dorp, maar het gebeurde ook regelmatig dat ik alleen fietste door het kale Groninger land. Dat vond ik nooit vervelend. Als ik het eerste uur vrij was en ik alleen fietste, dan was het vaste prik: een oudere man kwam me achterop fietsen. Hij fietste zo'n 10 kilometer met me mee tot ik op school was. En ondertussen praatte hij dan tegen me aan. Geen vrolijke verhalen: lugubere verhalen over de streken die zijn foute zoon uithaalde. Of die zoon ook echt bestond weet ik niet. De verhalen die hij vertelde hoor je eigenlijk niet te vertellen aan een meisje van een jaar of dertien, veertien. Op een zeker moment zal ik het mijn moeder verteld hebben.  "Jij weet toch wel dat dat niet normaal is?", zei mijn moeder tegen me. Dat wist ik wel, maar ik heb me nooit onveilig gevoeld.

Volgens mij is het aangeboren. En wat mijn vader en moeder ook zeggen: het zit vast ergens in mijn genenpakketje. En E. heeft natuurlijk gelijk: hij heeft er geen enkele invloed op.

De illustraties op mijn blog zijn afkomstig van Boomerang Cards. - Hier vind je deze.

maandag 25 november 2013

Join the conversation - in het openbaar vervoer

Het is even na zessen als ik aankom op station Sappemeer. Als ik mijn fiets parkeer komt een jongeman me tegemoet lopen - hij is 23 jaar vertelt hij me later. Ik ken hem niet, maar hij roept mij toch duidelijk. "Mevrouw, mevrouw! Kunt u geld wisselen voor de trein?" Hij is de man die op het perron staat voorbij gelopen en in plaats daarvan mij gevolgd naar de fietsenstalling. Een goede inschatting. Ik ben doorgaans wel in voor een beetje contact en het openbaar vervoer biedt je volop mogelijkheid om in gesprek te gaan.

De jongeman is duidelijk niet gewend aan het reizen met de trein. En dat klopt: hij neemt doorgaans de auto, vertelt hij me. Nu is hij komen lopen vanaf Veendam. Zijn auto is namelijk door de politie in beslag genomen. Of eigenlijk -technisch gezien- is het niet zijn auto. Het is de auto van een kameraad van hem uit Vlaardingen. "Die gaat niet blij zijn mevrouw", zegt hij. De auto werd ingenomen omdat hij zonder rijbewijs reed. Die was al eerder in beslag genomen. Echt slim is dat niet, realiseert hij zich nu ook.

Hij vertelt me dit allemaal tijdens het treinreisje naar de stad. Hij gaat namelijk tegenover me zitten. "Als u het goed vindt kom ik even bij u zitten mevrouw. Ik weet niet hoe het werkt met de trein." Ik vind het goed natuurlijk, het is een heel aardige jongen. "Mijn moeder gaat ook zeker niet blij zijn mevrouw". En ook dat kan ik me voorstellen. Hij kijkt op zijn grote horloge. Om half tien moet hij op school zijn. "Ik ga monteur worden mevrouw. Mijn auto is mijn alles. Ik moet gewoon rijden. Hoe ga ik nu op school komen?" "Stadsbus, fiets?", opper ik. Hij kijkt me aan of het in Keulen dondert. "Nee mevrouw, ik ga altijd met mijn auto." Maar nu even niet dus. "En hoe kom je nu thuis, ga  je verder met de stadsbus of ga je lopen?", vraag ik. Nee, dat is hij niet van plan. Hij heeft eerst even genoeg van lopen en het openbaar vervoer. Hij neemt een taxi. Als onze wegen zich scheiden bedankt hij me nog eens hartelijk. "Dank u wel mevrouw. Zonder mevrouw was ik nu niet in de stad geweest. Misschien komen we elkaar nog eens tegen in de trein." Het lijkt me niet waarschijnlijk. Ik wens hem succes en onze wegen scheiden zich in opperbeste stemming.

Kerstsfeer op station Groningen.

zaterdag 3 november 2012

Lekker WhatsAppen

Ideaal, al die nieuwe mogelijkheden om contact met elkaar te hebben. Sinds kort zit ik ook op WhatsApp, nog een extra contactmogelijkheid. En dat is heerlijk, ik kan bijvoorbeeld snel even iets aan de oudste vragen. Of gewoon een beetje flauwekullen. Zoals laatst bijvoorbeeld. Ik had een korte vraag over het herstellen van mijn instellingen. Zij antwoordt en klaar ben ik weer. Dan stuurt zij mij een smiley. Die heb ik dan weer niet. "Gisteren had ik 'm nog", whatsApp ik tegen de oudste, "maar nu is hij weg." Volgens haar kan dat niet. Dus geduldig vertelt ze waar ik mijn smileys kan vinden. "Rechtsboven". "Nee, daar staat je foto", zeg ik. "Da is bij mij nie". Da is nie is Nijmeegs. Dat heeft de oudste in Enschede opgedaan waar ze veel met een Nijmeegse optrekt met wie ze in hetzelfde huis woont. En dat Nijmeegs bekt lekker, dus heb ik het ook overgenomen. Regelmatig zeg ik "Da is" of "Da is nie". Maar die avond ben ik echt geïnspireerd. Ik ben eraan toe om mijn grenzen te verleggen. Ik ben niet van plan om het bij Da is nie te houden.

Ik: Ik wee nie wa da weg is. Da is nie ok.
Zij: Waar wat weg is? Smileyicoon?
Ik: Ja dat smilegie nie.
Zij: Je draaft door.
Ik: Oh sorry dat smilegie nie wa?
Zij: Neen
Ik: Ik is de ma ja! Da is.
Zij: Dit slaat nergens op.
Ik: Was is nie en wa wel? Wa is de he-y da?
Zij: Begrijp er geen f*** van.
Ik: Wa de ge me negere?
Zij:?
Ik: Vin ge t nie leuk nie?

en dan blijft het stil.

Ik: Zidde ge de ma te negeer nie?

Dit soort grensverleggende conversaties maakt WhatsApp mogelijk. Dat is toch heerlijk?

maandag 3 september 2012

Touchskype

Sinds onze oudste vorig jaar op kamers ging, skype ik. En dat is ideaal. Je kunt niet alleen met elkaar praten, maar je kunt elkaar nog eens zien ook. Zo kunnen we elkaar direct onze nieuwe aanwinsten laten zien. Vorige week liet ik de oudste ons nieuwe kastje via skype zien.

Meestal skypen we laat op de avond. Geïnspireerd door de ipad ontdekte ik vorige week nog een nieuwe toepassing toen de oudste en ik in gesprek waren. Want wat is er natuurlijker dan te 'touchen' op een 'touchscreen'? Dus ik voeg de daad bij het woord. "Ik aai je nu over je wang", zeg ik tegen de oudste. "Ik kietel onder je kin", zeg ik. "en nu peuter ik in je oor." "Mam, wat ranzig. Hou daarmee op.", zegt ze. Niet dat ze er iets van merkt, maar ik stop toch maar. Wel jammer.

woensdag 24 september 2008

Twee extra rondjes

Vandaag hadden we een leuk evenement op het werk. Ik was zelf betrokken bij de voorbereiding. En dat maakt zo'n dag tot een leuke, maar ook inspannende dag. Voordat ik naar huis ging heb ik nog twee rondjes extra gereden. Ik heb namelijk getaxied voor een aantal gasten. En dat was me werkelijk een waar genoegen. Je hoort nog eens wat.

Het eerste drietal moest terug naar Hoofddorp. Er was een taxi besteld om ze naar de trein te brengen, maar die liet verstek gaan. Ze waren lichtelijk in paniek. Dit konden ze er echt niet bij hebben. Dus ik de auto voorgereden en met ze naar het station. Onderweg hoor je van alles; waar ze vandaan komen, hoe ze op het evenement zijn geattendeerd. En zo nog veel meer. Het was een aangenaam ritje. Toen ik terug kwam op het werk, dacht ik mijn tas te kunnen pakken en naar huis te kunnen gaan. Maar voor het theater zaten nog steeds mensen te wachten. "Kan ik nog iets voor u betekenen?" vraag ik. Het is al laat; de catering is opgeruimd, de jongens van het evenementenbureau zijn druk aan het afbreken, dus ze zitten er een beetje verloren bij. Collega A. vertelt me wat er aan de hand is. Ze zijn met z'n drieën gekomen. Een van de drie is in de pauze naar de stad gereden. Ik weet wie de derde man is, want die kwam mij vragen hoe laat het afgelopen zou zijn. Hij wilde eens een kijkje in de stad nemen. Hij zou op tijd terug zijn om zijn vrienden op te pikken. Maar wat blijkt na verschillende telefoontjes? Hij is zijn auto kwijt. Hij weet niet meer waar hij de auto in de voor hem onbekende stad heeft geparkeerd. "Zal ik u dan naar de stad brengen?", vraag ik het stel. Dat zouden ze toch wel heel fijn vinden. Dus rij ik nu een rondje de andere kant op. In de auto hebben we het erover: "Als u hierop terugkijkt is het een mooi verhaal", probeer ik ze nog wat op te monteren. "Dat is het nu natuurlijk al", zegt de vrouw. Hun vriend vertelde dat hij de auto ergens bij een kerk had geparkeerd. "Moet ik nog even met u rondrijden langs de kerken?", vraag ik. "Ach welnee mevrouw", zegt de vrouw. Ze komt uit Alkmaar en dat hoor je. Naarmate ze zich meer opwindt klinkt haar Noord-Hollandse accent steeds vetter.  "Als ik heel eerlijk ben, is er altijd wat met hem. Het is een waardeloze chauffeur ook. Hij keert rustig om op een vierbaansweg. Of hij rijdt een stukje achteruit. Dat maakt hem allemaal niks uit. Hij vindt dat dat best kan." Met stijgende verbazing hoor ik het verhaal aan. Ze zijn namelijk vanuit Alkmaar met deze waardeloze chauffeur meegereden. Ik zou me wel twee keer bedenken voor ik bij iemand in de auto stapte die er niet tegenop ziet om op een vierbaansweg te keren. "Nee", zegt ze. "We pakken gewoon de trein. Hij moet zich maar redden. Hij loopt maar een rondje langs alle kerken. Ik wil nu naar huis." Bij het evenement hadden we een high tea. En dat was maar goed ook, want: "En het errugste is, hij heeft alle broodjes ook nog.", moppert ze nog wat na. "Nou mevrouw, bedankt hoor. Ik ben u echt vree-su-luk dankbaar dat u met ons dit extra rondje rijdt. U woont hier nog niet eens ook, hoorde ik." "Geen dank hoor, ik doe het met plezier.", zeg ik. En zo is het ook. Het was een passend besluit van de dag. Ik heb ervan genoten.
Ik draag mijn twee extra rondjes op aan Rintje Ritsma, die vandaag definitief zijn laatste wedstrijdrondje schaatste.