dinsdag 7 juli 2020

Als een te nauwe broek

met bril
Sinds zaterdag krijg je mij met bril. Ik hing er al een poosje tegenaan. Lange tijd hoefde ik voor veraf geen bril. Maar sinds een week of vier deed ik 's avonds een greep uit mijn royale collectie leesbrillen om tv te kijken. Zonder leesbril kon ik al een poosje niks. Dus tijd om naar de opticien te gaan.  

Arendsogen
Daar werd mijn vermoeden bevestigd: ook veraf heb ik nu +1. Voor het lezen een +3 en ergens ertussenin een +2. Zoals altijd lees ik de borden met veel gemak. "Je hebt echt een uitzonderlijke gezichtsscherpte", zegt de opticien. Mijn gezichtsscherpte is maar liefst 170% waar 100 % al prima is. "Je ziet bijzonder veel details", aldus de opticien. Ik heb dus arendsogen. Ik was uitstekend geschikt geweest om jager te worden. Dan had ik mijn buit ver voor andere jagers al zien bewegen. En ik zou vervolgens heel precies kunnen mikken - ervan uitgaand dat mijn hand-oog-coördinatie ook uitstekend is.

Droogdragen
Maar goed, zonder bril ook geen arendsogen. "Het liefst heb ik 1 bril voor alles", zeg ik tegen de opticien. Ik zie er wel een beetje tegenop. Maar als ik monturen mag kiezen krijg ik de smaak te pakken. Ik neem 2 mee naar huis en na een tijdje droogdragen, heb ik een sterke voorkeur voor de lichte bril. De volgende dag laat ik weten wat mijn keuze is. En zaterdag kon ik 'm halen. "Het is wel even wennen", zegt de opticien. "Je moet je focuspunt even vinden." 

Met bril 
Maandag heb ik 'm voor het eerst op naar het werk. Ik hou 'm de hele dag op. Dat meld ik trots als ik thuiskom. Het voelt aan als een prestatie, want ik voel me de hele dag Jannie met bril. Zodra ik thuis ben doe ik 'm af. Alsof het een te strakke broek is. Ook vandaag hou ik 'm de hele werkdag op. Op een klein incidentje na. Als collega D. mijn kantoor binnenkomt, zet ik gewoontegetrouw mijn bril af. Alsof het een leesbril is. En vanavond loop ik een rondje. Zonder bril. Lekker is dat toch. Maar ik ga er vast aan wennen.





zaterdag 27 juni 2020

De perfecte match

die moet je koesteren
Iedereen kent het denk ik wel: dat bloesje, die jurk, waar je geen afscheid van wilt nemen. Dat heb ik met mijn zwart gestipte bloesje. Het is het perfecte stippenbloesje: precies de juiste grootte stippen, exact de ruimte die je tussen de stippen wilt. En niet te vergeten: een heerlijk stofje. Het maakt niet uit in welke stemming ik ben, de stippenbloes kan altijd. Ik vind dat ik er altijd goed in uitzie.

Topper

Ik heb 'm nou al jaren. En het was vanaf dag 1 een topper. Het bloesje is de hele wereld over gereisd. Met mij, maar ook met mijn dochter, die 'm leende toen ze naar Soedan ging. Het viel niet mee om zo lang gescheiden te zijn van mijn lievelingsbloes, maar ik gunde mijn dochter de luxe van een 'versleten slok bezoentje'* in de hitte van Soedan. En hij stond haar ook prima bovendien.

Met liefde 

Met de jaren is het stofje zachter en zachter geworden. Het is alweer een aantal jaren geleden dat de eerste gaatjes opdoken. Maar dan repareer ik ze zo netjes mogelijk. Vanmorgen strijk ik 'm - heel voorzichtig.


Het valt niet mee

Sinds de eerste gaten erin vallen ben ik op zoek naar een goede vervanger. Ik heb al een aantal pogingen gedaan. Maar tot nu toe zonder succes. De stipjes zijn te klein of te groot, de ruimte tussen de stippen is te groot of te klein. En ook al let ik altijd goed op het materiaal, ook al is een stipje in principe altijd goed, een waardige vervanger vinden zal niet meevallen.

Een oud-collega vertelde me dat zijn vrouw vlaggetjeslijnen maakt van oude kleding. Een tweede leven voor mijn bloesje. Misschien verzacht dat het afscheid.

*versleten ruim overhemd


woensdag 17 juni 2020

Supermarktontmoeting

Het is genieten
Eerder trof ik 'm wel op feestjes. Dat was in de vorige eeuw. Hij was een paar jaar ouder dan ik en was altijd samen met zijn vriendin, nu zijn vrouw. Ik was er dan samen met E, nu mijn man. 

Tegen het lijf

Een aantal jaren geleden liep ik 'm voor het eerst weer tegen het lijf in een supermarkt even verderop. Ik herkende hem niet direct, maar toen ik het eenmaal zag was het ook niet meer te missen. Destijds was hij een krullenbol met een heel eigen humor. Je kon met hem lachen. Tegenwoordig heeft hij ook al zijn haar nog - misschien iets minder krul, spierwit, maar nog een volle bos. En je kunt nog steeds met 'm lachen.  

Coronamoe

Vanmorgen doe ik mijn wekelijkse boodschappen in de Lidl. Het is er rustig. Ik passeer hem als hij bij de kassa in de rij staat. "Moi, hou ist?", zeg ik. "'t Mout weer doan wezen", zegt hij doelend op de coronamaatregelen, "nou mout ik die lopen loaten". Hij spreekt luid, zijn stem gruizig, en hij lacht hard. 

Geil

Als ik al mijn boodschappen heb gehaald, brengt hij zijn kar terug. De zon is net door de wolken gebroken, het is vochtig warm. "Smoezeg weer nait?", zeg ik. "Joooaah, geil weer", schettert hij over de parkeerplaats. Ik schiet in de lach. "Goa doe mor gaauw noar hoes tou, dat liekt mie beter", zeg ik. Hij lacht en gromt. 

Supermarktontmoetingen. Ik ben er dol op.






dinsdag 19 mei 2020

Nice

Lang voordat het nice werd
Ik weet nog precies wanneer ik het voor het eerst hoorde. Het was in het programma First Dates en het was niet de Engelse serie. In dat geval zou het me namelijk niet opgevallen zijn. Nee, het was in de Nederlandse versie van First Dates. Twee jonge mensen wisselen hun verhaal uit en over en weer bestempelen ze dat als 'nice'. Leuk dus. Maar dat zeggen ze niet. Ze kiezen voor 'nice'. Als zoiets je opvalt, dan hoor je het ineens overal. De volgende avond hoor ik het Matthijs van Nieuwkerk zeggen bij DWDD. Dat had je toen nog. 'Nice', zegt Matthijs. Hij bedoelde ook weer 'leuk' of  'mooi'. Maar op de een of andere manier lijken die woorden ineens niet meer dezelfde zeggingskracht te hebben.

Afschuwelijk vooruitzicht

Gisteren staat mijn jongste dochter naast me. 'Nice', zegt ze. Er is al flink wat tijd verlopen tussen het moment dat ik het voor het eerst hoorde bij First Dates en gisteren. Mijn jongste is dus geen vroege volger. 'Nice' is heel gewoon geworden. En dan dringt het afgrijselijke besef tot me door: ergens in de toekomst zal ik het mij op een onbewaakt ogenblik ook laten ontvallen. Dan zal ik - zonder dat ik er erg in heb- in plaats van leuk of mooi 'nice' zeggen. Wat een afschuwelijk vooruitzicht.

woensdag 6 mei 2020

Lang leve de caracona!

Wel snel eten met warm weer!
Vroeger noemden we een cornetto een caracona. Dat was ik helemaal vergeten. Tot onze schoonzoon zei dat zijn ouders een cornetto een caracona noemen. De caracona was het meest luxe ijsje in het assortiment: een hoorntje met roomijs en chocolade met een paar nootjes. Net als de cornetto nu dus. Meestal at je geen caracona: je nam een dubbeldekker van waterijs die je doormidden kon breken. Tenminste, dat deden wij.

De caracona is terug 

Bij ons in huis is de caracona nu weer helemaal terug. In het taalgebruik en in de vriezer. Dat laatste natuurlijk omdat het het seizoen is. En in het taalgebruik omdat het een perfecte naam is. Veel beter dan cornetto.

Hoe de caracona een cornetto werd

Waarom dan toch een goede naam inruilen voor een minder goede? Waarom heeft de caracona plaatsgemaakt voor de cornetto? Zoiets gaat bij mij jeuken. Dus zoek ik het op. Ik vind de uitleg bij Verdwenen merken. Het zit namelijk zo. Unilever nam in de jaren '80 de concurrenten Caraco en Davino over. Davino staat voor De Aangenaamste Versnapering In Nijmegen en Omstreken. (Wat een verrijking van mijn algemene kennis en wat een FANTASTISCHE NAAM. Sorry voor de hoofdletters, maar het moest echt even.) Waar Caraco voor staat is onbekend, wel staat er dat het een iconisch ijsmerk is, dat zijn superijsje caracona noemde. Tot Unilever anders besloot. Het wilde zich op gebied van consumentenijs vooral richten op Ola en besloot daarom enkele jaren later de ijscollectie van Caraco uit de handel te halen. En zo werd het iconische caracona-ijsje een flauwe cornetto.

De caracona is terug

De nieuwste ontwikkeling is dat het merk Caraco nu door Unilever weer van de plank is gehaald als naam voor suikervrije ijsjes. Dat noem ik nog eens een indrukwekkend staaltje hoe help ik een iconisch ijsmerk grondig om zeep. Maar dan hadden ze natuurlijk buiten een kleine verzetshaard in de provincie Groningen gerekend. Hier in huis heeft de caracona zijn rechtmatige plek weer ingenomen.

Met dank aan mijn schoonzoon en zijn ouders.

zaterdag 4 april 2020

Vermaak in tijden van corona

Je mouten joe waiten te redden
We zitten lekker opgehokt in huis. E. zet een muziekje op. Het is onze favoriet voor een rustige zondagmorgen, This one's for him: A tribute to Guy Clark. Eentje om je echt lekker thuis bij te voelen. "Lekker muziekje pa", zegt onze zoon. "Doar kist hom wel mit geworden loaten", zegt hij tegen mij.


Fitness disco fever

We zitten in coronamodus. We maken het ons in huis zo aangenaam mogelijk. En we zoeken zoveel mogelijk bezigheden in huis. Ik maak een lijst aan op spotify voor mijn fitnessactiviteiten binnenshuis. Ik lag tot nu toe droog te sporten en dat bevalt me toch niet. Een beetje muziek erbij vind ik toch net iets fijner. Dan voelt iedere vorm van beweging natuurlijker aan. Ik kijk even op mijn overjarige minipad op spotify. Het valt me op dat ik mijn eigen afspeellijsten niet zie. Alleen die, die we gebruikt hebben voor het open huis; allemaal nummertjes met fire erin. Disco inferno kan natuurlijk op mijn lijst. Ik zoek verder op  fitnessplaylists, maar dat spreekt me eigenlijk allemaal niet aan. Onze aquarobiclerares maakt altijd fijne lijsten. Maar zo makkelijk is dat helemaal niet. Disco uit de 70's misschien, bedenk ik. Ik vind er eentje genaamd Disco fever. Die ga ik volgen.


Door de mand met Mahotella Queens

Bij de aanbevolen cd's zie ik er eentje van de Mahotella Queens. Nog nooit van gehoord, maar ik luister even. E. kijkt op. "Mahotella Queens", zeg ik "Leuk". "Ja", zegt E. "Daar heb ik gisteren ook naar geluisterd." Het blijft even stil. "Zit jij op mijn Spotify Premium?", vraagt hij. "Dat zou best kunnen", zeg ik. Ik noem nog een paar titels. En ja, ik zit inderdaad op E's spotify premium. "Ik heb je hele smaakvolle lijst overhoop gegooid met hysterische fitnessmuziek en lekkere discomuziek", zeg ik. "Doar kist die din wel weer mit geworden loaten", zegt onze zoon.

Ik kan mezelf echt heel goed vermaken. 

woensdag 1 april 2020

Even bijgepraat door Jaap

Ik geef Jaap het groene licht
Vanmorgen ben ik even weer bijgepraat door Jaap van Dissel. En de Tweede Kamer ook natuurlijk. Jaap van Dissel is de frontman van het RIVM en ik ben fan van hem. Ik kijk graag naar de tabellen en grafieken die Jaap uiterst grondig toelicht. Ik ben vandaag verheugd om te horen dat de R0 onder de 1 zit. Dat betekent dat een besmette persoon minder dan 1 ander persoon besmet. En dat hebben we nodig om de coronacrisis tot stilstand te brengen. Dat is mooi, maar we moeten voorzichtig blijven, drukt Jaap ons op het hart. Als we de maatregelen loslaten, dan kan dit ook heel snel weer oplopen.

Boodschappensurvival 


Ik ben fan van Jaap omdat hij rustig blijft -op het onderkoelde af. Hij doet niet mee aan het hijgerige gedoe, maar blijft rustig koersen. Dat hebben we nodig. Als de kamervragen aan bod komen, schakel ik de tv uit en ga ik op pad voor de wekelijkse boodschappen. En dat is in tijden van corona een heel avontuur. Ik merk dat de maatregelen hier door de lokale middenstand ook nog weer zijn aangescherpt na vorige week woensdag. Moest ik toen alleen mijn karretje ontsmetten, nu sta ik ook even in de langgerekte file om toegelaten te worden. Bij de bakker ben ik alleen en mag ik plaatsnemen in vak 1. Er mogen maar 3 mensen tegelijk in de winkel - meer laat het winkeloppervlak niet toe als je anderhalve meter afstand in acht moet nemen. Op een normale zaterdagmorgen staan we er gemakkelijk met 10+ opgehokt in de ruimte. Bij de Trekpleister loop ik keurig de eenrichtingsroute. Nergens wordt nee verkocht. Of je moet al desinfectiegel of een thermometer willen kopen. Dat gaat nu even niet.

Thuis laad ik alles weer uit. Mijn wekelijkse uitstapje zit er weer op.