vrijdag 14 december 2012

Seks begint met lullen

"Dit ga jij echt geweldig vinden, mam." Het is het eerste wat ze zegt als ze deze week op een middag uit school komt. Praktisch zonder pauze vervolgt ze: "We zijn bezig met de voortplanting bij bio." Volgens mijn kinderen heb ik me te enthousiast en te grondig op de seksuele voorlichting gestort. "En heb je nog iets nieuws geleerd?", vraag ik. "Nee, wat denk je?", zegt ze. Meestal lichtte ik voor aan tafel. Voordeel: iedereen is erbij en je mag niet van tafel lopen. Ik heb nou eenmaal graag dat mijn kinderen goed voorgelicht zijn als de tijd daar is. Seks begint met lullen. De oudste gaf me ooit een kaart met die tekst erop. Alhoewel de boodschap anders was bedoeld, was het volgens haar ook perfect van toepassing op mijn voorlichtingssessies.

De anatomie van de geslachtsorganen kent dus niet veel geheimen voor mijn nageslacht. Blijkbaar heb ik niet veel onbesproken gelaten. Zelfs het woord perineum is ooit eens voorbij gekomen tijdens een van de sessies, zo schijnt. Ik zal hier niet verder op de betreffende details ingaan.

Ik denk altijd dat ik de details goed gedoseerd en op het juiste moment heb gebracht. En daarover verschillen we dan wel eens van mening. "Perineum?", zegt onze zoon, "dat wist ik al voor ik kon lopen". Voor een heel kort moment ben ik sprakeloos, maar ik herpak me snel: "Je kon al lopen toen je 9 maanden was", zeg ik tegen hem. "Nou, dat bedoel ik.", zegt hij.

donderdag 13 december 2012

Geweldig genoten

Wat is het openbaar vervoer toch heerlijk. Ik zeg dit zonder enige vorm van cynisme. Natuurlijk ben ik blij dat ik er niet dagelijks van afhankelijk ben, maar voor een keertje is het toch een groot feest. Vandaag moest ik voor het werk naar Winschoten. Ik kon niet over onze auto beschikken, dus ging ik met de trein. E. zette me af op het station en daar begon het feest. Ik stond nog maar net op het perron of er werd omgeroepen dat de trein vijf minuten vertraging had. En dat terwijl de treinreis van Groningen naar Hoogezand niet veel meer dan 10 minuten in beslag neemt.Gelukkig stond ik niet alleen op het perron, maar had ik gezelschap van twee jongens die onbekommerd hun wereldbeeld met de rest van de wachtenden deelden naar aanleiding van een poster. Het portret van een peuter op de poster moet mensen stimuleren om gebruik te maken van de treinlijn van Groningen naar Leer. De peuter is een schattig jongetje met blond haar en blauwe ogen. De jongens hebben het niet op Duitsers. "Dat vind'n ze natuurlijk n echte Ariër", zegt de een. Dan volgt een verhandeling dat alle jongens met blond haar en blauwe ogen die zij kennen -er worden zelfs namen genoemd- toevallig mietjes zijn. "Die kunn'n nog geen waap'n vasthoud'n", aldus een van de jongens. Kijk dat had ik toch maar weer gemist als ik gewoon in de auto was gestapt.

De treinreis naar Winschoten verliep verder voorspoedig. Alleen, eenmaal aangekomen in Winschoten gingen de deuren van de trein niet open. Dus de hele coupé schuifelend naar voren om de trein via de volgende deur te verlaten, maar dat ging ook niet. En zo stonden we daar dan, in een patstelling, gescheiden door een deur. De  groep die de trein graag wil verlaten en aan de andere kant van de deur de reizigers die graag willen instappen. Uiteindelijk doet de machinist iets waardoor het lukt om de deuren een voor een te openen.

Dan moet ik nog lopend naar de plek van bestemming. Volgens de routeplanner zou ik er in 16 minuten heen kunnen wandelen. En dat klopt ook wel. Gelukkig maar, want ik had een veilige marge gekozen: 34 minuten voor aanvang van de vergadering zou ik op het station arriveren. Maar aan het eind van de rit waren daar 14 minuten van verdampt. 20 minuten heb ik dan nog om op de plek van bestemming te komen. En dat lukt! Ik had het voor geen goud willen missen, ik heb geweldig genoten.

woensdag 12 december 2012

Our lamps make the sun jealous

Ik surf een beetje op internet om te kijken naar spullen die we voor ons nieuwe huis zouden kunnen kopen. Iets waar ik ook veel waarde aan hecht is een goed verlichtingsplan. Vroeger wist ik niet dat je daar een plan voor moest hebben. Toen zette ik gewoon lampen neer, draaide peertjes in en rotzooide maar wat aan met het licht. Tot ik dus ergens las dat je een verlichtingsplan moet hebben. Sindsdien ga ik er niet meer zo lichtzinnig mee om. In ons vorige huis hadden we een uitgebalanceerde mix van gericht licht en sfeerverlichting.

Hier wil dat nog niet zo lukken. Met de sfeerverlichting zit het wel snor, maar het gerichte licht is onder de maat. Bovendien deden we een ongelukkige aankoop met een aantal sudderspaarlampen die pas na een flinke tijd opwarmen ook daadwerkelijk licht geven. Nou zitten we hier tijdelijk, dus daar wil ik niet te moeilijk over doen, maar in ons nieuwe huis moet het weer dik in orde zijn. Dus kijk ik zo een beetje rond op internet. Ik vind het nog niet zo gemakkelijk om verlichting te vinden die bij mij in de smaak valt. En dan ben ik nog niet eens in het stadium beland dat ik het aan E. laat zien. Dus nee, ik heb nog niet echt iets gevonden. De lamp van mijn dromen vond ik er niet, maar ik kwam wel een lampenwinkel tegen met een leuke slogan:  Our lamps make the sun jealous.


Ik hoef me nog niet direct druk maken over de verlichting, maar vandaag kwam het dak op ons nieuwe huis!

dinsdag 11 december 2012

De moeder van Sissi


De jongste heeft volgende week een toets Duits over alle leerstof die ze in het eerste leerjaar heeft gehad. Iedere avond overhoor ik haar drie bladzijden. Ik vind het heerlijk om Duits te overhoren. Vooral als ik zelf Duits mag praten. Ik heb een repertoire variërend van Duitse krimi's, Freddy Quinn tot de moeder van Sissi. Als ze een woord niet kent, dan bouw ik er een kleine conference omheen om ervoor te zorgen dat ze het onthoudt. Als ze niet meer weet wat 'bald' betekent, dan zing ik even een stukje Freddy Quinn: Junge komm bald wieder. Mijn opa had vroeger een plaat van Freddy Quinn, dus dat zit er goed ingebakken. Zelf geniet ik meer van het conferencedeel dan de jongste. Ze doet haar uiterste best om het goed te doen en hoopt zo te voorkomen dat ik uitbarst als de moeder van Sissi - dan probeer ik Duits met een Oostenrijks accent te praten. Vanavond is de moeder van Sissi namelijk mijn favoriet. "Het duurt wel lang", zegt ze op een gegeven moment. "Ja we doen een extra pagina vanavond omdat het zo lekker gaat", zeg ik. Waarop E. zegt: "Was eine Mutti aus der Hölle!"

De illustraties op mijn blog zijn afkomstig van Boomerang Cards.  Hier vind je deze.
Duitse inspiratiebronnen:






zondag 9 december 2012

Logistiek van huis en leven

Het huis waarin je woont, de spullen die je hebt, beïnvloeden de manier waarop je leeft. Voor de brand had ik geen idee hoe ver dat gaat. Om een voorbeeld te nemen: in ons vorige huis waste ik 's nachts. Onze bijkeuken, door ons bij voorkeur het washok genoemd, was beneden. 's Avonds voordat ik naar bed ging (het bed stond boven), kwam ik langs het washok. Dat was een heel natuurlijk moment om de wasmachine aan te zetten. 's Morgens was de was gedraaid en dan kon het zo de droger in of het rik op. Nu staan de wasmachine en de droger op zolder. E. en ik slapen nu, gescheiden door een gordijn, in het washok. Alleen noemen we dat nu de wasserette. Dat klinkt dan weer iets beter. We gaan nog net niet zover dat we onze wasserette Het Wasmandje noemen, zoals de Belgische wasserette om de hoek bij de dochter van boezemvriendin.

De wasmachine draait nu dus niet meer 's nachts. 's Morgens voor ik een verdieping afzak om te gaan douchen, laad ik de wasmachine in. Die gaat dan aan. En als ik 's middags thuiskom, dan moet ik er aan denken om de was in de droger te stoppen of anders op te hangen aan de rand van het dakraam. Dat is mijn alternatieve rik. Vaak denk ik er 's middags niet aan, want dan ben ik meer gefocust op eten koken (niet dat ik hier de indruk wil wekken dat dat voor mij een tijdrovende klus is). Ik denk er vaak pas aan op het moment dat ik naar bed ga. En dan draai ik de droger dus niet.

's Weekends is nog weer een ander verhaal. In ons vorige huis stond ik op, ging ik me douchen en dan maakte ik direct de was aan kant. Ik was dan al van bovenverdieping afgedaald naar de benedenverdieping. Met het van boven naar beneden gaan was de dag begonnen. Met de was kun je zomaar een uur bezig zijn: de droger uitruimen, inladen, de wasmachine uitladen en inladen. De was vouwen en voor iedereen sorteren, het strijkgoed strijken. Nu doe ik al die handelingen voor ik naar beneden ga, nog voor ik me ga douchen. Dat voelt toch heel anders. Voor ik beneden kom, ben ik dan allang bezig, zonder het gevoel te hebben dat de dag echt is begonnen.

Ik zou het natuurlijk net zo kunnen doen als in ons oude huis, maar dat is niet logisch. Dan is het geen vloeiende opeenvolging van handelingen meer. Zo dicteert een huis en de indeling van een huis toch ook je leven. Het is dus belangrijk dat de logistiek van je huis bij de logistiek van je leven past. Dat had ik me nooit zo gerealiseerd.    

zaterdag 8 december 2012

Mannen in de aanbieding

Ik luister graag muziek via spotify. "Ik krijg steeds vrijgezelle mannen van mijn leeftijd aangeboden op spotify", zeg ik tegen E. "Dat komt omdat je op facebook zit", zegt E. "Dan weten ze alles van je." Nou ja, niet alles, want E. wil niets met facebook te maken hebben. Dus heb ik op zijn verzoek niet vermeld dat ik met hem ben. Ook al heb ik wel stiekem een fotootje van hem tussen mijn favorieten gemoffeld. Liefst zou ik natuurlijk een heel album van hem op facebook zetten. Maar goed, ik respecteer zijn wensen- tot op zekere hoogte.

En nou net omdat ik E. niet vermeld heb als mijn langjarige en zeer gewaardeerde partner, krijg ik al die mannen aangeboden. Of bieden mannen zich aan, want in de cyberspace ben ik een ongebonden vrouw. Ik kreeg al eerder internationale aanbiedingen van mannen die me rechtstreeks benaderen op facebook. Puur op basis van mijn fotootje weten ze namelijk dat ik reuzecharmant en echt relatiemateriaal ben. Maar dat zijn mannen die facebook gebruiken om te daten.

De mannen die op spotify voorbij komen hebben zich ingeschreven bij Lexa.nl. Het is reclame. En het blijft maar doorgaan. Ik moet mijn uiterste best doen om er niet even op te klikken, gewoon uit nieuwsgierigheid. Ik hou me in, want als ik klik, dan zijn de rapen natuurlijk helemaal gaar. Dan zouden de gewillige vrijgezellen uit de omgeving me om de oren vliegen. "Neem nou Diederik bijvoorbeeld", zeg ik tegen E. "Die lijkt op George Clooney." Alleen heeft Diederik, anders dan George, een getrimd baardje. Niet echt mijn ding. En hij heeft ook wel een obsceen dichte haarinplant. Zou dat wel echt zijn? Heeft een echte kerel in mijn leeftijdscategorie niet een licht wijkende haargrens? Het is duidelijk dat E. voor mij de norm is. Dan is er verder Robert. Die lijkt me veel jonger en bovendien een beetje angstig. Hij kijkt als een in het licht gevangen konijn in de camera. Er is niets voor mij bij. Maar goed, dat hoeft ook niet, want ook al vind je er op facebook geen directe sporen van, in real life ben ik geen ongebonden vrouw.

Wat ik luister op spotify? Dit is nu mijn favoriet: Passenger, Let her go.

  

vrijdag 7 december 2012

Missie herstel

De afgelopen week was ik ziek. Aanvankelijk leek het een gewone verkoudheid, maar in plaats van beter voelde ik me iedere dag slechter. Tot vandaag dan. Ik kan nog niet zeggen dat ik beter ben, maar het gaat voor het eerst beter. Wat doe je dan als je je niet goed voelt? Beetje lezen, stomen, veel slapen, stomen, beetje tv kijken, stomen en veel hangen en stomen natuurlijk. Het zijn doelloze dagen. Niet dat ik geen doel heb: ik wil weer beter worden. Meestal is het doel om in mijn vrije tijd ziek te zijn, zodat ik gewoon weer aan het werk kan. Dat is zolang ik me kan herinneren al zo geweest. Ik word ziek in het weekend en in de vakanties. Ik wil namelijk niets missen. Zo ging het al toen ik op school zat en zo gaat het nog steeds. Op een enkele uitzondering na. Zoals nu dus.

Vorige week vrijdagmiddag kwam ik redelijk beroerd terug van het werk. En eigenlijk voelde ik me donderdag ook al geradbraakt. En woensdag was ook al geen topdag. Maar ik kon het nog net redden tot het weekend. Vrijdag was het thuis tijd voor overgave. En ook zaterdag en zondag heb ik me de hele dag overgegeven aan de ziekte met het goede doel voor ogen: maandag weer aan het werk. In de loop van de zondag moest ik het echter onder ogen zien: dat zat er echt niet in. "Daar baal ik van", zeg ik tegen E. "Ik stevende weer af op geen ziektedagen in 2012." Maandagmorgen bel ik de baas om te zeggen dat ik die dag niet kom: "Morgen misschien weer", hijg ik in de telefoon. Maar in de loop van de maandag wordt het duidelijk dat dat ook een te ambitieus plan is. Ik voel me bijzonder beroerd. Dus dinsdag geef ik me dan ook maar gewonnen. Ik stuur nog wat mails uit van zaken die niet langer kunnen blijven liggen en dan leg ik me er maar weer bij neer, letterlijk en figuurlijk. Woensdag is mijn vrije dag. Dat geeft me weer een dag respijt: even ziek zijn in eigen tijd en dan zal ik donderdag toch zeker wel weer aan het werk kunnen? Als ik woensdagmorgen wakker word, heb ik een dik en pijnlijk oog. Dit gaat zeker nog niet met sprongen vooruit. Alle bacteriën die mij anders niet raken springen er bovenop nu ik in verzwakte toestand ben. Ontstoken ogen, opstandige darmbacteriën, noem maar op.

Het rode oog zwelt aan op donderdag. Vanmorgen zegt E.: "Volgens mij is het nog dikker dan gisteren". Daar knap je niet van op. Toch zijn er ook opstekers: gisteravond voelde ik me toch weer wat meer mezelf. En vandaag? Ik voel me nog niet top, maar ik heb nog twee dagen om naar mijn doel toe te werken: maandag weer aan het werk. (En wat natuurlijk helpt: net even bij de bouw geweest. De kozijnen zijn geplaatst!)