Posts tonen met het label Lidl. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Lidl. Alle posts tonen

zaterdag 9 maart 2024

In de gordel



Zo nu en dan heb ik last van de rug. Een klein aangeboren mankementje. Maar vaak gaat het lange tijd goed. En dan denk ik altijd dat het over is. Dat ik er nooit meer last van zal hebben. Het is nu weer even mis. Dus masseer ik triggerpoints, ik doe braaf oefeningen en ik wissel zitten en staan af met liggen. Warmte helpt om te ontspannen. Dus gebruik ik pittenzakken die ik dan bij mijn broek instop. Maar dat is eigenlijk alleen te doen in en om huis. Ze zijn snel afgekoeld en de bult op mijn achterwerk roept natuurlijk vragen op.

Warmte  

Mijn dochters denken altijd actief met mij mee. Hoe kan het beter? Hoe helpen we haar zo snel mogelijk weer op de been? De jongste doneert haar elektrische deken. Daar kan ik dan op de bank op liggen. Zo treft de oudste mij dinsdag rond de avond aan. De warmte doet mijn rug goed, maar verder krijg ik het er Spaans benauwd van. 'Misschien moet je zo'n gordel nemen', zegt ze. Ooit nam ik er eentje voor mijn schoonvader mee. Die bedekte de hele rug en schouders - zijn pijnpunt. Je moest 'm rond de hals dichtdoen. "Niet prettig om dat rond de nek te hebben" zeg ik. "Dan neem je eentje voor om je middel", zegt ze. Even googelen leert ons dat de Lidl zo'n gordel in de aanbieding heeft. "Ideaal", zegt ze. "Als je dan aan het werk bent en je moet zitten, dan doe je die gordel gewoon even om." Ik zie het voor me. Lange bloes erover en geen haan die er naar kraait. Het spreekt me aan. Het is mogelijk. Dat geeft de doorslag: de koop wordt gesloten. 

Een lichtpuntje

En nu lig ik dus op de bank met de gordel om. Er is een behoorlijk loopsnoer bij, dus je kunt aangelijnd ook nog best een stukje lopen. Al met al drukt het me wel met mijn neus op mijn eigen kneuzerigheid. Maar ik zie toch nog een lichtpuntje: de gordel kruipt op naar de taille. Die heb ik dus nog.

De illustraties op mijn blog zijn afkomstig van Boomerang Cards.  Hier vind je deze.

De soundtrack bij de blog is:


maandag 3 maart 2014

Economische tevredenheid

Vorige week werd hier een mooi gebouw in Amsterdamse stijl gesloopt. Dat kon zomaar omdat het bij toeval niet was meegenomen in een of ander gemeentelijk plan voor monumenten. Noem het slordigheid, noem het nalatigheid; in ieder geval betekent het het einde voor een markant gebouw. Het gebouw maakt plaats voor parkeerplaatsen. Dat moet namelijk om ruimte te geven aan de groei van de LIDL hier ter plaatse.

Wij mogen ons namelijk verheugen in het feit dat we hier de meest succesvolle LIDL in het Noorden hebben. Ik draag daar wekelijks hoogstpersoonlijk een steentje aan bij. En bij succes zeggen we niet: Mooi, houen zo. Succes betekent groei, meer vierkante meters, meer aanbod. En dat terwijl uit onderzoek is gebleken dat mensen eigenlijk niet kunnen kiezen uit meer dan vijf dingen. Zodra we meer keuzemogelijkheden hebben raken we het overzicht kwijt. Dan krijgen we last van keuzestress en daar worden we niet gelukkiger van.

"Dat is toch erg ...", zeg ik tegen E. terwijl we langs het op een haar na gesloopte gebouw rijden. "... en dat voor parkeerplaatsen." "Ja, het is nooit genoeg hè", zegt E. "Dat is nou eenmaal economische groei." "Misschien zouden we meer moeten koersen op economische tevredenheid.", zeg ik. Het is het principe van de welvaart. Maar zou welvaart eigenlijk niet gericht moeten zijn op het welzijn van mensen? Weegt dat niet zwaarder? En dient een nog grotere LIDL dat welzijn? Eigenlijk niet: we kunnen zoveel keuze immers helemaal niet aan. Toch lijkt alles daarop gericht. Jammer. En dat noemen we dan vooruitgang.

woensdag 25 september 2013

De luis in de pels van de Lidl

Tegenwoordig haal ik mijn boodschappen bij de Lidl. Ik kom nog wel in de Jumbo voor specifieke producten, maar de Lidl is nu mijn hoofdleverancier. En ik ben niet de enige die graag bij de Lidl komt. Vandaag lees ik in de Regiokrant, het plaatselijke huis-aan-huis-blad, dat de Lidl hier ter plaatse een van de succesvolste is van Noord Nederland. En wat gebeurt er als het goed gaat met de zaken? Precies, dan gaan ze verder groeien. Zo ook hier: de Lidl wil uitbreiden. Om dat mogelijk te maken zijn twee aanpalende panden opgekocht. Die gaan nu tegen de vlakte om ruimte te maken voor nieuwe parkeerplekken, zodat op de oude parkeerplekken een nieuw stukje Lidl kan worden gebouwd.

De bouw van het nieuwe Lidl-pand was niet onomstreden. De buurvrouw van het naastgelegen historische pand vroeg een sloopvergunning aan uit protest, omdat haar pand naar eigen zeggen geen cent meer waard was met dergelijke hoogbouw pal naast de deur. En inderdaad: het pand is hoog, heeft een donkere steen en de muur aan de onderzijde is blind. Het is niet om aan te zien. De welstandscommissie moet een vlaag van verstandsverbijstering hebben gehad toen ze deze plannen goedkeurde. Voor de inwoners van de gemeente is het goedkeuren van een dergelijke bouw een vreemde boodschap. Zo moest het aangezicht van ons nieuwe huis bijvoorbeeld lijken op ons oorspronkelijke huis. Er moest zelfs een baksteen worden overlegd om te kijken of ons huis niet 'te rood' zou worden. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat de regels voor de Lidl een beetje zijn omgebogen. 

En volgens mij is dat nu weer aan de orde. Een van de af te breken gebouwen is namelijk een kantoorpand, een blokkendoos in Amsterdamse stijl, waarvan velen dachten dat het een gemeentelijk monument is. Dat blijkt niet het geval. Sterker nog: de Lidl mag het zomaar slopen, zonder een vergunning aan te vragen. Sinds vorig jaar is er namelijk nieuwe wetgeving, het zogenaamde Bouwbesluit. Als een bouwwerk voldoet aan bepaalde criteria is een melding van sloop bij de gemeente voldoende. Als de gemeente de melding accepteert kan de sloop beginnen. Is het bewuste pand een bouwval? Nee, absoluut niet. Aan welke criteria het dan wel voldoet wordt niet duidelijk. Een zoektocht op de website van de gemeente helpt me ook niet verder op weg. De sloopvergunning van de buurvrouw werd overigens afgewezen. Blijkbaar voldeed haar woning niet aan de criteria in het Bouwbesluit.

Al met al is de boodschap duidelijk: ruim baan voor de Lidl. Slechts een luis in de pels houdt een ongebreidelde groei van de Lidl tegen. Een kleine middenstander erfde de naast de Lidl gelegen textielzaak van haar ouders en woont er zelf boven. De Lidl heeft haar al verschillende malen een bod gedaan, maar tot nu toe weigert ze. Ik sprak haar er een tijd geleden over: "Ik kan nooit goedkoper zaken doen dan hier. Waarom zou ik dan verkassen?" zei ze. Dus weigert ze. En daar kan niemand iets aan doen. Ook de gemeente niet. 

maandag 4 maart 2013

Liever naar de Lidl

Ik ben er los van. De innige relatie die ik had met de Super de Boer heeft geen vervolg gekregen met  de Jumbo. Ik was er al bang voor dat het nooit meer hetzelfde zou zijn. En dat is zo: de Jumbo heeft mijn hart niet gestolen. De Jumbo is geen Super de Boer.

Dus ben ik er nu vanaf. Ik ga nog wel eens in de twee weken, maar ik heb er niet meer hetzelfde gevoel bij. Het was een feest om bij de Super te winkelen, maar dat is het bij de Jumbo niet. Ik kan er niet precies de vinger op leggen: het is dezelfde locatie, het zijn dezelfde mensen, maar toch is het niet hetzelfde. Ik heb niets aan te merken op het assortiment van de Jumbo: het is een breed assortiment tegen een goede prijs. Vanwege het assortiment merkartikelen ga ik er nog eens in de twee weken heen. Ik denk dat er verschillende oorzaken voor zijn: de winkelinrichting en het verlichtingsplan, maar zeker ook de superieure flauwekul van de Super. Boodschappenpakketten, kraskaarten, speeltjes, Rocks, demonstraties. Dat alles maakten van de Super meer dan alleen een supermarkt. Het maakte de Super tot een plek waar je graag even rondhing. En dat heeft de Jumbo niet.

En als er dan toch geen flauwekul bij is, dan ga ik liever naar een zaak zonder flauwekul, maar met kwaliteit: de Lidl. Ik ga nu dus liever naar de Lidl. En deze week tref ik het: het is mijn Lidlweek.

dinsdag 5 juli 2011

Dipbakje


Het schooljaar loopt op zijn einde. De oudste twee zijn al even vrij, zij hebben examen gedaan. De jongste heeft nu haar laatste onregelmatige lesweken. De proefwerkweek is achter de rug en de weken hangen nu nog aan elkaar van uitstapjes, vrije dagen en feestjes. Het is dus niet overdreven om te stellen dat hier de ontspanning al flink heeft toegeslagen. E. en ik werken nog even door, maar thuis treffen we om de haverklap laptoppende, snackende en hangende jongeren aan. Al dat ontspannen maakt niet automatisch gelukkig, want met een zee van tijd weet je je soms ook geen raad. Maar gelukkig is er dan nog altijd de Lidl vlak naast de deur. Op iedere dip heeft de Lidl namelijk wel een antwoord. Zo meldde de oudste laatst dat ze voor haarzelf, haar broer en haar zusje een 'dipbakje' had gehaald. Ik stam nog uit de tijd van de Calvé dipsausjes, die werden gemaakt door een zakje om te keren in een bakje en aan te lengen met mayonaise. Nu moet ik er niet meer aan denken, maar destijds was dat lekker. Ik heb dan ook niet onmiddellijk op mijn netvlies wat ze bedoelt als ze tegen haar zusje zegt: "Ik heb een dipbakje voor je in de vriezer gelegd". De vriezer is natuurlijk een aardige indicatie: het zal ijs zijn. "Dipbakje?" vraag ik. "Je weet wel, zo'n nep Ben&Jerry-bakje", zegt ze. Ik weet het niet, ik heb ze nog nooit gezien en ook nu heb ik ze niet in onze vriezer aangetroffen: er is ongetwijfeld sprake van geweest van een snelle en heftige collectieve dip.

maandag 27 juni 2011

Waakzame burger


Vanmorgen lezen we het in de krant. Zaterdagavond is de Lidl hier drie huizen verderop overvallen. Twee mannen met een steekwapen en een bivakmuts op zijn zaterdagvond rond 19.30 uur de Lidl binnengedrongen. De kassière was net even in de zaak en in haar afwezigheid probeerden de mannen de kassalade open te maken. Het was druk in de Lidl. Toen de mannen de kassa niet openkregen, sloegen ze op de vlucht.

E. leest het als eerste. "Er is zaterdagavond een overval in de Lidl hier geweest", zegt hij. "Hoogezand zeker?", zeg ik. In het aangrenzende Hoogezand is een ware misdaadgolf gaande. Ik kan me namelijk niet voorstellen dat er hier drie deuren verderop een overval plaatsvindt zonder dat wij er iets van merken. Ik zie mezelf namelijk graag als een waakzame burger. "Nee hier", zegt E. Hij schuift me de krant toe en inderdaad: het was hiernaast. We hebben geen mannen met bivakmutsen voorbij zien rennen. Ook geen mannen zonder bivakmuts in trainingspak. Misschien moet ik het beeld van mezelf dan toch bijstellen. Misschien ben ik toch niet zo'n waakzame burger.

In het dorp waar ik opgroeide zou dit niet gebeurd zijn. De buurvrouw die op een centrale plek in het dorp woonde, noteerde eenvoudigweg alle nummerborden van verdacht uitziende auto's. Dat maakte direct korte metten met iedere poging tot misdaad in het dorp. Zover ben ik dus nog niet.


Van de overvallers zelf zijn geen beelden gemaakt, maar wel van het recherchewerk achteraf: