maandag 28 februari 2011

Is dat easy of is dat makkelijk?



"Zo moet je niet zitten hoor, dan krijg je RSI", zeg ik tegen de oudste. Ze heeft haar handen in een vreemde hoek staan, terwijl ze in een zeer onnatuurlijke positie ligt te laptoppen. Sinds mijn
werkplekonderzoek heb ik extra veel aandacht voor dit soort zaken. En zo is het natuurlijk ook precies bedoeld; dat noem je dan bewustwording. "Anders zit ik voor de televisie", zegt ze. Tja, dat kunnen we natuurlijk niet hebben, dan liever een RSI. De jongste doet ook nog een duit in het zakje. Ze gaat naar boven en haalt haar onmisbare handboek Zo doe je dat. Ze zoekt en vindt een hoofdstukje over de juiste houding. Polsen recht, de onderarm ondersteund door een armleuning en een minimum aan spierspanning op het bovenlichaam. Zo doe je dat dus. Boezemvriendin zou zeggen: "Is dat easy of is dat makkelijk?"

In de praktijk valt dat nog helemaal niet mee. Het is nou zo'n anderhalf week geleden dat ik zelf een werkplekonderzoek had en sindsdien zit ik op een aangepaste stoel. De rugleuning is los gezet. Daar zag ik eerst nogal tegenop, maar dat gaat prima. Ik beweeg mijn bovenlichaam veel meer dan eerder. Laatst zat ik achterovergezakt te typen. "Ik kan me niet voorstellen dat dat de bedoeling is", zegt boezemvriendin. En ze heeft gelijk, dat is natuurlijk niet de bedoeling. Waar ik het meest aan moet wennen -en dat had ik helemaal niet verwacht- zijn de armleuningen. Ik heb spierpijn in mijn bovenarmen, omdat ik me afzet op de leuning. Dat vraagt nog enige oefening.

De illustraties op mijn blog zijn afkomstig van Boomerang Cards.  Hier vind je deze.

zondag 27 februari 2011

Niet meer hetzelfde


De zondagavond zal niet meer hetzelfde zijn. Volgende week zit ik hier verweesd op de bank, met niets dan het kale besef dat het weekend voorbij is. Boer zoekt vrouw zit er namelijk op. Normaal gesproken is de vrijdag het hoogtepunt van het weekend. Ook de afgelopen weken was dat nog wel zo, maar de zondagavond kwam er toch wel heel dicht bij. Week na week steeds een stapje dichterbij de climax: de juiste vrouw voor de boer. Onderweg mooie momenten, maar ook pijnlijke en tenenkrommende intermezzo's. Ik had duidelijke denkbeelden over welke vrouwen de juiste vrouw voor de verschillende boeren zouden zijn. Dat Gijsbert voor Femke moest gaan was voor mij duidelijk. En ook bij Annemiek en Richard was het duidelijk. Behalve bij Frank werd ik verrast. Ik had gedacht dat hij niet op Anita zou willen wachten, maar dat deed hij wel. Vorige week zagen we al bij wie de chemie aanwezig was en bij wie niet. Dat Marcel voor Ksenia zou gaan was allang duidelijk, maar Ksenia liet Marcel in de kou staan. En vorige week werd duidelijk dat Adriaan en Annemarie ook geen match waren. Sneu en pijnlijk om te zien, ik had hen ook een vrouw en man gegund. Het verhaal gaat verder natuurlijk, maar wij kijken niet meer mee. Ik val in een zwart gat.

vrijdag 25 februari 2011

Magische wortel



Ik neem iedere dag twee winterwortels mee naar het werk. Dat doe ik al jaren. Liever dan een appel, sinaasappel, banaan of mandarijn, eet ik een wortel. Met name de bite van de wortel staat me aan. Fruit is me al snel te zacht.

Vanmorgen zit ik alleen in het kantoor. Boezemvriendin viert deze week namelijk krokusvakantie in Berlijn. Al starend naar het beeldscherm, grijp ik op het aangewezen wortelmoment -zo rond een uur of tien- naar een winterwortel. NIets wijst erop dat dit een ander wortelmoment zal zijn dan gebruikelijk. Tot ik opeens het laatste stukje wortel verlies. Ik voel het vallen, probeer het nog met een hand op te vangen, maar het lukt niet. Ik schuif naar achteren om te zien waar de wortel is gebleven. Als ik de wortel niet direct zie, spreid ik mijn armen. Misschien is het blijven hangen in de plooien van mijn zwarte vest. Maar nee, geen wortelresten in mijn vest. Het shirt dat ik vandaag draag heeft een vallende halslijn en biedt dus ook ruimte voor een verdwijnende wortel.

De deur van het kantoor staat open, maar er is vandaag toch bijna niemand aanwezig, dus ik kijk even bij mijn shirt in. Geen spoor van de wortel, niet in mijn shirt, niet in mijn bh, niet op de vloer. Verdwaasd kijk ik in het rond. Nog maar eens een dubbelcheck: vest, shirt, bh, vloer. Niets. Nergens een spoor van wortel, verdwenen in het niets. Zou het komen omdat ik deze week naar Gnomeo en Juliet ben geweest dat ik denk dat dit een magische wortel was?

De illustraties op mijn blog zijn afkomstig van Boomerang Cards.  Hier vind je deze.

woensdag 23 februari 2011

Gnomeo en Juliet


Vandaag is de laatste dag van mijn krokusvakantie. De kinderen plakken er nog een paar dagen aan vast, maar ik ga weer aan het werk. Met alle kinderen heb ik al wel een moeder-zoon/-dochtermoment gehad. Vandaag was de jongste aan de beurt. Ze wilde graag samen met mij naar de bioscoop. Na een langdurig selectieproces, kwam ze uit op de film Gnomeo en Juliet, een tuinkabouterfilm, die volgens haar met een 3D-bril moest worden bekeken. Al met al klonk het niet als iets waar ik op voorhand warm voor loop, dus voordat het zover is, lig ik even ingekakt op de bank moed te verzamelen. De jongste is druk in de weer. Als ik klaar ben om te vertrekken, komt ze opdagen met twee smokey eyes. Hoogstwaarschijnlijk heeft ze dat opgepikt uit haar favoriete handboek Zo doe je dat. Ze lijkt een beetje op Morticia uit de Addamsfamilie, maar zeker niet op iemand die op het punt staat een tuinkabouterfilm te gaan kijken. In overleg schminken we haar dan ook een beetje af. Ze doet eerst zelf een poging, maar die is enigszins halfslachtig, dus ik help haar nog even. Het diepe zwart verdwijnt, er blijft een zweempje grijs achter en de mascara natuurlijk. En zo zijn we dan klaar voor Gnomeo en Juliet. Ze heeft genoten en eerlijk is eerlijk: ik ook.

maandag 21 februari 2011

Nuttige handwerken


Vroeger deed ik nog aan nuttige handwerken. Waar ik nu met een laptop op schoot zit om te bloggen, hanteerde ik toen de breinaalden. Haken deed ik ook wel, maar toch vooral breien. De resultaten van die inspanning liggen hier nu nog ongebruikt in hoezen, toch zeker zo´n vijfentwintig jaar al. Waarom ik ze dan nog bewaar? Omdat ik me nog herinner hoeveel werk het was. En natuurlijk omdat ik me nog herinner hoe goed we er destijds uitzagen in die truien.

Vandaag haalde ik twee truien van E. uit de verpakking. Ik breide ze in de periode dat ik E. nog probeerde te imponeren met mijn huisvlijt. Anders kan ik het namelijk niet verklaren. Ik breide ze namelijk van veelkleurig dun sokkenwol met dunne naalden. Een blauwgroene met een V-hals en een roodbruine met een sjaalkraag. Als ik ze uit de hoes haal, vind ik ze qua verhouding een beetje vreemd. Ze zijn nogal breed en ook nogal kort. Met name dat laatste roept nogal wat hilariteit op. "Dat was toen natuurlijk lang genoeg", verkneutert de oudste zich, "want toen had je nog hoge broeken." En inderdaad uit die tijd stammen ze nog. Ik had ze onze zoon toebedacht, maar die meet tegenwoordig zo'n 1.95 m, dus aan hem zijn die korte truitjes niet besteed. E. past ze nog even. "Ik nam toen denk ik ook iets minder op", zegt hij als hij de kamer binnenkomt. "Zal ik ze dan maar wegdoen?", vraag ik – ik ben namelijk in een opruimerige bui. E. vindt het eigenlijk zonde. "Als je ze nou nog twintig jaar laat liggen, dan kan het wel weer", zegt de oudste "vooral die donkerblauwe." Ze vindt het nog steeds heel vermakelijk. Morgen zal ik ze weer opbergen, samen met de witte, donkerbruine en grijsbruine schapenwollen truien. Allemaal voor over een jaar of twintig, op warme truiendag.

Het boze oog is terug


E. zag het al een poosje aankomen. Vorige week hoorde ik hem het tegen onze zoon zeggen. "Het boze oog is terug." Hij doelt op mijn kritisch speurende blik op zoek naar mankementen in en om huis. En inderdaad, ik heb een aantal plekken in huis op de korrel. De hal bijvoorbeeld. Dat kan echt niet meer. Ooit sneed ik er een stuk vloerbedekking in dat we nog over hadden. De nieuwe mat die ik vorig jaar aanschafte, is eigenlijk te licht: hij verschuift voortdurend. En de kapstok, die golf, die hangt er nu al twintig jaar en die ben ik meer dan zat. Dus ja, inderdaad, ik kijk kritisch rond. Omdat ik een aantal dagen vrij ben, heb ik alle gelegenheid om bij daglicht een ander nader te beschouwen. Hoe het eruit moet gaan zien, weet ik nog niet. Dit weekend keek ik naar tegels voor de vloer. Behalve de bekende doe-het-zelf-zaken, deden de jongste en ik ook een tegelhal aan. In het opruimingsdeel van de tegelhal vond ik niets naar mijn smaak. In het duurdere deel natuurlijk wel. "100 € de vierkante meter", zegt de man van de tegelhal als ik naar een vloer met stukjes graniet wijs. "Mooi", zeg ik. De jongste is het met me eens.

zaterdag 19 februari 2011

Voor het leven getekend


Ik lees in de 101 woonideeën dat het combineren van slapen en baden in één ruimte helemaal 2011 is. In de eighties van de vorige eeuw, woonden E. en ik in een huis waar die functies ook gecombineerd waren. Dat wil zeggen: er was een blauwe plastic douchebak in de slaapkamer geplaatst. Wij kozen ervoor om niet in die slaapkamer te gaan slapen, we kozen liever de kleine slaapkamer aan de voorkant van het huis. Ons leek dat namelijk helemaal geen aangenaam idee. Natuurlijk kan het ermee te maken hebben, dat onze huisbaas die douchebak nogal onconventioneel op een houten vloer had gezet. Hij had dat gedaan zonder zich al te veel te bekommeren om rottende planken. Het vochtige klimaat in de slaapkamer zorgde ervoor dat de douchegordijnen rondom altijd sporen van schimmel vertoonden. Tijdens het douchen werden die beschimmelde douchegordijnen als twee magneten naar je lichaam gezogen. De vieze kleffigheid van die koude natte gordijnen doet me nu nog huiveren. Op de randen van de douchebak bleef het niet bij sporen van schimmel: daar groeiden heuse paddestoelen. Het romantische beeld van de combinatie van baden en slapen is dus niet aan mij besteed. Ik ben voor het leven getekend.