Posts tonen met het label commune. Alle posts tonen
Posts tonen met het label commune. Alle posts tonen

zondag 17 maart 2013

Voor altijd een beetje thuis

Na de brand woonden we zes weken bij mijn zus. Zij was de eerste die er was. Toen ze kwam aanrijden zag ze dat het geen klein brandje was. Dat er niets van ons huis over zou blijven realiseerden we ons niet lang daarna. Het was vanzelfsprekend dat we met haar mee zouden gaan. Gek genoeg is dat toen we op straat stonden helemaal geen onderwerp van gesprek geweest. Dat we er zes weken bleven was natuurlijk heel bijzonder. Nog bijzonderder was dat er in die hele periode geen verkeerd woord is gevallen, terwijl we toch niet op onze tenen liepen. We woonden met elkaar samen in een grote commune: twee gezinnen vormden zich om tot een grotere eenheid. In die eenheid had ieder zijn rol, routines werden deels aangepast en deels behouden. We waren er niet op visite: we draaiden mee in het huishouden.

De aanleiding voor ons verblijf was natuurlijk verschrikkelijk. Maar het was -hoe gek dat ook klinkt- toch een mooie periode. We hebben het er hier in huis nog regelmatig over. Ik kom uit een hecht gezin en we hebben altijd al een sterke onderlinge band gehad. Deze periode heeft die band alleen nog maar versterkt. Er is namelijk wel iets veranderd. Ook al wonen we niet meer bij elkaar, de grote eenheid is er nog steeds. Dat geldt ook voor de boerderij. Het is niet zomaar de plek waar mijn zus met haar gezin woont. We zijn erbij geweest dat de nieuwe silo is geplaatst, we hebben er meegedraaid in de routine van de boerderij, onze voetsporen liggen er. De boerderij is ook voor altijd een beetje thuis.

zaterdag 11 augustus 2012

Schildersbedrijf De Commune

Als je tweeëntwintig jaar in een heel oud pand hebt gewoond -en je houdt een beetje van klussen- dan heb je je een heleboel trucs eigen gemaakt waarmee je je historische pand kunt verfraaien. Ik was eigenlijk altijd met de kwast in de weer. En daarin probeerde ik me steeds te verbeteren.Ik ontving graag tips van experts.

Ik werk in een historisch pand - toevallig net zo oud als ons huis was. Dus toen de schilder ooit voor mijn raam op de tweede verdieping bezig was met een voor mij onbekende stopverf, heb ik het raam open gegooid -beheerst en zonder zijn leven in gevaar te brengen- en geïnformeerd naar het product dat hij op dat moment gebruikte. Sindsdien gebruik ik dat product.

Zelf zal ik deze kennis niet meer nodig hebben. We krijgen een nieuw huis en mijn favoriete 'gekloetjebak' is dan overbodig. Gelukkig heeft mijn zus een boerderij waar ik nog met mijn geknutsel uit de voeten kan. De afgelopen dagen hebben we het achtereind van de boerderij geverfd. Mijn zus had al twee dagen zitten schuren en grondverven en de afgelopen drie dagen hebben we er even met z'n tweeën aan getrokken. En met succes: Schildersbedrijf De Commune heeft puik werk afgeleverd, mijn potje magische stopverf is helemaal leeg!

De illustraties op mijn blog zijn afkomstig van Boomerang Cards.  Hier vind je deze.

zaterdag 7 juli 2012

Een huis dichtbij thuis

Het zijn hectische weken geweest. Vandaag is het precies zes weken geleden dat ons huis is afgebrand. Vijfeneenhalve week hebben we doorgebracht in de 'commune'  met het gezin van mijn zus. Hoe gek het ook klinkt: het waren onvergetelijke weken. Wij hadden de tijd om -ondanks alle hectiek- in alle rust te herstellen. Het communeleven was een warm bad zonder turbulenties. Dat was precies wat we nodig hadden. Maar zo kon het niet blijven doorgaan: natuurlijk wil je ook weer op eigen benen staan.

Vorige week vrijdag kregen we de sleutel van het huurhuis waar we nu wonen. Het weekend werd klussend doorgebracht. Met hulp van familie en vrienden werd het huis in een razend tempo gewit. De zondag was voor het ophangen van gordijnen en luxaflex. Op maandag waren we klaar voor de vloerbedekking. Zodra dat er lag konden alle meubels die we in de voorgaande weken hebben aangeschaft of bij elkaar hebben gescharreld, worden geplaatst. Dinsdag kwamen belangrijke apparaten zoals de wasmachine. Ook werd de felbegeerde afwasmachine via mijn schoonouders gevonden. Donderdag werd de droger nageleverd. Zo zijn alle grote dingen in huis zo'n beetje aangeschaft. We zijn dikke vrienden met Ikea geworden. Ik kreeg altijd al berichten met Hej Jannie - en dan iets in de trant van: weet je welke leuke aanbiedingen we nu weer hebben? Maar ik verwacht dat de begroeting nu nog hartelijker zal worden, zoiets als Hej Jannie dikke väninna. En dan natuurlijk flinke kortingen voor mij met gratis Zweedse balletjes in het restaurant.

Het shoppen van gebruiksvoorwerpen gaat nog steeds door; steeds duiken er grotere en kleine dingen op die wel handig zijn, maar die er niet meer zijn. Ook dringt het -nu we hier zitten- steeds meer door dat we echt niets meer hebben. De grote dingen zijn er inmiddels in grote lijnen. Het gaat meer om de kleine dingen. Koffie zetten? Het apparaat is er natuurlijk en ook de koffie is aangeschaft, maar geen bus om koffie in te doen en geen maatschepje. Het zijn kleine dingen waar je ook wel zonder kunt, maar die je even doen beseffen hoe de vork in de steel zit. Ook aan andere dingen merk je dat er niets meer vertrouwd is. Dingen waar je nooit bij stilstaat, vallen je nu ineens op. Zo hebben de nieuwe messen een andere vorm dan de messen die we hadden en dat smeert heel anders. En verder natuurlijk de zaken die iedereen heeft als je net in een nieuw huis woont: waar zat dat lichtknopje ook alweer? Als je jarenlang in een huis woont zijn alle routes je zo vertrouwd dat je daar nooit meer bij nadenkt. Dat is nu even helemaal weg. Maar ik verwacht dat dat snel zal wennen.

Ook de buurt waarin we nu wonen is volstrekt anders dan onze gewone omgeving. Het is prima te doen, het is een goed huis en we wonen hier in een fijne buurt met veel ruimte, maar het is niet thuis. Van mijn attente en begripvolle collega's kregen we dinsdagmiddag een bos bloemen met daarbij een kaartje met daarop de rake tekst: Veel plezier in jullie huis dichtbij thuis. 

zaterdag 16 juni 2012

In de commune

Drie weken zitten we nu alweer bij mijn zus. Vorig weekend sprak ik mijn moeder even aan de telefoon- een specialiteit van ons die op dit moment niet echt uit de verf komt. Maar vorige week dus wel even. Het voordeel van zo'n telefoongesprek is dat je even geconcentreerd met elkaar praat, zonder dat je wordt afgeleid en zonder dat iemand anders mee gaat doen. "Als je me drie weken geleden had verteld dat ik nu geen huis meer zou hebben, geen spullen meer en dat ik weken bij mijn eigen zus zou gaan wonen, dan had ik drie weken lopen janken.", zeg ik tegen haar. Maar nu dat het geval is doe ik dat niet. En daar hoef ik me niet eens voor te forceren. We gaan gewoon voorwaarts.

En dus wonen we in wat wij nu met een knipoog 'de commune' noemen: samen met het gezin van mijn zus bij haar op de boerderij. Ik had nooit gedacht dat ik er geschikt voor zou zijn. Het fenomeen commune is natuurlijk ook over zijn hoogtepunt heen. Na de seventies heb ik er niet veel meer over gehoord. Maar wij doen het nu even voor een periode van vijf of zes weken. En dat gaat boven verwachting. We leven hier in harmonie in de commune. Heerlijk op het platteland. Dat is voor mij na al die jaren toch ook een beetje thuiskomen. Dat ik goed dicht op mijn zus zou kunnen leven is voor mij geen verrassing. Toen we opgroeiden kropen we bij elkaar in een eenpersoonsbed en als er samengewerkt moet worden, doen we dat geruisloos met elkaar. Dat is heel fijn. Maar dat het ook samen met onze gezinnen heel goed gaat, dat is een vette bonus.

Hoe het communeleven eruit ziet? We lossen alles in gezamenlijkheid op. Mijn zus doet de wasserij voor de commune- in samenwerking met mijn moeder, die het strijkgoed voor haar rekening neemt. We zorgen gezamenlijk voor de boodschappen. Als ik eerder thuis ben dan zij, dan kook ik. Ik zorg dan ook voor de boodschappen. Is zij eerder thuis, dan kookt zij. Het schoonmaken is een gezamenlijke activiteit. Op mijn vrije vrijdag pakken we het woonhuis gezamenlijk aan. En vandaag nemen we het bedrijfsgedeelte voor onze rekening.
Wij zetten als gezin een deel van onze gewoontes hier door: 's morgens pakken we bijvoorbeeld direct de vaatwasmachine uit. En twee keer in de week halen we brood bij onze eigen bakker (een iets verruimde bestelling natuurlijk om de hele commune te kunnen voeden.) De mannen hebben daar hun eigen aandeel in en beperken zich niet alleen tot de traditionele mannentaken. Al is het natuurlijk wel zo dat als er beton gestort moet worden, dat een klus is voor de mannen van de commune.

Nog een aantal weken en dan zullen we de commune verlaten om weer op eigen benen te gaan staan en dat is ook goed. Maar ik weet nu al dat ik warme herinneringen zal koesteren aan onze tijd in de commune. Het verstevigt onze toch al sterke onderlinge band nog meer.