Posts tonen met het label huis. Alle posts tonen
Posts tonen met het label huis. Alle posts tonen

donderdag 9 januari 2014

History of Sappemeer

Deze week ben ik op facebook vrienden geworden met History Sappemeer. Ik zag bij een Facebookvriendin namelijk een foto van ons oude huis voorbij komen. Ik heb alle foto's van History Sappemeer bekeken en daar vond ik een aantal foto's van ons oude huis. Ons oude huis was vroeger een bakkerij. Later werd het een woonhuis. Toen wij het huis kochten was het dan ook gestuct om de voormalige winkelgevel te verhullen.

Ik vind het leuk om die oude foto's te zien. "Moet je eens zien", zeg ik tegen E. Op de foto's is ook het Winschoterdiep nog niet gedempt. Mooi! Ook al herinner ik me van familiebezoek van vroeger dat het diep verschrikkelijk stonk. Maar goed, dat had opgelost kunnen worden. Dat hebben ze in Pekela ook gedaan. Maar hier is het gedempt. Jammer. Jaren geleden werd er nog over gesproken om het diep weer open te maken, maar dat is nu denk ik wel definitief van tafel.

E. en ik kijken naar de foto met ons oude huis erop. "Het is eigenlijk wel heel erg", zeg ik. "Er is een heel gat gevallen in the history of Sappemeer. En dat komt nooit meer terug." "Ja", zegt E. "En ook in onze eigen history. Nog erger." Hij heeft gelijk. Maar dat heb ik me al eerder gerealiseerd. Pas toen ik de foto's zag realiseerde ik me het verlies voor Sappemeer.


Het middelste huis is ons oude huis toen het nog een bakkerij was.




Er verdwijnt natuurlijk ook history op een andere manier. Zo werd de bioscoop van Sappemeer gesloopt. Toen wij kwamen wonen in Sappemeer stond het er nog: drie huizen verderop. Het is eeuwig zonde.
Alle foto's zijn afkomstig van de facebookpagina History Sappemeer

zondag 15 september 2013

Luxe went snel

We zitten nu alweer vier weken op onze eigen plek. We zijn nog lang niet weer op orde en ik ben nu op het punt dat ik me realiseer dat dat ook nog wel even gaat duren. Maar we zetten stappen en daar gaat het om. Dit weekend hebben we een kast opgehangen. Vorig weekend deden we ook al een poging, maar toen zakte het door. Dus deze week hebben we een beetje extra steun georganiseerd en nu hangt het strak aan de muur. Het enige wat nu nog rest is het verven van de steunders waar het geheel op rust.

En dit weekend kwam ook het bed voor onze zoon. Hij sliep sinds de brand in een logeerbed. Geen ideale situatie, maar hij wilde graag een groot bed en dat paste niet in zijn kamer op ons tijdelijke adres. Dus zaterdag eerst de kamer leeg, toen de kamer weer ingericht. Nieuw beddengoed aangeschaft en gewassen... Dat noem ik nog eens een welbesteed weekend.

Verder lijkt het wonen hier als vanouds, ook al is het huis nieuw. Dat laatste ontgaat ons natuurlijk niet. Naast de onwennigheid van een nieuw huis heb je ook de luxe die daarbij hoort. Zo hebben we in onze superkeuken een quooker waarmee we à la minute kokend water kunnen tappen. Ik had van tevoren niet gedacht dat dat zo handig zou zijn: rijst koken? Kokend water erop en 8 minuten later is het klaar en zo gaat dat met alles. Ik geniet er enorm van. Vanmiddag tapt E. een theepotje kokend water. "Wat een luxe hè?", zeg ik tegen E."Ja en het went snel", zegt hij. En zo is het: vier weken geleden hadden we er geen idee van en als onze quooker nu stuk zou gaan, zouden we echt balen. Zo snel raak je verwend.


vrijdag 9 augustus 2013

Emotionele flashback

Een troosteloos stilleven
We zijn bezig aan onze laatste week in ons tijdelijke huis. Misschien wel de laatste dagen. Wanneer we daadwerkelijk overgaan weten we nog niet precies. Ons huis is namelijk nog niet helemaal af, maar wel genoeg om te verhuizen. Met de aannemer moeten we nog een afspraak maken over de sleuteloverdracht en dan is het een kwestie van onze spullen overpakken.

Het gaat gebeuren

Deze week hebben we het huis grotendeels schoongemaakt. Maandagavond zette E. me uit bij de super om de benodigde schoonmaakspullen te halen. Hij rijdt alvast verder. Enigszins opgewonden loop ik door de super. Het gaat nu echt gebeuren! Onvoorstelbaar. 

Ambitieus programma

Ruim een jaar geleden, op 29 mei liep ik ook in de super. Het was de dinsdag na Pinksteren, drie dagen na de 26e mei - de dag dat ons huis afbrandde. Omdat E. en ik hadden bedacht dat het voor ons allemaal goed zou zijn om onze routines zo snel mogelijk op te pakken en confrontaties niet uit te stellen, had ik 's morgens de jongste naar school gebracht. Ik was samen met haar naar binnen gelopen. Op het schoolplein werd er naar ons gekeken: zij was immers het meisje van wie het huis was afgebrand, ik was haar moeder. Nadat ik haar had overgedragen aan de directeur, die haar naar haar klas zou begeleiden, stapte ik weer in de auto. Ik had namelijk een ambitieus programma voor die ochtend: na het naar school brengen van de jongste zou ik naar de super gaan om daar een paar dozen Merci te halen. Vervolgens zou ik die met de geleende spullen -slippers, trainingsbroek, shirt- afleveren bij de behulpzame buren die ze aan ons hadden uitgeleend. En als ik dat achter de rug had, zou ik achter onze identiteitspapieren aangaan: eerst naar het politiebureau en dan naar het gemeentehuis. Dat was het plan.

Blikken

Dus parkeer ik de auto op de stille parkeerplaats bij de super. Het is net acht uur. Ik ben een van de eerste klanten. Ik ben opgelucht, blij dat ik onze jongste zo goed heb afgeleverd. Ik ben een vaste klant bij de super, dus ze kennen me. Ik loop onbevangen binnen, nog niet voorbereid op de blikken. Bij de groente zie ik twee medewerkers met elkaar fluisteren. De een brengt de ander blijkbaar op de hoogte van onze persoonlijke stand van zaken. Ze werpen veelbetekenende blikken naar mij. Ook de vakkenvullers tussen de schappen steken de koppen bij elkaar als ze mij in beeld krijgen. Ik hoor het ze bijna zeggen: "Dat is die vrouw van wie het huis is afgebrand". Niemand spreekt me erop aan. Dat is blijkbaar te ongemakkelijk. Zo voelt het voor mij ook. Als ik in de auto zit met mijn aangeschafte doosjes Merci barst ik in huilen uit. Het besef treft me vol: ik heb hier in de super niets meer te zoeken. Ik heb geen kast meer om de boodschappen in te doen, geen huis om naartoe te gaan. Dit is mijn plek niet meer. En dan realiseer ik me dat het programma dat ik voor mezelf in gedachten had te ambitieus is. Ik breng de spullen die dag niet terug. Dat lukt me niet. Ik rij terug naar de boerderij van mijn zus, waar we op dat moment wonen. We drinken koffie, ik herpak mezelf en samen met mijn zus als steun en toeverlaat ga ik alsnog de identiteitspapieren regelen. 

Ook nu is het rustig in de super. Misschien moet ik er daarom wel aan denken. Misschien is het ook wel omdat ik nu wel een huis heb waar ik mijn spullen heen kan brengen. Als ik met mijn schoonmaakmiddelen de deur uitloop en voor het eerst na ruim een jaar weer linksaf sla naar huis, emotioneert dat me. Ik heb me niet gerealiseerd hoe erg ik het heb gemist. Gelukkig maar.

zondag 14 juli 2013

De geschiedenis begint bij ons

Vandaag waren E. en ik even in ons nieuwe huis. In augustus hopen we te kunnen verhuizen. Gisteren zijn de luxaflex, de rolgordijnen en de plissédingetjes geplaatst. Ziet er superstrak uit! Helaas liggen de vloeren er nog niet in. Om de haverklap komt er iemand meten met steeds hetzelfde resultaat: nog te vochtig. De verwarming is inmiddels al flink opgestookt. Tropische temperaturen dus. Maar goed: de vloer moet nog gelegd worden en dat betekent schuren, nog eens schuren en nog eens schuren. En dus ook: stof! Het zou jammer zijn als dat op onze nieuwe superstrakke raambekleding neer zou dalen. Dus hebben we ze vanmiddag afgeplakt. En nu kan er dan geschuurd worden, liever nog gisteren dan vandaag.

Het is toch vreemd om zo rond te lopen in zo'n nieuw huis. Niemand heeft er nog zijn sporen in nagelaten. Alles is nieuw. Het huis heeft nog absoluut geen geschiedenis, als je tenminste de voorgeschiedenis niet meetelt. Wij zullen de eersten zijn die geschiedenis gaan schrijven in dat huis. De eerste sporen in het huis zullen onze sporen zijn. Na ons zullen er anderen komen, want het is een sterk en solide huis gebouwd om generaties te huisvesten. Dus die zullen komen: generatie na generatie zullen ze hun sporen in het huis nalaten. Dat is heel bijzonder. En nog veel bijzonderder is dat wij de eersten zullen zijn. De geschiedenis begint bij ons. 



zondag 26 mei 2013

De weg terug naar huis

In de vroege ochtend van 26 mei 2012 brandde ons huis af. Het is een bizar en onvoorstelbaar jaar geweest. Ik heb dingen meegemaakt die mijn voorstellingsvermogen te boven gingen. We hebben dit jaar meer beslissingen genomen dan in de tien jaar daarvoor. Ik heb dingen geleerd die ik -als ik een keuze had gehad- nooit had geleerd. Ik heb geleerd wat er toe doet en wat er niet toe doet. Ik heb angst en heimwee overwonnen. Ik heb geleerd los te laten waar het moet en vast te houden als dat nodig is. Ik heb om leren gaan met onzekerheid. En nog veel meer... Wij hebben ons huis verloren, maar weten dat we thuis zijn bij elkaar. "Het is niet alleen maar verlies", zei laatst iemand tegen me die zelf een brand meemaakte. En dat klopt. Je staat ook wat gemakkelijker tegenover sommige zaken. Je weet precies wat ertoe doet. En dat is winst.  




We hopen in de zomer weer in ons huis te kunnen trekken. De afwerking vraagt nog even tijd, maar het vordert gestaag. We kijken ernaar uit om weer op onze eigen stek te zitten, want ondanks de veelheid aan activiteiten, keuzes en indrukken, voelt het toch een beetje alsof we stilstaan. Of we zijn blijven hangen in de pauzestand. Als we weer thuis zijn kunnen we deze periode afsluiten. De brand zal altijd een soort breekpunt in ons leven zijn, maar het heeft ons geen van allen gebroken. We hebben de draad direct weer opgepakt, dezelfde dag nog. Op 26 mei 2012 brandde ons huis af. En nu zijn we alweer een jaar verder. De weg terug naar huis wordt met de dag korter.






woensdag 10 april 2013

Hoogtepunt: de deur gaat weer op slot!

Hier nog niet, maar nu gaat de deur op slot!
Ik was vandaag maar liefst twee keer op de bouw. Vandaag was een nog groter hoogtepunt dan het hoogste punt. Vanaf vandaag gaat de deur namelijk weer op slot!  En daarmee is het geen bouwplaats meer, maar een huis. Een huis waar nog hard aan gewerkt wordt, dat wel.

Het was vanmorgen een drukte van belang. De schilder was nog op de steiger bezig. Ik informeer hem over de gewenste kleurstelling. We praten nog even met elkaar van schilder tot amateurschilder. Het voorbereidend werk is 70% van het werk, aldus de schilder. Ik heb het vaak genoeg gedaan om te weten dat hij gelijk heeft. Hij is nu dus nog bezig met het voorbereidende werk. 30.000 gaatjes moet hij nog vullen, naar eigen zeggen.

Binnen zijn de installateurs bezig. De vloerverwarming ligt er al. Morgen wordt een begin gemaakt met het storten van de dekvloer. Dat kan dan dit weekend mooi drogen. Er wordt immers mooi weer verwacht.

Volgende week wordt het plafond afgewerkt. Dan moeten we ons verlichtingsplan ook op orde hebben. In ons tijdelijke onderkomen is het verlichtingsplan niet goed op orde. We vechten elkaar van de bank af om die ene plek met goed gericht licht. Aan sfeerverlichting geen gebrek. Maar dat zal ons in het nieuwe huis niet weer overkomen. Na wikken en wegen, kijken en meten, komen E. en ik  tot de conclusie dat we in de kamer maar liefst 18 spotjes in het plafond nodig hebben. Het zal ons niet weer overkomen dat we ongewild zitten te schemeren!

E. maakt een tekening van ons uitgekiende verlichtingsplan en stuurt het naar de installateur. Die laat ons weten dat 18 spotjes wel een beetje veel is. We mogen er nog wel even over nadenken... De mannen op de werkvloer zijn minder diplomatiek: zij vinden dat we er een discotheek van maken. Nou zijn wij nog wel van de discotijd, maar dat is toch niet de bedoeling. Hoogste tijd om een professional in te schakelen. Die spreken we vanmiddag. Er zit schot in; we maken de belangrijkste keuzes en zo is dat dan ook weer geregeld.  De expert vond 18 spotjes ook een beetje overdreven, dus het zijn er iets minder geworden. Maar hoe dan ook: we hoeven in de toekomst niet meer te vechten om de best verlichte plek!

donderdag 28 februari 2013

Atmosferisch perspectief

Het zijn drukke tijden voor ons. Woensdag is mijn vrije dag, dus dan plannen we zoveel mogelijk zaken rondom de bouw. Gisteren begonnen we met een rondgang door ons nieuwe huis. De installateur kwam om samen met ons de stopcontacten en schakelaars af te tekenen. Dinsdagmiddag hadden E. en ik al een voorbereidingsrondje gedaan. Je moet daarvoor namelijk toch wel enig idee hebben van hoe je je huis in wilt richten. Na deze ronde waren we tot op het bot verkleumd.

Na de middag reisden we af naar Friesland om onze trap te kiezen. Omdat het op de route ligt, rijden we de terugreis over Grootegast om te kijken naar trapspijlen, Groningse schoorsteenborden, deurroosters en levensbomen. In de trappenfabriek slagen we. We zijn het eens over de houtsoort en de afwerking. Ook het Groningse schoorsteenbord levert geen problemen op. De deurroosters leveren meer problemen op. De roosters die we mooi vinden worden niet geleverd in de lengtemaat die we nodig hebben. En de roosters die we wel in de lengtemaat kunnen krijgen, vinden we minder mooi. Daar moeten we ons dus nog even verder in verdiepen.

Op de heenreis schijnt de zon. Vanaf de snelweg hebben we een weids uitzicht over het Friese land. Het Friese land is weids, maar niet Gronings weids. In de verte tekenen zich houtwallen en dorpjes af. Het is zonovergoten en een beetje heiig daar waar de horizon het land raakt. "Kijk, een atmosferisch perspectief", zegt E. Zo heet dat dus. Mooi.

Vandaag weer een goed gevulde werkdag met steeds een lichte hoofdpijn. Nu lonkt vooral het perspectief van het bed: ik ben bekaf.

maandag 25 februari 2013

Steiger ontmanteld

Hier lag alles nog op zijn plek
De bouw raakt nu echt in een stroomversnelling. Het dak zit erop, de schoorstenen staan en nu kunnen de pannen er dus op. Nog even en de steiger kan worden afgebroken. Maar zover is het nog niet. Des te vervelender dat de bouwers vanmorgen een steiger ontdaan van alle steigerplanken aantroffen. Die zijn dit weekend gestolen. Alleen aan de voorkant lagen de planken er nog op.

Met aftrek van de voorzijde van het huis hebben we het dan over maar liefst 31 meter steiger. Niet iets wat je ongemerkt even meeneemt zou je zo zeggen. Maar het lijkt erop dat de dieven ermee weg zijn gekomen.

Het schijnt schering en inslag te zijn: diefstal op bouwplaatsen. Vooral bouwmaterialen en machines zijn populair. Onze aannemer ziet erop toe dat de bouwplaats netjes is en dat er geen spullen rondslingeren. Bij de aanvoer van bouwmaterialen houdt hij er rekening mee dat ze snel worden verwerkt. Maar wie verzint het nou dat je een steiger ontmantelt? Ik had het in ieder geval niet kunnen bedenken.

dinsdag 12 februari 2013

Angst overwinnen

Vandaag heb ik een angst overwonnen. De bouw van ons huis is nu zover gevorderd, dat we via een steiger rondom de bovenverdieping kunnen bekijken. En vandaag heb ik die steiger beklommen. Ik heb zelfs rondgewandeld! Zonder me krampachtig ergens aan vast te houden!! Gewoon met de handen in de zak!!! Dat is een enorme overwinning omdat ik hoogtevrees heb. Ik denk dat ik val of naar beneden gezogen word. Ik kan zelfs niet goed kijken naar beelden van anderen die op grote hoogte werken. Maar vandaag heb ik het gedaan. Als je een brand hebt overleefd kun je een wandeling over een steiger ook wel aan.

Een aantal jaren geleden was dat nog heel anders. Toen hadden de buren een steiger naast het huis staan. Ik dacht dat dat een mooie gelegenheid was om de bovenkant van de muren van ons witte huis af te boenen. Eerst maar eens even kijken, dacht ik. Het was niet zo'n probleem om boven te komen. Maar toen ik daar eenmaal was bleek er een gat in de steiger te zitten. Een tijdlang heb ik me vastgehouden aan de goot van de buren. Bevroren hing ik daar: vastgeplakt tegen de muur. Na een tijdje vatte ik het plan op om E. te roepen. Eerst probeerde ik het nog discreet, maar er was meer volume nodig om E. uit het huis te krijgen. "Haal me van die steiger af", zeg ik tegen E. "Wat doe je daar eigenlijk op die steiger?", vraagt E. Ik leg uit dat ik het huis af wilde boenen. "Nou, nu je daar toch bent, dan moet je dat ook maar doen.", was zijn antwoord en hij bracht me een emmer. Het was duidelijk: E. ging me niet helpen, ik had geen mobiele telefoon bij me en kon de brandweer dus niet inschakelen. Uiteindelijk ben ik zelf de steiger weer afgeklommen. E. onderaan de trap om me eventueel op te vangen.

Zo zie je maar weer. Dat was toen, nu is alles anders. Alles waar je niet dood aan gaat, maakt je sterker.

Foto's heb ik niet gemaakt. Ik heb er niet eens aan gedacht. Zo ontspannen was ik nou ook weer niet. 

zaterdag 29 december 2012

Drie banken en twee statafels


Zo af en toe bespreken we de inrichting van ons nieuwe huis. "We moeten maar een extra bank nemen", zeg ik tegen E. Nu alle kinderen thuis zijn, komen we zitplaatsen - of eigenlijk ligplaatsen- tekort. Iedereen wil namelijk op de bank liggen. Onze zoon is graag op pad, maar als hij thuis is, dan eist hij een bank op. Omdat hij ruim twee meter lang is, blijft er op die bank dan heel weinig ruimte over. En dat is ook precies de bedoeling: hij wil die bank voor zichzelf. De stoelen die we van mijn zus kregen, bezorgen hem namelijk een 'houten ari'. "Ja, we hebben drie banken en twee statafels nodig", zegt hij. Hij licht het even toe: een bank voor hem natuurlijk en eentje voor E. en eentje voor mij. En die twee statafels zijn natuurlijk voor zijn zussen. Dikke pret.

woensdag 12 december 2012

Our lamps make the sun jealous

Ik surf een beetje op internet om te kijken naar spullen die we voor ons nieuwe huis zouden kunnen kopen. Iets waar ik ook veel waarde aan hecht is een goed verlichtingsplan. Vroeger wist ik niet dat je daar een plan voor moest hebben. Toen zette ik gewoon lampen neer, draaide peertjes in en rotzooide maar wat aan met het licht. Tot ik dus ergens las dat je een verlichtingsplan moet hebben. Sindsdien ga ik er niet meer zo lichtzinnig mee om. In ons vorige huis hadden we een uitgebalanceerde mix van gericht licht en sfeerverlichting.

Hier wil dat nog niet zo lukken. Met de sfeerverlichting zit het wel snor, maar het gerichte licht is onder de maat. Bovendien deden we een ongelukkige aankoop met een aantal sudderspaarlampen die pas na een flinke tijd opwarmen ook daadwerkelijk licht geven. Nou zitten we hier tijdelijk, dus daar wil ik niet te moeilijk over doen, maar in ons nieuwe huis moet het weer dik in orde zijn. Dus kijk ik zo een beetje rond op internet. Ik vind het nog niet zo gemakkelijk om verlichting te vinden die bij mij in de smaak valt. En dan ben ik nog niet eens in het stadium beland dat ik het aan E. laat zien. Dus nee, ik heb nog niet echt iets gevonden. De lamp van mijn dromen vond ik er niet, maar ik kwam wel een lampenwinkel tegen met een leuke slogan:  Our lamps make the sun jealous.


Ik hoef me nog niet direct druk maken over de verlichting, maar vandaag kwam het dak op ons nieuwe huis!

zondag 9 december 2012

Logistiek van huis en leven

Het huis waarin je woont, de spullen die je hebt, beïnvloeden de manier waarop je leeft. Voor de brand had ik geen idee hoe ver dat gaat. Om een voorbeeld te nemen: in ons vorige huis waste ik 's nachts. Onze bijkeuken, door ons bij voorkeur het washok genoemd, was beneden. 's Avonds voordat ik naar bed ging (het bed stond boven), kwam ik langs het washok. Dat was een heel natuurlijk moment om de wasmachine aan te zetten. 's Morgens was de was gedraaid en dan kon het zo de droger in of het rik op. Nu staan de wasmachine en de droger op zolder. E. en ik slapen nu, gescheiden door een gordijn, in het washok. Alleen noemen we dat nu de wasserette. Dat klinkt dan weer iets beter. We gaan nog net niet zover dat we onze wasserette Het Wasmandje noemen, zoals de Belgische wasserette om de hoek bij de dochter van boezemvriendin.

De wasmachine draait nu dus niet meer 's nachts. 's Morgens voor ik een verdieping afzak om te gaan douchen, laad ik de wasmachine in. Die gaat dan aan. En als ik 's middags thuiskom, dan moet ik er aan denken om de was in de droger te stoppen of anders op te hangen aan de rand van het dakraam. Dat is mijn alternatieve rik. Vaak denk ik er 's middags niet aan, want dan ben ik meer gefocust op eten koken (niet dat ik hier de indruk wil wekken dat dat voor mij een tijdrovende klus is). Ik denk er vaak pas aan op het moment dat ik naar bed ga. En dan draai ik de droger dus niet.

's Weekends is nog weer een ander verhaal. In ons vorige huis stond ik op, ging ik me douchen en dan maakte ik direct de was aan kant. Ik was dan al van bovenverdieping afgedaald naar de benedenverdieping. Met het van boven naar beneden gaan was de dag begonnen. Met de was kun je zomaar een uur bezig zijn: de droger uitruimen, inladen, de wasmachine uitladen en inladen. De was vouwen en voor iedereen sorteren, het strijkgoed strijken. Nu doe ik al die handelingen voor ik naar beneden ga, nog voor ik me ga douchen. Dat voelt toch heel anders. Voor ik beneden kom, ben ik dan allang bezig, zonder het gevoel te hebben dat de dag echt is begonnen.

Ik zou het natuurlijk net zo kunnen doen als in ons oude huis, maar dat is niet logisch. Dan is het geen vloeiende opeenvolging van handelingen meer. Zo dicteert een huis en de indeling van een huis toch ook je leven. Het is dus belangrijk dat de logistiek van je huis bij de logistiek van je leven past. Dat had ik me nooit zo gerealiseerd.    

woensdag 7 november 2012

De bouwvakker in mij



Vanmorgen gaan E. en ik even langs de bouw, of zoals we hier in huis op z'n goed Veenkoloniaals zeggen: de bôh. Er viel namelijk wel wat te kijken op de bôh. De metselaars begonnen gisteren met grote blokken de binnenmuren te metselen. En dat schiet lekker op. Vanmorgen kwamen ze bovendien de langverwachte bouwstroom aansluiten en er is nu ook voorzien in een wateraansluiting. Het was er dus een drukte van belang. Zo zien wij dat graag. E. en ik maken gauw een aantal foto's en stappen dan weer in de auto. We moeten namelijk verder voor een afspraak met een sanitairleverancier. Voor deze week staan daarvoor twee afspraken op het programma.

"Dat lijkt me hartstikke leuk werk, metselen", zeg ik als we in de auto zitten. "net als stukadoren. Heb jij dat ook niet E.?" Ambachtelijk werk spreekt mij sowieso aan. E. wordt minder warm van metselen. "Nee metselen niet, meubels maken misschien", zegt hij. En inderdaad, dat is ook leuk en hij kan het bovendien. Dat heeft hij in het verleden al laten zien. Vind ik ook leuk, maar ik heb echt een zwak voor specie. Een afwijking? "Het zal de bouwvakker in mij zijn", zeg ik tegen E. 

donderdag 25 oktober 2012

Verder gaan

Iedere dag gebeurt er wel iets op  de bouwplaats waar ons nieuwe huis gaat verrijzen. Het zou van mij natuurlijk nog sneller mogen gaan. Het huis wordt vast erg mooi. We zijn druk bezig met het kiezen van een keuken en denken na over de badkamer. Alles zal nieuw zijn in het nieuwe huis, alles volgens de laatste inzichten. En dat is fijn... maar wat zou ik graag ons oude huis weer terug hebben.

Het gemis kan worden opgeroepen door een kleinigheid. Zo zie ik vandaag dat onze jongste de foto voor haar twitterprofiel in onze oude woonkamer heeft genomen. Ze zat voor de boekenkast met links en rechts het invallende licht van de grote ramen. Ik vang net nog een glimp op van de vensterbanken. Ik mis die vensterbanken. Ze waren groot genoeg om in te zitten. We hadden extra planken -precies op maat- waarmee we de vensterbanken op konden hogen. Er waren perioden dat we die planken gebruikten. Het risico was dat de onderste nis onder de plank dan een rommelige plek werd. Dan haalde ik die planken er weer uit.  Ik mis ook onze schoorsteenmantel, het mooie houtsnijwerk dat ik in een warme kleur antracietgrijs had geschilderd. Ik mis de plankenvloer, ik mis het licht dat ons door de vele ramen overal omringde. Ik mis zelfs de kleine mankementen die nou eenmaal horen bij een oud huis, hoezeer we alles ook hadden opgeknapt. Ik mis de trap, de draai die hij maakte en de perfecte afstand tussen de traptreden. Ik mis dat allemaal en nog veel meer. Iedere dag. En tegelijk laat ik het iedere dag verder achter me. 


donderdag 18 oktober 2012

Het Gat van Sappemeer is niet meer

Gisteren is een belangrijke stap gezet bij de bouw van ons huis. De vloeren zijn gelegd. Dat betekent dat de stenen nu kunnen worden afgeleverd en dat het binnenkort de lucht in gaat met ons huis. Ik kan niet wachten! Een collega, die ook woonachtig is in Sappemeer, mailde me deze week al: "Het "Gat van Sappemeer" wordt weer gevuld! Gefeliciteerd!" Het is inderdaad geweldig dat het nu zover is. 

 



zondag 9 september 2012

Twee eksters brengen geluk

Eksters vormen een paar voor het leven
Dit huis staat misschien een kilometer van ons oude huis. Toch is alles hier anders: zelfs de fauna. Zo zag ik hier in de afgelopen dagen al een aantal malen een ekster hippen in onze pas uitgerolde grasmat. Bij ons oude huis nestelde een scholekster, er zaten kraaien, houtduiven en verschillende kleine zangvogeltjes. Die zie ik hier dan weer niet.

Vanmiddag zat ik in de tuin achter het huis te lezen. Op een gegeven moment word ik afgeleid door het gekras van een ekster. En dan wordt het krassen beantwoord. Het is een eksterpaar. Ze zitten in de boom naast me te kletsen. Ik kan het niet anders omschrijven: ze zijn met elkaar in gesprek. Het klinkt als het gesprek van een stel dat al heel lang bij elkaar is en zich gemakkelijk bij elkaar voelt. Op de een of andere manier wekt het mijn sympathie. En dat is nog nooit eerder voorgekomen met eksters.

Zou het inderdaad een stel zijn? Ik zoek even op internet of eksters paren vormen voor het leven. En dat blijkt inderdaad zo te zijn. "Eksters vormen levenslange broedparen, net als de kauw, en ze vormen met de uitgevlogen jongen nog een tijd een gezin, maar ze leven 's zomers niet in groepen zoals de kauw vaak doet. Eksters worden van oudsher al beschouwd als ongeluksvogels, verkondigers van dood en rampzaligheid." Nou, dat is lekker. Gelukkig ben ik niet bijgelovig. "Volgens het volksgeloof kunnen eksters het lot voorspellen. Zo zouden ze een naderende oorlog voorspellen wanneer ze zich in grote aantallen verzamelen en luidruchtiger dan gewoonlijk zijn. Ook het weer zou slechter worden wanneer een ekster luidruchtiger is dan anders." Gelukkig, luidruchtig waren ze niet, ook al ben ik niet bijgelovig. En dan tot slot nog: "Eén ekster brengt onheil, twee daarentegen geluk." Nou dat zal dan zeker gelden voor zo'n gelukkig stelletje. Ook al ben ik niet bijgelovig: hier ga ik dan toch maar vanuit.

woensdag 5 september 2012

Op keukenjacht

We waren niet van plan om ooit weer op keukenjacht te gaan. De keuken die we hadden beviel ons uitstekend. Hij was van een goede kwaliteit en neutraal genoeg om er nooit weer flauw van te worden. Natuurlijk had het wel enigszins te lijden gehad van mijn robuuste hantering van dagelijkse dingen. Zo was het draaiplateau voor de pannen enigszins verzakt. Die bleek toch niet bestand te zijn tegen de hoeveelheid pannen die ik er op kwijt wou. Maar goed: een nieuw draaiplateau en klaar ben je weer!

Nu ligt alles even anders. Hetzelfde hoef je niet weer te kiezen: het huis is niet gelijk. Het heeft dus ook geen zin om net te doen alsof dat wel zo is. Toch hou je natuurlijk vast aan de dingen die je goed zijn bevallen. Dat weten we nu in ieder geval. Maar hoe plaatsen we in de nieuwe -toch wel royale- ruimte een keuken? Ik wil vanuit de kamer niet tegen de keuken aankijken, vanuit de hal niet tegen een afzuigkap, ik wil alles het liefst op ooghoogte en zo heb ik nog wel een aantal wensen en eisen. En daardoor ben je dan toch wel beperkt. E. denkt over sommige dingen geheel anders: hij vindt het helemaal geen probleem om vanuit de hal tegen een afzuigkap aan te kijken. En vanmorgen kreeg hij bijval voor dit standpunt van de keukenspecialist.

Na twee weken zelfstudie kwam het er vanmorgen namelijk van: op jacht naar echte keukens. Gisteravond werd ik al gebeld door de eerste keukenspecialist die eens wilde vragen of ze een afspraak voor ons konden boeken in het dichtstbijzijnde filiaal. "Nee, zover hebben we het nog niet", zeg ik. En zover krijgen we het ook niet, want ik wil de regie 100% in eigen handen houden. "Kan ik u dan over twee weken terugbellen?", vraagt ze. "Dat mag u gerust doen, maar daar wordt het helemaal niet anders van", zeg ik. Ze drong niet aan en dat pleitte voor haar. Dus vraag ik: "Waar zit het dichtstbijzijnde filiaal, dan kijken we zelf wel even wanneer we het zover hebben." En zo heeft ze toch nog niet voor niets gebeld, want vanmorgen keken we ook daar even naar een keuken. Een keuken hebben we nog niet, maar wel een richting. Toen we thuiskwamen heb ik eerst gekeken naar de tekening van ons huis: volgens mij moeten we met de muren schuiven.

woensdag 8 augustus 2012

112 reflectoren

Als je de vijftig bent gepasseerd, heb je je leven doorgaans comfortabel ingericht. Je zit continu in je comfortzone. En daar verkeer je graag. Wij zijn ruw uit onze comfortzone gerukt. Dat is niet fijn, maar aan de andere kant biedt het de gelegenheid om dingen te proberen die je anders hoogstwaarschijnlijk niet had geprobeerd of gedaan. Dit tussenjaar, voordat ons eigen huis weer is herbouwd, biedt volop de gelegenheid om te experimenteren. En dat doe ik graag. Van E. mag ik nu alles proberen wat ik graag wil. En dat doe ik.

Zo hangt er nu dus een fietskarton in de kamer. En op zolder, waar we slapen, scheiden lange donkergrijze gordijnen het slaapdeel van de 'wasserette'. De hardboard betimmering van het dak en de kale betonnen muren geven het de sfeer van een industriële loft. "Ik zou het nooit bedacht hebben, maar het heeft best wel wat", zeg ik tegen E. als we naar het plafond liggen te staren.

Vandaag plakten de jongste en ik in de hal 112 reflectoren op de muur in de vorm van een pijl. Ik vind het te gek. Ik denk dat er nog meer reflectoren zullen volgen.

zondag 22 juli 2012

Cola op de trap

Deze week belegde ik onze tweede trap met traptreden. Niet dat ik de witgeverfde trap niet mooi vind, maar we wonen nu twee-onder-een-kap. Dus je moet een beetje rekening met de buren houden. Die krijgen het toch al zwaar te verduren met ons als buren. We zijn namelijk -E. uitgezonderd- nogal een luidruchtig stelletje. E. noemde ons altijd de familie Bùlk (Gronings voor schreeuwers) als we de rust op een rustieke camping, waar we bij voorkeur kampeerden, weer eens verstoorden.

Toen we ons onlangs voorstelden aan de buren, bereidde de jongste de buurvrouw alvast een beetje voor. De buurvrouw gaf aan dat we het maar even moesten zeggen als de radio te hard aan zou staan. "Nou", zegt de jongste. "wij praten nogal hard. Gewoon - als we met elkaar praten." Daar had de buurvrouw even niet van terug.

Om dat harde praten enigszins te compenseren wordt de geverfde trap dus met traptreden bekleed. Dat hadden de vorige bewoners ook gedaan, getuige de vieze zwarte lijmpukkels op de witte verf. Ik had ze natuurlijk kunnen laten zitten. Wie ziet er tenslotte iets van onder de nieuwe traptreden? Maar goed, om te voorkomen dat het niet zou hechten, heb ik de oude lijm toch verwijderd. Hoe? Daar vond ik een gouden tip voor op internet: even behandelen met een schuursponsje gedrenkt in cola. En inderdaad: de lijm krulde slap en lusteloos voor de verfkrabber aan. Spierkracht totaal niet nodig. Geweldig zo'n colaatje. Alleen niet teveel van drinken lijkt me.

zaterdag 7 juli 2012

Een huis dichtbij thuis

Het zijn hectische weken geweest. Vandaag is het precies zes weken geleden dat ons huis is afgebrand. Vijfeneenhalve week hebben we doorgebracht in de 'commune'  met het gezin van mijn zus. Hoe gek het ook klinkt: het waren onvergetelijke weken. Wij hadden de tijd om -ondanks alle hectiek- in alle rust te herstellen. Het communeleven was een warm bad zonder turbulenties. Dat was precies wat we nodig hadden. Maar zo kon het niet blijven doorgaan: natuurlijk wil je ook weer op eigen benen staan.

Vorige week vrijdag kregen we de sleutel van het huurhuis waar we nu wonen. Het weekend werd klussend doorgebracht. Met hulp van familie en vrienden werd het huis in een razend tempo gewit. De zondag was voor het ophangen van gordijnen en luxaflex. Op maandag waren we klaar voor de vloerbedekking. Zodra dat er lag konden alle meubels die we in de voorgaande weken hebben aangeschaft of bij elkaar hebben gescharreld, worden geplaatst. Dinsdag kwamen belangrijke apparaten zoals de wasmachine. Ook werd de felbegeerde afwasmachine via mijn schoonouders gevonden. Donderdag werd de droger nageleverd. Zo zijn alle grote dingen in huis zo'n beetje aangeschaft. We zijn dikke vrienden met Ikea geworden. Ik kreeg altijd al berichten met Hej Jannie - en dan iets in de trant van: weet je welke leuke aanbiedingen we nu weer hebben? Maar ik verwacht dat de begroeting nu nog hartelijker zal worden, zoiets als Hej Jannie dikke väninna. En dan natuurlijk flinke kortingen voor mij met gratis Zweedse balletjes in het restaurant.

Het shoppen van gebruiksvoorwerpen gaat nog steeds door; steeds duiken er grotere en kleine dingen op die wel handig zijn, maar die er niet meer zijn. Ook dringt het -nu we hier zitten- steeds meer door dat we echt niets meer hebben. De grote dingen zijn er inmiddels in grote lijnen. Het gaat meer om de kleine dingen. Koffie zetten? Het apparaat is er natuurlijk en ook de koffie is aangeschaft, maar geen bus om koffie in te doen en geen maatschepje. Het zijn kleine dingen waar je ook wel zonder kunt, maar die je even doen beseffen hoe de vork in de steel zit. Ook aan andere dingen merk je dat er niets meer vertrouwd is. Dingen waar je nooit bij stilstaat, vallen je nu ineens op. Zo hebben de nieuwe messen een andere vorm dan de messen die we hadden en dat smeert heel anders. En verder natuurlijk de zaken die iedereen heeft als je net in een nieuw huis woont: waar zat dat lichtknopje ook alweer? Als je jarenlang in een huis woont zijn alle routes je zo vertrouwd dat je daar nooit meer bij nadenkt. Dat is nu even helemaal weg. Maar ik verwacht dat dat snel zal wennen.

Ook de buurt waarin we nu wonen is volstrekt anders dan onze gewone omgeving. Het is prima te doen, het is een goed huis en we wonen hier in een fijne buurt met veel ruimte, maar het is niet thuis. Van mijn attente en begripvolle collega's kregen we dinsdagmiddag een bos bloemen met daarbij een kaartje met daarop de rake tekst: Veel plezier in jullie huis dichtbij thuis.