zaterdag 20 juni 2015

Het is de passie

Alweer mooi geheeld, dankzij de SOS-crème
Ik kom met een lelijke kras op mijn arm op het werk. "Wat is er gebeurd?", vraagt collega. "Het is de passie", zeg ik. Ik hou ervan om de werkelijkheid een beetje op te leuken. In werkelijkheid is de kras veroorzaakt door een pruimenboom. Ik ben tegenwoordig namelijk druk in de weer in de tuin. Dat is mijn nieuwe hobby geworden en daarmee werk ik er hard aan om een droom uit te laten komen: ik wilde namelijk altijd al graag groene vingers hebben. Ik heb ze nog niet, die groene vingers: regelmatig help ik iets om zeep en ik kom vaker wel dan niet geschonden uit de tuin. Maar eerlijk: dat kan de pret echt niet drukken. Bovendien doet een beetje SOS-crème wonderen.


Met passie heeft zo'n kras helemaal niets te maken. Inmiddels weet ik dat. Ik ben namelijk aan het binge-kijken naar de serie Masters of Sex. De (geweldige!) serie gaat over de onderzoekspioniers Masters en Johnson. Zij deden vanaf de jaren '60 baanbrekend onderzoek naar de menselijke seksualiteit. Met hun onderzoek namen zij allerlei vooroordelen over met name de vrouwelijke seksualiteit weg. Een van de dingen die ik en passant opdeed tijdens een binge-kijk-sessie is dat het zetten van je nagels in je partner niet echt iets met passie te maken heeft. Het is een onwillekeurige reflex van je lichaam, een fysiologisch verschijnsel, net als het samenknijpen van je handen en het strekken van je voeten tijdens een climax. Maar mijn drijfveer om de werkelijkheid op te leuken is nou eenmaal sterker dan die wetenschap.






woensdag 17 juni 2015

Wachten op de mum bod hype

Kijk ook naar het bij deze foto behorende artikel over de dad bod.
Mannen kunnen opgelucht ademhalen. Ze kunnen stoppen met hardlopen en sportschoolbezoekjes. Wat blijkt? Een gezellig buikje, A-cup man boobs en weelderig borsthaar zijn helemaal in. Als je echt in de smaak wilt vallen bij vrouwen, dan cultiveer je het 'papalichaam', ofwel de dad bod.  Het atletische lichaam is uit - het wasbordje schrikt vrouwen zelfs af. Niet om naar te kijken, maar wel bij je (potentiële) partner. De dad bod is de laatste internethype, overgewaaid uit Amerika.

Bodytalk

Hoe ik aan die wijsheid kom?  Ik kreeg een voorgesteld bericht van Libelle op facebook. De voorgestelde berichten zijn in plaats van de advertenties gekomen. Libelle pikte deze trend op en attendeerde mij erop - ook al ben ik niet bevriend met Libelle. Maar dit gebaar stel ik natuurlijk op prijs. Ik ben graag op de hoogte van de laatste trends als het gaat om bodytalk en ik deel dit dan ook graag. 

Binnen handbereik 

Ik ben blij met deze hype: hoe heerlijk is het als het ideaalbeeld voor alle mannen binnen handbereik ligt? Ook het deel over lichaamsbeharing spreekt me aan. Als flitsbezoeker van het programma Adam zoekt Eva verbaas ik  me namelijk al langer over de trend om je te ontdoen van alle lichaamshaar. Een volledig kaal lichaam - in de meeste gevallen met uitzondering van de hoofdhuid- maakt een geweldige eerste indruk bij de deelnemers van dit programma. De deelnemers vinden het 'netjes' als er geen schaam- of okselhaar te bekennen valt. Tot mijn verbazing. Tot nu toe weet ik dat aan het feit dat ik overduidelijk niet tot de doelgroep behoor. Ik vind het namelijk een uiterst onnatuurlijk, buitengewoon onvolwassen, onmannelijk en a-seksueel gezicht. Het mannelijke geslachtsdeel knapt er echt niet van op als het ontdaan van alle haar in ontspannen toestand als een naaktslak aan het lichaam bungelt.

De terugkeer van het schaamhaar

Maar ook bij Adam zoekt Eva zag ik dit seizoen de kentering. "Heeft hij nou schaamhaar?", vraag ik aan E. als ik de potige Denis in beeld krijg. Bij nadere beschouwing blijk ik gelijk te hebben: Denis heeft een gecontroleerd bosje schaamhaar. En alhoewel hij de enige is, staat dat kleine bosje schaamhaar zijn populariteit niet in de weg. Integendeel! Verder heeft Denis overigens beslist geen dad bod.  De Eva's kunnen de druk van een perfect mannenlichaam blijkbaar goed aan.

En nu afwachten...

E. maakt zich klaar om te gaan hardlopen terwijl ik dit schrijf. Hij trekt zich niks aan van dit soort trends en trekt zijn eigen plan. En waarom zou hij ook? Met de E bod is namelijk nog nooit iets mis geweest. Ondertussen wacht ik rustig af tot de eerste tekenen van de mum bod hype zich gaan aftekenen. Er is tenslotte maar een iemand nodig om een hype te beginnen.




woensdag 6 mei 2015

En andere opmerkingen

Eergisteravond gingen E. en ik naar de bioscoop om daar de film Boyhood te zien. Onze zoon ging mee. De film maakte onderdeel uit van het programma van de filmclub van Hoogezand-Sappemeer. In de film volgen we de jongensjaren van Mason gedurende 12 jaar - 12 echte jaren, geen filmjaren. Je ziet Mason dus eerst als zesjarige en aan het eind van de film is hij 18 jaar en gaat hij uit huis. Ondertussen is er van alles gebeurd, zoals dat gaat in het leven.

We zijn op tijd. In de foyer delen de dames en de heren van de filmclub een evaluatieformulier uit. Vonden we de film goed, ging het wel of vonden we het slecht. En er is natuurlijk ook ruimte voor andere opmerkingen. Ook krijgen we een formulier waarop we kunnen aangeven welke films wij het volgend seizoen graag zouden willen zien.

We zoeken op ons gemak een mooie plaats ergens midden in de zaal in het midden van een rij. We installeren ons. "Wat zitten die stoelen ja bagger", zegt onze zoon, die geen regelmatige bioscoopbezoeker is. "Veel te rechtop." Hij wijst met zijn vinger naar de rij voor ons: "Kijk maar eens, ze staan bijna voorover." Zijn voorkeur om meer achterover te zitten is geen verrassing voor ons. "Je kunt toch een beetje onderuit zakken?", zeg ik. "Gaan die rugleuningen daar dan minder rechtop van staan?" pareert hij. Hij kijkt op het evaluatieformuliertje. "Heb je een pen?", vraagt hij. De film is nog niet begonnen, dus ik snap het verzoek niet helemaal. "Ik zal even opschrijven dat ze daar iets aan moeten doen." Dat de antwoordmogelijkheid 'Andere opmerkingen' daar niet echt voor bedoeld is, interesseert hem geen bal. Ik vind een pen en hij schrijft. "Ik heb er direct even bijgeschreven dat ze de rugleuning met 30 graden moeten laten zakken. Ze hebben er blijkbaar niet veel kijk op, dus dan kun je maar beter duidelijk zijn. Daar hebben ze tenminste iets aan.", aldus onze zoon. E. en ik vinden het zeer vermakelijk.

In de pauze nemen onze zoon en ik een bitter lemon. "Valt het je wel op hoe goed dit flesje in je hand ligt? Wat een fantastische pasvorm", zeg ik tegen hem.. "Zal ik dat dan maar even bij de 'Andere opmerkingen' opschrijven?", opper ik. "Moet je er ook even bij zetten dat het volume wel te wensen overlaat", pareert hij en daarmee heeft hij natuurlijk weer het laatste woord.

De film beoordeelden we trouwens allemaal met een 'goed'.

zaterdag 18 april 2015

Dagelijkse dilemma's

Boezemvriendin en ik huizen met ons kantoor naast het toilet. Bij ons op het werk doen we niet aan gescheiden toiletten: het is dus een gemengd toilet. Of moet ik nou zeggen: een geïntegreerd toilet? Afijn, zowel mannen als vrouwen bezoeken het bewuste toilet. Regelmatig doen zich dilemma's voor rond het toiletbezoek.Sinds de luchtverfrissers bij ons op het werk in de ban zijn gedaan is de zaak toch al op scherp gesteld.

Laatst trof ik remsporen aan in het toilet. "Wat doe je dan?", zeg ik tegen boezemvriendin. "Ik kan het laten zitten en dan denkt de volgende dat ik zulke sporen achterlaat, of ik ga de troep van een ander opruimen." Geen van beide opties stond me eigenlijk aan. Het dilemma was daar. In het toilet had ik even een kort (het waren nog verse remsporen en de lucht in het toilet was navenant) en bewust keuzemoment: ik koos ervoor om het toilet toch maar even te borstelen. "Gadver, ze kunnen toch wel even achterom kijken?", zegt boezemvriendin. "Vast een kerel geweest". Bij ons op het werk heb je namelijk uitsluitend nette -geen sporen achterlatende- vrouwen. "Misschien een vooroordeel, maar toch.", vervolgt ze. "Tja, vooroordelen komen ook ergens vandaan hè?", zeg ik. Ook al is de  aanleiding onsmakelijk, het blijkt toch een fijn 'bonding' momentje voor boezemvriendin en mezelf: we zijn het weer roerend eens.

donderdag 16 april 2015

NS-humor

Foto: Flickr Roel Hemkes
Eergisteren reisden collega en ik af naar Bussum. We zijn in ons team geen echte congresgangers, maar voor dit congres maakten we een uitzondering. Collega pikte me voor dag en dauw op op een parkeerplaats. Zij reed me in haar luxe bolide, waarvan het dashboard beslist niet onderdeed voor een cockpit van een handzaam vliegtuig, van hier naar Bussum. Aan het begin van de avond zat de intensieve, maar zinvolle dag erop. Ze zette me af bij het station in Groningen.

Het laatste stukje naar huis leg ik af met de trein. Niet te vergelijken met het luxe vervoersmiddel van collega, maar daarom geen minder groot genoegen. Het gebeurt niet vaak dat er op dat korte stukje wordt gecontroleerd, maar deze keer gebeurt dat wel. Twee conducteurs checken onze kaartjes. Dat verloopt zonder incidenten, ook al reist er wel iemand mee zonder geldig vervoersbewijs. Dat zou heel gewoon moeten zijn, maar dat is het erg genoeg niet. Dat blijkt wel uit de onvervalste cynische Groningse NS-humor. Bij binnenkomst in de coupé zegt een van hen met een fijne Groningse tongval, terwijl hij zijn vuisten balt: "Goedenavond dames en heren. Zegt u het maar, moet ik de gevechtshouding aanneemn, of hoeft dat vandaag niet?" Direct vooraan in de coupé zit de jongen zonder geldig vervoersbewijs. Een van beide conducteurs handelt die kwestie met hem af, terwijl de ander verder gaat met controleren. "Wij moetn beter met de reizigers omgaan dames en heren, wat vindt u dervan? Hoe gaat het tot zover" Wij vinden dat het prima gaat. Een -hoogstwaarschijnlijk bekende-  reiziger met veel piercings in zijn gezicht wordt begroet met: "Kijk nou toch eens eevm wat hier voor n gevechtsmachine zit." Tegen 2 jongens met een hockeystick: "Dag jongelui. Gaan jullie hockeyen?" De jongens bevestigen het. "Okee, anders was t namelijk n slagwaapn en dat moet ik dan weer rapporteren hè?" Ondertussen is zijn andere collega bezig met de jongen zonder geldig vervoersbewijs. De procedure nadert de afronding."Ik moet je der ook nog eevm op wijzen dat je n advocaat kunt raadplegen." En dan rondt hij het gesprekje af. "Nou Thijs, bedankt dat je me niet in elkaar geslagen hebt." En hij verlaat de coupé met de volgende woorden: "En u ook bedankt dames en heren dat u me mijn werk liet doen en dat ik vanavond gewoon weer naar huis kan."

We lachen er allemaal om, maar het is belachelijk en diep triest. Dat hebben deze conducteurs in ieder geval duidelijk gemaakt. 

maandag 6 april 2015

Dag en tot ziens

Al een poosje ben ik bezig met opruimen. Toegegeven: de brand heeft een flink handje geholpen. Veel rommel hebben we niet meer, maar na drie jaar begint de rommel zich toch weer op te hopen. Ik richt kastjes opnieuw in, ben creatief in de weer met klemstangen en organiseer het allemaal logisch. Ik schuw daarbij een goede hack niet: ik zet een flessenrek onderin de la waarin ik vervolgens de rollen plastic zakken plaats. Kortom: ik ben de vleesgeworden natte droom van IKEA, een waardig boegbeeld voor de campagne Dag rommel.

Ik word heel blij van opruimen. Dat geeft me veel energie en het vervult me met hoop voor de toekomst: ik zal in een ordelijk en opgeruimd huis wonen. Dat ik daar zo opgetogen over ben zegt natuurlijk al wel het een en ander: het komt bij mij niet vanzelf. Maar als iets lukt wat niet vanzelf komt is de euforie des te groter.

In die staat van euforie kom ik E's kantoor aan huis binnenzeilen. E. houdt niet van gerommel in huis. Hij geeft de voorkeur aan rommel boven mijn gerommel. "Ik ben echt ontzettend goed bezig", zeg ik. Hij kijkt bedenkelijk. Ik: "Het is hier compleet Dag rommel." "Nou eerder Tot ziens rommel", zegt hij. Hij kent mij erg goed.

zaterdag 4 april 2015

Niks mis mee

Moet je kinderen eigenlijk nog wel leren schrijven met de hand? Die discussie popte een tijd geleden ineens op. Of doe je er beter aan om ze direct te leren typen? Schrijven doen we steeds minder met de hand. Ik kan al heel lang beter typend nadenken over een tekst dan schrijvend. 

Schrijven doe ik eigenlijk alleen nog als ik een kaartje schrijf, als iemand met een lijst langs de deur komt, of als er in een winkel om je emailadres of je persoonlijke gegevens wordt gevraagd. Dat laatste gebeurt regelmatig. Soms - als ik een hele goede aankoop heb gedaan- heb ik dan wel eens zwakke knieën en dan vul ik zo'n formuliertje in. Zoals een tijd geleden bij de Steps in Winschoten. Daar scoorde ik een groen jasje. Ik was blij - heel blij. Dat was ik ook toen bleek dat het jasje met enorme kortingen in de opruiming ging, omdat ik blijkbaar een van de weinigen was die het een mooi jasje vond. En dat ben ik nog steeds.

Zo nu en dan krijg ik post van de Steps. Daar besteed ik meestal niet zoveel aandacht aan. Deze keer haalde de oudste de post uit de bus. Ik zit in de kamer te lezen. "Nee hoor mam, je hebt helemaal geen beroerd handschrift", zegt ze. Ik kijk haar enigszins bevreemd aan. Waar komt die opmerking nou weer vandaan? We hebben het er wel vaker over: ik vind dat ik een mooi karakteristiek handschrift heb, niks mis mee. Zij noemt het onleesbaar. Haar punt wordt duidelijk als ze me wijst op de adressticker van Steps. Mijn achternaam is daar gespeld als Shrijt. Ook leuk. Gelukkig kan ik ter verdediging aanvoeren dat het adres wel duidelijk was. Tenminste bij de Steps...