zondag 15 juli 2018

Een rode kaart

voor Rijkswaterstaat
Opvoeden is kinderspel als je deze twee vuistregels hanteert.
  • Consequent zijn, en
  • Doen wat je zegt
En vooral heel heel heel veel liefde natuurlijk - maar dat gaat eigenlijk vanzelf. Voor de vuistregels moet je meer inspanningen verrichten. Ze zijn simpel, maar effectief. Ben je niet consequent, doe je niet wat je zegt, dan is het in no time chaos en destructie. Kinderen pikken dat namelijk al vanaf hun prille jaren op. Het valt niet mee om later nog weer iets recht te breien.

Basisregels 

Je zou zeggen dat dit soort eenvoudige opvoedregels ook wel zijn doorgedrongen tot de 'opvoeders' in de samenleving. Bij volwassenen werkt het namelijk net zo als bij kinderen. Ook daar geldt: als je regels stelt, voer ze dan ook consequent door en doe wat je zegt. Doe je dat niet dan krijg je chaos en destructie.

Werk aan de weg

Deze week rijd ik op een dag vijf keer langs een bordje waarop staat dat er werk aan de weg is. De afgelopen week ben ik misschien wel langs 10 van dit soort borden gereden. Als weggebruiker word ik gesommeerd om om die reden 50 of zelfs 30 kilometer te rijden. Op zich begrijpelijk: dat werk wordt immers door mensen geleverd en die willen niet ondersteboven worden gereden door weggebruikers die hun snelheid niet temperen. 

Loos alarm 

Het punt is alleen dat dit soort waarschuwingen langs de weg 9 van de 10 keer loos zijn. Op het moment dat ik er langs rij, is er letterlijk maar 1 keer echt werk aan de weg. Al de andere keren is er misschien gewerkt, maar op het moment dat ik er rij niet meer. Het logische effect is dan dat je op den duur denkt: 'Het zal wel. Ik ga hier geen 30 kilometer rijden als er toch niks gebeurt." Je neemt de borden niet meer serieus. Dat gedrag lok je uit door niet consequent te zijn en niet te doen wat je zegt.  Zo simpel is het. En dat kan tot gevaarlijke situaties leiden als er wel weer eens werk aan de weg is. 

Eenvoudige oplossing 

Inconsequent zijn, niet doen wat je zegt; het kan ongestraft. De straf is voor degene die het slachtoffer is van dit gedrag. Als je namelijk betrapt wordt terwijl je je niet aan de aangegeven snelheid houdt, dan word je daar flink voor afgestraft. En dat deugt niet vind ik. De uitlokker verdient in dit geval een rode kaart. Vooral omdat de oplossing binnen handbereik ligt. In heel veel gevallen zou het eenvoudig opgelost zijn door er een bordje onder te plaatsen: ma t/m vr van 8.00 uur tot 17.00 uur. Of voor mijn part andere tijden. Zo moeilijk is dat toch niet? 


zaterdag 30 juni 2018

Groupie van Herman

 Echt waar
"Ik begin een echte groupie van Herman te worden", zeg ik tegen E. Ik doel op Herman Sandman, columnist in het Dagblad van het Noorden. Maar dat had E. al wel in de gaten. Herman is de enige reden waarom ik mijn abonnement op het Dagblad op dit moment hou. Ik beveel Herman te pas en te onpas aan in mijn omgeving. Het grenst aan opdringerigheid. Daar ben ik me wel van bewust, maar ik kan het niet stoppen.

Lees Herman

Die morgen nog had ik mijn vader gewezen op de column van Herman. "Linksonder aan de binnenkant van het hoofdblad. Daar kun je 'm vinden", zeg ik tegen hem. "Dat moet je ook gaan lezen." Ook onze zoon moet er aan geloven. "Als jij De Graanrepubliek uit hebt, dan moet je Herman Sandman gaan lezen. Dat vind jij vast leuk." Herman schrijft namelijk ook boeken. En op het werk laat ik me ook niet onbetuigd.

Herman heeft het

Herman is melancholiek, grappig, hij relativeert zichzelf graag, doet sociaal tegen wil en dank en koestert zijn Veenkoloniale roots en zijn vrouw en kinderen. Tot op dit moment ben ik op papier nog niets tegengekomen wat ik niet leuk vind aan Herman. Ik zit regelmatig hardop te lachen als ik iets van Herman lees, maar ik word net zo vaak geraakt of aan het denken gezet. Kortom: Herman heeft het.

Herman heeft het echt

Deze week weet Herman me te raken met een column over ouder worden. Als vijftigplusser voelt hij de slijtage toeslaan als hij hardloopt. Maar hij weet ook dat dat nog niks is, omdat 'de echte klappen pas worden uitgedeeld in het tweede rondje'. "Daar zit jij nu in", zeg ik tegen mijn vader als ik 'm over deze column vertel. Om een andere column van Herman zit ik hardop te lachen. Herman vult een rijtje over zichzelf in dat je vaak in een damestijdschrift ziet. Op de vraag Waar kun je me 's nachts voor wakker maken? geven Bekende Nederlanders meestal antwoorden als Rucolapasta met dichtgeschroeide tonijn of Gestoomde kabeljauw met broccoli en sushirijst. De keuze van onze Bekende Veenkoloniaal: neuken.

Dus: lees Herman

Ik beveel niet zomaar iets aan, maar het mag duidelijk zijn: ik kan het niet laten. LEES DIE MAN!  Daar knap je echt van op. Ik blijf zijn columns lezen. Ik knip ze nog niet uit. Nog net niet.




donderdag 7 juni 2018

Weer een compleet mens

Ik heb de afgelopen dagen een traumatische ervaring gehad: ik was mijn biebpas kwijt. We gaan wekelijks naar de bieb. Mijn pas zit standaard in mijn biebtas. Dat werkt als een tierelier. Vorige week merkte ik ineens dat mijn pas niet in mijn tas zat.
De wereld ligt weer open...

En dan begint het zoeken:

  • Welke jas had ik aan - Geen jas, 
  • Had ik iets met broekzakken aan? - Daar zit het niet in. Ook niet in die, die ik niet aanhad.
  • Toch misschien in een handtas gestopt?- In geen van de handtassen die nu in de roulatie zijn. 
  • Per ongeluk in mijn werktas? - Ook niet.
  • In een boek of een tijdschrift? - Dat doe ik nooit, maar toch maar even checken. 
  • Waren we op de fiets of met de auto? -Auto, dus daar ook maar even kijken, onder de matten, in alle vakjes. Ik vind van alles, maar geen biebpas.
  • Ik ruim lades op en richt ze weer opnieuw in, maar de pas blijft onvindbaar. 
  • Maar even bij de bieb vragen dan. - Nee geen pas gevonden. "Als we iets vinden, dan sturen we het meestal op. Ik blokkeer het account maar even. Dat is dan altijd beter", aldus de bibliotheekman. "Dan kunt u thuis nog even verder zoeken."


Ondertussen houdt het zeurende gevoel aan: ik mis iets. Ik mis de onbeperkte onmiddellijke gratis toegang tot een wereld vol boeken. "Je mag wel op mijn pasje", zegt de jongste. En ook E. biedt me zijn pas aan. Maar dat is niet hetzelfde. Dat druist in tegen mijn hang naar zelfstandigheid. Ik wil mijn eigen kaart.

Gisteren valt er een envelop op de mat. "Er zit iets hards in", zegt de jongste. En het is inderdaad iets hards: het is mijn bibliotheekpas. Ik ben weer een compleet mens! Lang leve de mensen van de bibliotheek!


woensdag 6 juni 2018

Verbeelding brengt je overal

Onze oudste is graag op reis. Vorig jaar zat ze een aantal maanden in Sudan. Nu zit ze voor een tijdje in Nepal. Om ons een beetje op de hoogte te houden, heeft ze een account aangemaakt in polarsteps. Polarsteps is een app waarin je je reizen bijhoudt en waar je foto's en reisverslagen kunt opnemen. Zelf heb ik ook een account aangemaakt om te kunnen reageren op haar berichten. Iedere dag kijk ik even of ze weer nieuwe stappen heeft gezet. Vanmorgen doe ik dat ook. Geen nieuws. Ze zal wel druk aan de studie zijn.

Vandaag staat er ook een melding voor mij in mijn app. 'Voeg je afgeronde reizen toe' staat er. En dat snap ik wel: mijn polarsteps account is een vrij sneu gebeuren. Ik heb 0 volgers (logisch - er gebeurt niks) en ik volg er maar 1 (mijn dochter). En dat is nog niet alles. Ik zal het sneue rijtje even afmaken:

You've seen: 
0 countries
0% of the world

Continents visited:
-

Flags collected: 
-

Total sum of everythingness (een briljante zin; die hou ik erin)
0 days
0 hours
0 seconds
0 trips
0 kilometers
0 likes
0 steps

Kortom ik ben een 0 op polarsteps. De enige plaats die terug te vinden is in mijn polarsteps account is mijn woonplaats Sappemeer.

Daarmee steek ik schril af bij mijn dochter die in de 33 dagen dat ze nu weg is al 8842 kilometers heeft gereisd en 35 stappen heeft gezet. Ze heeft onderweg 4 landen bezocht en 2 continenten bereisd. Alleen al in deze ene trip heeft ze 2%  van de wereld gezien. Dat is toch geweldig!

Toch ligt de wereld ook open voor een 0 op polarsteps. Ik lees, ik heb een creatieve geest, een laptop en een kleurentelevisie. Dat bij elkaar brengt me waar ik wil. De denkbeeldige kilometers die ik dagelijks afleg zijn niet te tellen. Allemaal vanuit de geliefde thuisbasis Sappemeer.

Ook deze illustratie is een boomerang card

zondag 22 april 2018

ID - nee

of is mijn bankpasje ook goed? 
Je hebt van die mensen die met gemak een ontbijtje overslaan. Zo eentje ben ik er niet. Laatst moest ik bloed prikken en daarvoor moest ik nuchter zijn. Dus moest ik mijn ontbijt uitstellen. Ik haast me naar het lokale bloedprikpunt. Dat gaat niet vanzelf, want ik vergeet bijna het papier waarop staat waar het bloed op moet worden onderzocht. Ik kan nou eenmaal niet goed nadenken als ik niet heb gegeten.

Dat zal me leren...

Ik ben bij de eerste lichting, niet de eerste, maar toch mooi vooraan in de rij. Er zijn mensen die voor de deur gaan staan wachten, maar dat gaat me net iets te ver.
Het duurt even voordat ik aan de beurt ben. "ID", zegt de medewerkster van de bloedbank. "Oh", zeg ik. Daar heb ik even niet van terug."Heb ik niet bij me. Wel een bankpasje." Die heb ik altijd bij me; ik ben niet graag zonder geld op pad. Maar daar is ze niet van onder de indruk. "Nou, een volgende keer wel meenemen", zegt ze. In haar stem klinkt een milde terechtwijzing door. Ik ben geen geroutineerde bezoeker van de bloedbank. Dus ik had er niet aan gedacht. "Kan gebeuren", zegt ze. Vervolgens geeft ze me een prik waar ik nog weken last van heb. Dat zal me leren...

ID mee

Het stuit me tegen de borst dat je werkelijk voor alles je ID moet laten zien."Sinds wanneer is dat eigenlijk?", zeg ik later tegen E. "dat je voor iedere scheet die je laat je ID moet laten zien? Alsof iemand mijn papier mee zou nemen en voor mij bloed zou gaan prikken." Kijk, als het nou een dopingcontrole was geweest. Dan had ik het nog gesnapt, want dan is oplichting natuurlijk aan de orde van de dag.

Toonplicht

We weten het eigenlijk niet. Maar dan is er gelukkig altijd nog Wikipedia. En nou weet ik het dus wel.

  • Tot de Tweede Wereldoorlog kenden we in Nederland geen identificatieplicht. Dat was nog ruim voor mijn tijd. 
  • In 1940 wees de regering een systeem  met identificatiebewijzen van de hand, aldus Wikipedia omdat dit in strijd met de Nederlandse tradities was. Het argument tegen de algemene identificatieplicht was, dat men daarmee zou veronderstellen dat elke inwoner een potentiële misdadiger is. Ook voor mijn tijd. 
  • We weten allemaal dat het er in de Tweede Wereldoorlog wel van is gekomen. Godzijdank voor mijn tijd. 
  • De weerstand die ik voel tegen het identificeren bleek tot 1994 in Nederland dan ook vrij universeel. Sinds juni 1994 bestond een identificatieplicht in het geval van gegronde verdenking en bij financiële transacties (de Wet op de identificatieplicht). Dit betekende dat er naar een identiteitsbewijs mocht worden gevraagd bij bijvoorbeeld vreemdelingentoezicht, verdenking van zwartrijden, toegang tot voetbalstadionsDe eerste 33 jaar van mijn leven was het dus nog niet gewoon om je overal voor te moeten identificeren. 
  • Sinds 2005 is het hek helemaal van de dam.  Burgers moeten op verzoek van een daartoe bevoegd ambtenaar een identiteitsbewijs kunnen tonen. Maar...Er is derhalve sprake van een toonplicht, de plicht tot het dragen van een identiteitsbewijs (draagplicht) staat niet in de wet. Dat doet me dan weer deugd.


woensdag 18 april 2018

Technisch onderhoud

vaker dan me lief is
Op mijn vrije dag doe ik hier allerlei klusjes in huis. De eeuwigdurende nooit ophoudende stroom wasgoed natuurlijk, het schoonmaken van de de badkamer en de toiletten, maar ook het organiseren van onderhoudsklusjes. Zo meldt onze zoon me dat de kraan van het bad het weer heeft begeven. Dat wil zeggen: het omzettingsknopje van de kraan naar de douchekop is kapot. Dat is al de tweede keer en de kraan zit er nog geen vijf jaar in. "Dat was in ons oude huis toch niet zo?", vraagt onze zoon. Nee, in ons oude huis dat straks bijna zes jaar geleden afbrandde, heb ik nooit meegemaakt dat er een kraan of een lichtknop kapot ging. Daar woonden we meer dan twintig jaar. In ons nieuwe huis is het nu al vier keer gebeurd. En dat terwijl we op materialen niet beknibbeld hebben.


Waardeloos

"Ik bel de installateur even", meld ik E. "de kraan in de douche is weer kapot." E. heeft er niets van gemerkt, maar hij gebruikt die kraan dan ook niet. "Anders moeten we maar een andere kraan nemen", zeg ik. "Dit is toch ook waardeloos". "En het was nog niet goedkoop ook volgens mij", zegt E. Ik ben er wel uit: een andere kraan erin.

Gevoelig spul

De installateur hoort me geduldig aan. Het is een palletje dat omgezet moet worden, legt hij uit. En ja, inderdaad is er anderhalf jaar geleden ook al een nieuw palletje ingekomen. "Dat is heel gevoelig spul", zegt hij. "Misschien moeten wij dan iets minder gevoelig spul hebben.", zeg ik. "Waardeloos. En het was nog niet goedkoop ook." "Nou", zegt de installateur. "het onderdeel kostte de vorige keer niks." Ik schiet in de lach. "Nou dan zal het wel iets anders zijn geweest wat duur was", zeg ik. "Dat zal het dan zijn", zegt hij. Het nieuwe palletje gaat ons nu -exclusief manuren- 21 euro kosten. Een fractie van wat een nieuwe kraan kost, verzekert hij me. Toch maar weer een palletje dan.

woensdag 21 maart 2018

Doe niet gewoon

...
Een collega van mij plaatst een link naar mijn blog Nooit meer tafeldame bij ons op het intranet. Het is een reactie op het bericht Tafeldame en tafelheer exit op ons intranet. Het ontgaat me, want ik ben een aantal dagen vrij. Collega P. wijst me erop als ik me maandag weer op het werk meld.

Tip

Als ik op mijn werkplek mijn mailbox open, vind ik er ook een 'tip' van de beheerder van ons intranet. Een tip is een persoonlijk berichtje. Hij geeft aan dat hij ook heeft gezien dat ik heb geblogd over het onderwerp. En dat dat prima is. Altijd fijn natuurlijk om met instemming van anderen bezig te zijn. Hij geeft ook aan dat van genderneutraliteitsdwang geen sprake is geweest. Hij zegt het niet expliciet, maar met genderneutraliteit heeft het blijkbaar alles te maken. Er was veel kritiek op de term tafeldame, vertelt hij verder.

Veel kritiek

Ik voel met hem mee. Als je zoals ik al meer dan 30 jaar in het communicatievak zit, dan weet je dat iedereen met alles wat je doet meekijkt en oordeelt. Als het niet goed is hoor je het en als het wel goed is hoor je het meestal niet - op een uitzondering na. De tafeldame en tafelheer zijn dus na veel kritiek verdwenen.

Nivelleren

Als iedereen meedenkt en meekijkt profiteer je van veel kennis. Dat is ook het idee achter ons intranet. Samen weet je immers meer. Dus dat is slim vanuit het oogpunt van kennis delen. Maar als het gaat om meningen, om creativiteit en originaliteit kan het ook de andere kant opslaan. Dan werkt een grote groep vaak nivellerend: doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg. En daarmee doe je iedereen tekort. Ongewoon doen levert namelijk innovatieve gedachten, creatieve vondsten en originaliteit op. Met ongewoon onderscheid je je van het gewone. En misschien nog wel belangrijker: het is ook veel leuker om niet altijd gewoon te doen. Het levert de sjeu waar ik zo dol op ben.

Jammer

De stap van tafeldame en tafelheer naar groepsbeheerder vind ik een nivellerende stap. We gaan gewoon doen met elkaar. Jammer, maar het zij zo. Ik heb het nu denk ik wel verwerkt.